nieuws

Onderzoek naar paalfunderingen

bouwbreed Premium

den haag – Niemand weet nog hoeveel huizen op houten palen te maken krijgen met funderingsproblemen. De directeur van onderzoeksbureau Wareco heeft vorig jaar geschat dat 100.000 woningen in Nederland palenrot hebben. De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) verricht onderzoek.

Om een idee te krijgen van de omvang van het probleem heeft de Vereniging Nederlandse Gemeenten alle gemeenten een brief gestuurd. Daarin is ook een protocol opgenomen om vergelijkbare onderzoeksresultaten te krijgen.

Palenrot is het inmiddels ingeburgerde synoniem voor aangetaste houten funderingspalen. Het hout kan zijn aangevreten door specifieke bacterien, zoals in Haarlem en Zaanstad het geval is. Schimmels krijgen een kans als funderingspalen droog komen te staan, vooral als gevolg van wisselingen in de grondwaterstand. In onder andere Dordrecht, Schiedam, Gouda en Waddinxveen speelt dit probleem.

Tot nu toe gebruiken de funderingsbureaus verschillende meetapparatuur en zijn de resultaten niet onderling vergelijkbaar. Gevolg is dat bureaus elkaar betwisten over uitkomsten van onderzoek. Dit is bijvoorbeeld in Haarlem gebeurd. TNO heeft samen met onderzoeksbureaus een protocol ontwikkeld om aan die praktijk een eind te maken.

Het protocol regelt de manier waarop funderingsonderzoek moet worden uitgevoerd. Met de betrokken partijen wordt de ijking van de meetapparatuur onderzocht, zodat de uitkomsten in het vervolg wel vergelijkbaar zijn. Er is echter een probleem: gemeenten zijn niet verplicht het protocol te gebruiken.

De VNG roept gemeenten op voor februari aan te geven of hun woningbezitters last hebben van palenrot en of de gemeente van plan is de omvang van het probleem in kaart te brengen.

Een gemeente kan vermoeden dat er funderingsproblemen zijn als sprake is van scheefstand, scheurvorming en vervorming in gevels en bouwmuren in relatief grote zettingssnelheden.

Hoge kosten

De kosten voor een gemeente zijn lastig te schatten, waarschuwt de begeleidende brief. Per vijftig panden in een verdachte buurt is een put nodig om de omvang van het probleem te kunnen inventariseren.

Een ruwe schatting leert dat het graven van een inspectieput 2000 gulden kost. Daar bovenop komen nog de kosten van voorlichting aan de bewoners. Ook is nog geen rekening gehouden met het slaan van peilbuizen om de grondwaterstand te meten. De VNG wijst erop dat nog nergens subsidie voor bestaat en dat alle rekeningen op het bordje van de gemeente komen. De VNG zorgt ervoor dat de inventarisatie van de palenrot wordt gecoordineerd. Pas nadat de omvang van het probleem is vastgesteld, wil het ministerie van VROM serieus kijken of het iets kan doen.

Staatssecretaris Remkes huldigt het standpunt van zijn voorganger Tommel dat het in eerste instantie een probleem van de eigenaar is. Toch zullen in het kader van de bundeling van alle subsidies, een beperkt bedrag vrijkomen. Hieruit kunnen gemeenten met specifieke problemen extra geld krijgen. De bundeling van de subsidiestroom wordt pas in 2001 van kracht en het is nog de vraag of het in de praktijk ook echt zo kan werken.

Omdat het funderingsprobleem zich onder de grond afspeelt en pas na lang tijd boven de grond te zien is, steken veel partijen graag nog even de kop in het zand.

Reageer op dit artikel