nieuws

Bouwbedrijf mist kansen

bouwbreed

Het Nederlandse bouwbedrijfsleven heeft zich andermaal allerminst van zijn beste kant laten zien. Het is alweer meer dan een week geleden dat de regering boeren en tuinders in het noorden van het land een schadevergoeding beloofde vanwege alle wateroverlast. Een regeling, die nota bene door krachtig optreden van LTO Nederland – de vertegenwoordiger van alles en iedereen die in de agrarische sector werkzaam is – er nog beter is komen uit te zien dan die bij overstromingen in het zuiden van het land werd toegepast.

Wellicht heeft een enkele brancheorganisatie in de bouw met jaloerse blikken dit opmerkelijke resultaat in de land- en tuinbouwsector bezien. En toch ook gemeend over zijn leed te moeten klagen bij de rijksoverheid. Derving van inkomsten door waterschade is tenslotte niet voorbehouden aan een bedrijfstak.

Had die brancheorganisatie nog maar even beter gekeken naar hoe de agrarische sector naar buiten toe optreedt. Want in dat geval waren de verzoeken vanuit de bouw niet zo versnipperd naar de overheid toe gekomen.

De bouw heeft het aan werkgeverszijde nooit voor elkaar gekregen een club te vormen. Het Algemeen Verbond Bouwbedrijf is niet meer dan een federatief verband van acht specialistenorganisaties in de bouw. Maar wel degelijk aangewezen als behartiger van de collectieve belangen van zijn leden.

En als er iets is wat alle bedrijven – woningbouwers, kust- en oeverwerkers, bouwondernemers of werkers in de utiliteit – al maanden lang als schade ondervinden, dan is dat wateroverlast.

Als die algemene belangenbehartiger dan al niet uit zichzelf voor de totale bouwnijverheid bij de overheid aan de bel trekt, zou een lidvereniging daar op moeten wijzen. Dat is beter dan dat elke bouwclub voor zichzelf bij de overheid te rade gaat. Versnippering verkleint de kansen op succes.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels