nieuws

Politiek kiest en bloc voor een beter openbaar vervoer

bouwbreed Premium

De topprioriteiten van leden van de Tweede Kamer lopen niet eens zo heel sterk uiteen.

Cobouw vroeg in verband met prinsjesdag vertegenwoordigers van de vier grote partijen naar hun prioriteiten als zij tot het jaar 2010 vijftig miljard gulden ter besteding zouden krijgen. En masse kiezen de Kamerleden voor verbeteringen in het openbaar vervoer. Alleen bij de VVD scoren wegen nog net iets hoger. Bereikbaarheid lijkt daarmee het item voor deze kabinetsperiode te worden.

Gerd Leers (CDA): “Steek dat geld nu eens in het versterken van de samenhang tussen de verschillende projecten. Zonder linken te leggen, blijft het een rommeltje. Als je woningbouwlocaties ontwikkelt, hoort daar ontsluiting van wegen en openbaar vervoer bij en behoren mensen geen kilometers te reizen om hun boodschappen te doen.”

Leers zou daarnaast geld willen stoppen in openbaar vervoer, HSL en Betuwelijn (“als alle andere investeringen maar niet worden weggedrukt”), op het platteland en in de grote steden en in ruimtelijke kwaliteit.

“Maar zonder samenhang heeft investeren beslist geen enkele zin en kan dat zelfs een negatief effect hebben op de samenleving.”

Hij heeft geen goed woord over voor het regeerakkoord van dit kabinet.

“Paars II schuift nu al van alles naar het jaar 2002. Alsof het kabinet minimaal tot 2006 gaat regeren. Voor nijpende problemen de komende vier jaar houd ik echt mijn hart vast. Bij de Betuwelijn en de HSL rekent het kabinet met het grootste gemak op miljarden guldens aan privaat geld. Publiek-private samenwerking is gebruikt als toverformule. Het zal een toverbal blijken waarin ze zich lelijk verslikken. Ik voorspel dat het zo soepel niet zal verlopen en dat het Rijk toch opdraait voor die extra miljarden. Dat gaat dan ten koste van allerlei andere projecten in de infrastructuur. En dat zijn projecten die veel harder nodig zijn. Tegelijkertijd laten ze volop kansen liggen om een beetje te experimenteren. Financien heeft het maar over laaghangend fruit (relatief makkelijke publiek-private samenwerkingen, red.), maar nu valt het rot naar beneden.”

Peter van Heemst (PvdA): “Allerlei light-rail-achtige systemen, die vormen mijn eerste keuze. Een fijnmazig net dat frequent rijdt zou een goed alternatief zijn voor de automobiliteit. Die los je immers niet op door alleen maar meer wegen aan te leggen. Daar moet een goed en hoogwaardig alternatief voor komen. Op de tweede plaats wil ik geld steken in de inpassing van infrastructuur. Juist in ons drukke land moet daaraan veel worden gedaan. Niet alleen om zaken als geluidhinder aan te pakken, maar ook visueel. En tenslotte zou ik ondergronds bouwen willen ondersteunen. Ondergrondse transportsystemen zouden even vanzelfsprekend moeten zijn als bovengronds transport. In het Meerjarenprogramma Infrastructuur en Transport moet dit ook een normaal, vanzelfsprekend onderdeel worden.”

Nellie Verbugt (VVD): “De allerhoogste prioriteit krijgt bij mij het wegennet en ook openbaar vervoer is van het grootste belangrijk. Zowel de mainports als het achterland zijn moeilijk bereikbaar. Ook zal een antwoord moeten volgen op het almaar groeiende goederenvervoer. De Betuwelijn is echt niet de oplossing voor alle problemen. Met de uitbreiding van Schiphol en de Tweede Maasvlakte gaat flink wat vertimmerd worden. Maar er is ook nog heel wat nodig om centrum te worden van handel, dienstverlening en distributie. Ondergronds transport hoort daar ook bij.”

Naast infrastructuur zal de VVD geld stoppen in stadsvernieuwing.

Over de speciale minister voor het Grote Stedenbeleid is Verbugt niet al te optimistisch. “Met de komst van Van Boxtel wordt erkend dat het probleem van de steden groot is. We hebben eerder ook al een staatssecretaris gehad voor hetzelfde probleem en daar hebben we niet veel van gemerkt. Maar we zullen wel zien.”

Francine Giskes (D66): “De hoogste prioriteit heeft voor mij goed openbaar vervoer zoals Randstadrail. Daar zou fors in geinvesteerd moeten worden. Een tweede punt -het klinkt wat banaal- is investeren in fietsvoorzieningen bij stations. Een knelpunt in het openbaar vervoer is nog steeds het voor- en natransport. De fiets is daar een geschikt middel voor, maar dan moeten er wel goede voorzieningen zijn.

Als derde investering kies ik ondergronds transport, en dan uiteraard voor goederen. Dat is een uitstekende mogelijkheid om iets te doen aan de congestie problemen. Volgens mij ben ik dan wel door mijn vijftig miljard heen.”

Reageer op dit artikel