nieuws

Toetsing aanbestedingen steeds strenger

bouwbreed

Het Gerechtshof in Amsterdam heeft in een recente uitspraak bepaald dat het tevoren bekendmaken van de criteria voor het beoordelen van de selectie-eisen absoluut noodzakelijk is.

Een grote gemeente had een aanbestedingsprocedure uitgeschreven voor schoonmaakdiensten. Deze procedure was gebaseerd op de Europese richtlijnen voor aanbestedingen. De aanbesteding verliep volgens de niet-openbare procedure, waarbij de aanbesteding in twee fasen verloopt.

In de eerste fase, de selectiefase, mochten alle geinteresseerde ondernemingen (er waren er 22) gegevens indienen die werden getoetst aan de selectiecriteria die de gemeente had gesteld. Alleen de inschrijvers die voldeden aan de selectiecriteria (dat bleken er 10 te zijn) werden toegelaten tot de volgende fase van de aanbesteding, de gunningfase. Pas in die fase zou de gemeente beslissen welke onderneming de opdracht verkrijgt. Maar zover is het bij deze aanbesteding niet gekomen.

De gemeente had namelijk in de eerste fase van de aanbesteding een cruciale fout gemaakt die het Hof haar zwaar aanrekent.

In de aankondiging had de gemeente correct aangegeven aan welke selectie-eisen de inschrijvende ondernemingen moesten voldoen en welke gegevens zij daarvoor moesten overleggen. Maar zij had tevoren niet aangegeven welke criteria zij zou hanteren bij de beoordeling van de geschiktheid van de ondernemingen voor toelating tot de gunningfase.

Uit de uitspraak blijkt niet om welke criteria het gaat. Te denken valt aan de wegingsfactoren voor de verschillende selectie-eisen.

Het Gerechtshof oordeelde dat de gemeente hierdoor in strijd heeft gehandeld met de aanbestedingsrichtlijn. Het belang van deze uitspraak is dat het Hof tot deze conclusie komt, terwijl de betreffende aanbestedingsrichtlijn (richtlijn nutssectoren) een dergelijke verplichting helemaal niet met zoveel woorden kent. De richtlijn bepaalt namelijk niet expliciet dat een aanbestedende dienst tevoren alle criteria die het zal hanteren voor de beoordeling van de inschrijvingen, bekend moet maken. Desondanks is het Hof van oordeel dat het noodzakelijk is om deze criteria tevoren bekend te maken.

Selectie-eisen

Volgens het Hof hebben inschrijvers alleen bij doorzichtige en kenbare geschiktheidseisen voldoende bescherming tegen willekeur van de aanbestedende dienst. Daarom ook moet de aanbestedende dienst de selectie voor de gunningfase laten plaatsvinden in overeenstemming met tevoren bekend gemaakte en objectief omschreven criteria en regels. Hierdoor kunnen de potentiele gegadigden niet alleen beoordelen of zij een kans maken om te worden geselecteerd, maar is het ook mogelijk om te beoordelen of de criteria van de aanbestedende dienst voldoende objectief zijn.

Uit deze uitspraak blijkt de noodzaak om in alle gevallen, ook als een aanbestedingsrichtlijn daar niet direct toe verplicht, de criteria voor het wegen van de selectie-eisen van tevoren bekend te maken. De gevolgen van het achterwege laten van deze tijdige bekendmaking zijn groot. De gemeente moet de lopende aanbestedingsprocedure staken en binnen een maand een volledig nieuwe aanbestedingsprocedure voeren, met volledige inachtneming van de aanbestedingsrichtlijn. Dat de gemeente door het stopzetten van de lopende procedure een aanzienlijke schade (door de gemeente begroot op f. 4 miljoen) zal gaan leiden, deed het Hof niets. De gemeente heeft deze schade immers aan zichzelf te wijten doordat zij de richtlijn niet in acht heeft genomen. Bovendien moet de gemeente een dwangsom van f. 25.000 betalen voor iedere dag of iedere keer dat zij het verbod overtreedt, tot een maximum van f. 5 miljoen!

Mr.drs. R. Mahler en mr. Ch.P.A.Th. van Goethem zijn beiden werkzaam bij Wouters Advocaten in Amsterdam, geassocieerd met Arthur Andersen Belastingadviseurs. De auteurs maken deel uit van de

Real Estate Service Group van Arthur Andersen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels