nieuws

Overcapaciteit reinigers van vuile grond neemt af

bouwbreed

Reinigingsbedrijven kampen met een overcapaciteit. Zo’n 20 tot 25 procent van de installaties staan stil. Het stortverbod voor reinigbare grond zal echter tot een groter aanbod leiden.

Grond valt volgens het Meerjarenplan gevaarlijke afvalstoffen II van VROM onder de noemer ‘reinigbaar’ wanneer de schoonmaak van licht vervuilde grond per ton minder dan f. 100 kost. Hetzelfde gebeurt wanneer de reiniging van sterk vervuilde grond minder dan f. 250 kost. Schoonmaak volgt verder wanneer de hoeveelheid reststoffen minder dan 20 procent bedraagt. Alleen wanneer het Service Centrum Grondreiniging vaststelt dat schoonmaak niet mogelijk is, mag er worden gestort.

Problemen doen zich ook voor bij vervuild straalgrit. Eenduidige normen die aangeven of dit materiaal schoon te maken is, ontbreken.

Eenmaal schoongemaakt blijkt de afzet moeilijk. Bij nuttige toepassing ondervindt het materiaal concurrentie van andere secundaire stoffen. De hoge schoonmaakkosten geven het gereinigde straalgrit een negatieve economische waarde. Schoonmaak van straalgrit gebeurt met de schuimscheidingsmethode. Waar mogelijk moet de deeltjesscheidingstechniek worden gebruikt. Een andere mogelijkheid is geimmobiliseerde nuttige toepassing. Stort kan uitsluitend wanneer de schoonmaakkosten meer dan 150 procent van het storttarief bedragen.

Teermastiek staat sinds 1994 te boek als gevaarlijk afval maar wordt niet als zodanig afgegeven en verwerkt. Jaarlijks komt 40.000 ton vrij dat voornamelijk op de stortplaats terecht komt. Onderzoek moet uitwijzen of het materiaal nuttig kan worden toegepast.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels