nieuws

Prive-stamrecht op boekwinst bedrijfspand geaccepteerd

bouwbreed

‘Ik ben aannemer (57 jaar) in een eenmanszaak. Over een paar jaar wil ik mijn bedrijf verkopen. Een collega-aannemer wil waarschijnlijk mijn onderneming (klanten, personeel en goodwill) overnemen. Maar hij heeft laten weten geen belangstelling voor de bedrijfswoning met loods te hebben. Dat pand (gekocht in 1979) heeft een waarde van circa f. 800.000. Het staat nog voor f. 100.000 op de balans. Moet ik straks met de fiscus bij staking van mijn bedrijf verplicht afrekenen over de boekwinst van f. 700.000?’

De hoofdregel in de wet is dat u bij beeindiging van uw onderneming de vermogensbestanddelen die achterblijven tegen de werkelijke waarde moet overhevelen naar prive. Over de waardestijging op uw bedrijfspand ( – 700.000) moet u met de fiscus in principe afrekenen tegen het bijzonder tarief inkomstenbelasting van 45%. U zou aan de fiscus f. 315.000 moeten afdragen. Dat is een flinke aanslag op uw liquiditeit. U verkoopt niets – er vindt alleen een fiscale overboeking plaats van uw zakelijk naar uw prive-vermogen.

Stamrechtvrijstelling

Misschien realiseert u bij de verkoop van uw omzet en goodwill ook nog meerwaarden. Misschien heeft u FOR opgebouwd. Over al die vermogensbestanddelen moet u met de fiscus bij staking van uw onderneming in principe afrekenen. U kunt echter via de stamrechtvrijstelling fiscale afrekening voorkomen, indien u binnen bepaalde grenzen (vrijstelling f. 770.761 ’99)in uw actieve periode geen lijfrentes heeft afgestort. (Bepaalde afgestorte lijfrentes worden in mindering gebracht op de vrijstelling).

Door tijdige structurering van uw onderneming kunt u de onderneming verkopen en het pand in prive behouden, zonder dat u over de stille reserve die in het pand zit met de fiscus moet afrekenen.

In het verleden werd bij de ondernemer die het bedrijf voortzette een stamrecht (pensioenuitkering) bedongen ter grootte van de boekwinsten die de voortzettende ondernemer daadwerkelijk overneemt. Hierbij stelde de fiscus als eis dat de overnemende ondernemer de gehele onderneming met alle daarbij behorende activa overneemt.

Maar in uw geval wilt u het bedrijfspand niet aan de voortzettende ondernemer verkopen. De vraag is nu of u als prive-persoon (u bent zelf immers de overnemende partij van het bedrijfspand van uw onderneming) bij uzelf in casus uw bv ook dat stamrecht kunt bedingen.

Beleidswijziging

Op 8 juli 1998 besliste de Hoge Raad dat een belastingplichtige ook recht heeft op lijfrenteaftrek voor de stakingswinst die was behaald met de overgang van bedrijfsvermogen naar prive-vermogen. Bovendien besliste de Hoge Raad op 26 augustus vorig jaar dat de bij de voortzettende ondernemer te bedingen lijfrente het saldo van het ingebrachte vermogen kan overtreffen.

Staatssecretaris Vermeend heeft naar aanleiding van deze twee arresten van de Hoge Raad in januari 1999 het beleid gewijzigd inzake de lijfrente die kan worden bedongen bij een overnemende rechtspersoon of natuurlijke persoon, als tegenprestatie voor de overdracht van een onderneming of een deel daarvan. De Staatssecretaris is het met de eerder genoemde beslissingen van de Hoge Raad eens en heeft een eerder besluit ingetrokken.

Omvorming naar bv

De gevolgen voor de praktijk zijn fors. Een ondernemer kan nu niet alleen als prive-persoon bij staking van zijn onderneming een stamrecht bedingen voor de boekwinst bij zichzelf. Maar ook bij inbreng van zijn onderneming in een Besloten Vennootschap (bv). Immers ook in die situatie maakt de ondernemer boekwinst. Tot nu toe kon de inbreng van de eenmanszaak in een bv op twee manieren worden uitgevoerd; geruisloos of ruisend. Bij de geruisloze methode worden de stille reserves van de eenmanszaak zonder fiscale afrekening ingebracht in de bv. De bv verplicht zich hetzelfde afschrijvingsregime (als in de eenmanszaak) voort te zetten. In uw situatie zou het bedrijfspand ( – 800.000) voor de boekwaarde van f. 100.000 worden ingebracht in de bv.

Bij de ruisende inbreng neemt de bv uw bedrijfspand over tegen de waarde in het economisch verkeer ( – 800.000). De bv gaat vervolgens over de hoge waarde afschrijven (aftrekbaar van de winst). In die situatie heeft u de keus – u kunt fiscaal afrekenen tegen 45% over de boekwaarde in het pand, of u kunt bij uw bv een stamrecht bedingen over de boekwinst ( – 700.000).

Belastingherziening

Tot voor kort hanteerde de fiscus het standpunt dat een stamrecht bij de bv alleen kon worden bedongen, indien de volledige onderneming (eenmanszaak) met alle vermogensbestanddelen (inclusief boekwinsten) wordt overgedragen aan de bv. U kunt nu bij een ruisende inbreng van een eenmanszaak in een bv een bedrijfspand in prive houden en toch gebruik maken van de stamrechtvrijstelling.

Dat is fiscaal helemaal aantrekkelijk met het oog op de verwachte belastingherziening in 2001. Vaak rust op het prive-bedrijfspand nauwelijks meer hypotheek. Stel u gaat uw prive-pand ( – 800.000) verhuren aan uw bv tegen 10% van de waarde ( – 80.000) per jaar. Vanaf het belastingjaar 2001 is het prive-bedrijfspand belast in Box 3 tegen de forfaitaire vermogensrendementsheffing van effectief 1,2% van de waarde ( – 9.600 per jaar). Alle kosten zijn niet meer fiscaal aftrekbaar. De huursom van f. 80.000 ontvangt u echter belastingvrij in prive.

Normaal ligt de omvorming van een eenmanszaak naar een bv bij staking van de onderneming niet voor de hand. Maar als u een bestemming voor uw prive-bedrijfspand kunt vinden, kan de bv (met een ruisende inbreng van de eenmanszaak) met de belastingherziening in 2001 voor de deur, aantrekkelijk zijn. Bij een ruisende inbreng kunt u met een terugwerkende kracht van drie maanden ook tussentijds omvormen naar een bv.

U kunt uw beslissing nog enkele maanden uitstellen tot het plan van de belastingherziening 2001 definitief is. De Tweede Kamer gaat zich er dit jaar over uitspreken.

Voor vragen over accountancy en belastingzaken kunt u bellen met Paul Schol, Moret Ondernemersservice Arnhem. Tel. (026) 32 09 509.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels