nieuws

Hiaten in wegennet hinderen vrachtverkeer

bouwbreed

Ontbrekende verbindingen tussen het Nederlandse en Duitse wegennet remmen een vlotte doorstroming van het grensoverschrijdende verkeer. Zo ontbreekt nabij Venlo een aansluiting op de Duitse A61 en nabij Roermond een verbinding met de Duitse A52. Ook de spoorweg tussen Nijmegen- Venlo, Monchengladbach en Keulen is voor verbetering vatbaar. Zolang de genoemde tekortkomingen blijven bestaan valt niet te rekenen met een groter goederenverkeer tussen Nederland en Noordrijn-Westfalen.

Hoofd ruimtelijke ordening H. Konze van het regionaal bestuur Dusseldorf legde op een bijeenkomst van de provincie Limburg uit dat een betere grensoverschrijdende infrastructuur niet alleen zegeningen biedt. Aan de ene kant zorgt de aanpak voor een grotere afzet voor de plaatselijke bedrijven en voor meer banen in transport, logistiek en distributie. Met de betere verbindingen dreigen Limburg en de regio Dusseldorf te verworden tot transitgebieden voor het vrachtvervoer wat geen enkel economisch voordeel oplevert. Nu al veroorzaakt het vervoersaanbod forse problemen, getuige de filemeldingen op de radio. Het ligt in de verwachting dat het aantal meldingen alleen maar kan oplopen. De oorzaak daarvan ligt in de concurrentie tussen de havens van Rotterdam, Antwerpen, Bremen en Hamburg. Door deze concurrentie overlappen de achterlanden elkaar. Dat leidt er weer toe dat de havenbedrijven zich moeten ontwikkelen tot schakels in wereldwijde en doorlopende transportketens. Het wegvervoer is in de visie van Konze een weinig geschikte kandidaat voor het goederentransport.

Een alternatief biedt het spoor. Het Duitse bondsverkeersministerie en de Duitse spoorwegen menen dat het bestaande net zonder problemen het toenemende intercontinentale goederenverkeer kan verwerken. Een vlotte doorvoer vergt evenwel de aanleg van een verbindingsspoor noordelijk van Arnhem via Oldenzaal/Bad Bentheim in de richting van oostelijk Duitsland en een verbinding zuidelijk van Nijmegen via Venlo, Monchengladbach en Keulen in de richting van zuidelijk Duitsland. Dusseldorf maakt zich sterk voor de verdubbeling van het traject tussen Venlo en Keulen. De Duitse spoorwegen vroegen inmiddels subsidie aan voor de planning en de exploitatie van dit trace. Een Interreg-studie moet uitsluitsel geven over de economische haalbaarheid. Is die aangetoond dan kan de bouw uiterlijk in 1998 beginnen.

IJzeren Rijn

Het regiobestuur Dusseldorf bepleit volgens Konze tevens verbetering van de spoorverbinding tussen de Antwerpse haven en het Ruhrgebied. Noordrijn-Westfalen ontvangt momenteel zo’n 822.000 ton goederen per jaar via het spoor uit Antwerpen tegen 248.000 ton uit Rotterdam. Deze gegevens maken een hergebruik van de IJzeren Rijn economisch interessant. Temeer omdat deze verbinding de afstand tussen Antwerpen en Duisburg met ruim 50 kilometer verkort. Een goederencentrum in Venlo komt niet voor in de plannen van Noordrijn-Westfalen. Wel spraken de Euregio Rijn-Maas-Noord en de regio Dusseldorf-Midden Neder-Rijn zich voor zo’n centrum uit. Het regiobestuur Dusseldorf stemt daar mee in. Het centrum bedient het gebied tussen Venlo en Duisburg en overlapt daarmee het voorgenomen Goederenverkeercentrum Duisburg-Nederrijn (GVZ DUNI). ‘Dusseldorf’ meent dat het laatst genoemde project voorrang verdient. Venlo kan evenwel aansluiting krijgen op de zogeheten goederenringbaan Rijn-Ruhr. Deze spoorringbaan bestaat vooralsnog alleen op de tekentafel.

Grenswegen wachten op werk

De infrastructuur langs de grens tussen Limburg en Noordrijn-Westfalen vergt nog heel wat werk. De betrokken nationale regeringen zien volgens gedeputeerde dr. J. Schrijen voor verkeer en vervoer van Limburg niet altijd het belang van sommige poen.

De provincie zal minister Jorritsma nog eens herinneren aan de toezegging die ze eerder aan haar collega Clement van Noordrijn-Westfalen deed. Toen liet de minister weten de aanpak van het spoortraject Nijmegen-Venlo te vervroegen zodra Duitsland het trace tussen Venlo en Keulen zou aanpakken. De grond is beschikbaar.

De benodigde procedures staan een snelle realisatie in de weg zodat het werk op zijn vroegst over vier jaar kan beginnen. Limburg bepleit eveneens een snel hergebruik van de IJzeren Rijn.

De enige directe verbinding tussen Antwerpen en Duisburg loopt over de weg via Venlo waardoor Limburg met een toenemend transitoverkeer te maken krijgt.

Met Noord-Brabant wil Limburg bezien of de IJzeren Rijn via Eindhoven en Venlo naar Duitsland kan lopen.

De aandacht voor vervoer via het water en het spoor neemt niet weg dat de vrachtwagen op afstanden tot zo’n 150 kilometer het beste transportmiddel is. Dat gegeven maakt een samenhangend hoofdwegennet van voldoende capaciteit noodzakelijk. Limburg denkt daarbij vooral aan de A73. Die moet een dwarsverbinding krijgen met de de Nederlandse A74 en de Duitse A61. In dit geval loopt de Duitse procedure voor op de Nederlandse trace/MER-studie. het gevaar dreigt dat daarmee de vaststelling van corridors aan Duitse zijde een forse invloed uitoefent op de Nederlandse tracestudies.

Limburg wil verder snel beginnen met de studie voor het doortrekken van de A52 vanaf Elmpt/Niederkruchten naar Roermond.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels