nieuws

De woning-gebonden subsidies in 1997

bouwbreed

De verdeling van de woning-gebonden subsidies is niet geschied volgens de bouwtaak van de verschillende gemeenten en regio’s, maar volgens een door VROM ingeschatte moeilijkheidsgraad, die onder meer met die taak samenhangt. Dat levert interessante verschillen op.

In het Besluit Woning-gebonden Subsidies (BWS) is vastgesteld dat de verdeling van het totale budget jaarlijks kan wijzigen. Bepaalde formules, percentages en normbedragen die deze verdeling bepalen worden daartoe jaarlijks bezien en eventueel aangepast.

Ditmaal was de reden om tot wijziging over te gaan, de conclusie uit de jongste woningbehoefteramingen dat er landelijk gezien geen behoefte meer zou zijn aan de bouw van sociale huurwoningen. Daarvoor wordt niettemin toch nog voor de komende acht jaar een budget gereserveerd voor in totaal 66.500 woningen, dit met het oog op de noodzakelijke herstructurering van wijken met ‘leefbaarheidsproblemen’.

Bovendien helpt dit om op de grote nieuwe uitleglocaties ook nog wat sociale woningen te ke bouwen. Naast nieuwbouw van woningen dient het subsidiebudget ook voor ingrijpende voorzieningen aan bestaande woningen en voor de bouw van woonwagens en standplaatsen. Er moet voor dat geld dus heel wat worden gepresteerd.

Het totale budget bedraagt voor dit jaar f. 253.437.300 verdeeld over in totaal 68 gemeenten, gewesten en regio’s. Het gemiddelde bedrag komt daarmee op f. 3.727.019,10 per rechthebbende; subsidies worden tegenwoordig met een fijn schaartje geknipt. De onderlinge verschillen zijn uiteraard nogal fors. Het kleinste bedrag gaat naar Noord- en Midden-Drenthe, waar de champagnekurken knalden vanwege een subsidie van f. 15.000. Het grootste bedrag is voor Regio Amsterdam die exclusief Almere meer dan f. 56 miljoen ontvangt. Almere, dat in de Vinex tot deze regio wordt gerekend, krijgt nog eens ruim f. 7,5 miljoen.

Grote verschillen

Op het eerste gezicht lijkt een kwart miljard gulden aan woningbouwsubsidies nog tamelijk veel, maar tegenover de bouwtaak volgens de Vinex is het echt peanuts. We laten het gebied van renovaties en woonwagens hier buiten beschouwing en bekijken het BWS-budget in het licht van de bouwtaken, die volgens de Vinex voor de provincies en de Besturen Op Niveau (BON)-gebieden zijn vastgesteld.

Die bouwtaken zijn gedefinieerd als ‘toevoeging aan de woningvoorraad’, door nieuwbouw en door verbouwing van bestaande gebouwen tot woningen, onder aftrek van de onttrekkingen aan de voorraad. Volgens de Vinex moeten er jaarlijks 85.660 woningen aan de voorraad worden toegevoegd, bij voorkeur in binnenstedelijk gebied, desnoods aan de rand daarvan. Dat zijn moeilijke, dikwijls vervuilde locaties, dus een beetje subsidie is wel eens nodig.

Als we het budget delen door de bouwtaak komt er een gemiddeld subsidiebedrag uit de bus van f. 2959 per woning. Het lijkt niet om over naar huis te schrijven, maar het aandeel van de gesubsidieerde woningen in de diverse regio’s wisselt ook nogal naar de omstandigheden. De verschillen tussen de provincies en regio’s zijn groot. Groningen, dat relatief de grootste voorraad oude woningen heeft, krijgt f. 4800 per woning, Drenthe echter slechts f. 562. De zgn. BON-regio’s, dat zijn de regio’s Twente, Arnhem/Nijmegen, Eindhoven en de vier grote steden, ontvangen gemiddeld f. 4404 per woning.

Kleine oneffenheid

Noord- en Zuid-Holland en Flevoland hebben inclusief hun BON-regio’s jaarlijks een Vinex-taak van 36.900 woningen, dat is 43 procent van het totaal. Hun aandeel in het BWS-budget bedraagt echter bijna 70 procent. Gezamenlijk hebben de zeven BON-gebieden een aandeel van 44,5 procent in de jaarlijkse totale Vinex-taak, hun aandeel in het BWS-budget bedraagt echter ruim 66 procent.

Bij een dergelijke verdeling blijft er maar weinig over voor de overige 19 Vinex-stadsgewesten, laat staan voor de restgebieden in de provincies die geen speciale aandacht krijgen in de Vinex. Blijkens bijgaande tabel is het aandeel van de provincies exclusief de grote BON-gebieden in de Vinex-bouwtaak dikwijls twee- of driemaal zo groot als hun aandeel in het BWS-budget.

In de tabel blijkt ook nog een kleine oneffenheid. Als we alle 68 gespecificeerde gemeenten, gewesten en regio’s optellen, komen we niet op het vermelde totaalbedrag van f. 253 miljoen, maar ruim f. 18 miljoen lager. Het verschil is toevallig (?) precies gelijk aan het bedrag dat aan de provincie Utrecht is toegewezen. Alle subtotalen kloppen echter, zodat we dit verschil maar aan wijs beleid zullen toeschrijven.

De bouwtaak volgens de Vinex exclusief BON en BON totaal en de verdeling van het BWS-budget 1997, in procenten van het totaal

bouwtaak BWS-

Vinex budget Groningen 0.6 1.0 Friesland 2.3 1.0 Drenthe 2.1 0.4 Overijssel 3.9 1.3 Gelderland 8.9 2.7 Utrecht 3.6 1.7 N-Holl.+ Flevo 7.1 6.6 Z-Holland 6.9 4.4 Zeeland 1.1 0.4 N-Brabant 13.4 4.6 Limburg 5.6 2.3 NL excl. BON 55.5 26.4 BON-regio’s 44.5 66.3 ** verschil 7.3 Totaal NL 100.0 100.0

Bron: VROM, Vinex en V-Bulletin nr. 1

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels