nieuws

Nieuwe bezems…

bouwbreed Premium

De nieuwe bewindslieden van VROM hebben de afgelopen maanden in het bijzonder op hun sterk aansprekende beleidsterrein Milieu geprobeerd de bal ferm en hoog in de goede richting te schoppen. Alle verworvenheden van onze welvaartseconomie moeten eraan geloven: vliegreizen, veelkleurendrukwerk, auto’s, openhaardvuren en nu weer het zelf-klussen. Alles moet milieuvriendelijker en dat is op zich terecht, want schone grond, lucht en water blijft een streven voor de volgende generatie(s). Maar leidt hun kretologie tot resultaten?

Met geboden en verboden, die gepaard gaan met vergaande en gedetailleerde regelingen, staan aardig in de vorm van dikke boekwerken in daarvoor bestemde kasten. Regels zijn wellicht goed om politici het gevoel te geven dat men iets (!) gedaan heeft, maar omdat de talrijke regels niet meer op hun naleving te handhaven zijn, krijgen zij het effect van een papieren tijger.

Beter is dat de mentaliteit van mensen en bedrijven wijzigt en dat is onder meer te bereiken door dat overheden hun voorbeeldfunctie daadwerkelijk uitoefenen. Dus dames en heren gezagsdragers en ambtenaren: neem wat vaker de trein of de fiets en laat de auto en het vliegtuig eens staan. Overheden kunnen met gemak hun produktie drukwerk beperken en eenvoudiger uitvoeren en hun huisvesting milieuvriendelijk bouwen en gebruiken.

Vereenvoudiging van de regelgeving leidt tot duidelijkheid en begrip bij burgers en bedrijven. Hierdoor zal naleving meer vanzelfsprekend zijn en daarmee een groot handhavingsapparaat overbodig.

De bouw is bij uitstek een bedrijfstak die flink wat rommel produceert en een omgeving met verkeers- en geluidsoverlast aardig op stelten kan zetten. De branche-organisaties voeren over dit onderwerp regelmatig overleg met overheden en andere instanties, zij sluiten hierover zelfs convenanten. Uiteindelijk zijn het de aannemer en de bouwvakker op of om de bouwplaats die voor het tegengaan van vervuiling van grond, water, lucht en geluidsoverlast moeten zorgen. Dat mogen zij zich best eens aantrekken en op goed werk op die punten mag van mij best een premie staan. Het milieu hebben wij immers slechts te leen en we mogen erop passen voor de volgende generaties.

In gebieden met veel bestaande bouw verbaas ik mij geregeld over de rommel en schade die aannemers en hun mensen aanbrengen aan straten en trottoirs. Tevens kan ik nog steeds geen begrip opbrengen voor de typen steigers die men in deze gebieden gebruikt; steigers die het gebruik van het trottoir volledig onmogelijk maken en dit geldt ook voor de hedendaagse giga-hijskranen. In echte wereldsteden waar men werkelijk grote gebouwen (ver) bouwt in bestaande gebieden bestaat een betere discipline en wellicht een effectiever toezicht om de omgeving van een bouwplek leefbaar en schoon te houden. Ons Regellandje kan daaraan een voorbeeld nemen.

Voor inspecteur van de gemeentelijke bouwtoezichtdiensten is een mooie taak weggelegd. Hoewel ik vind dat de bouwwereld dit zelf moet regelen, daar waar overheden ook opdrachtgever zijn, kan men dit ook eenvoudig zelf. De leef- en werkomgeving zal elk jaar belangrijker worden, zeker als mensen harder en korter werken.

Overigens mogen nieuwe bezems dan wel schoon vegen, maar zij leiden bij heldhaftig gebruik ook tot lelijke ‘paarse’ blaren op ongeoefende handen.

Reageer op dit artikel