nieuws

Het traditionele ziekenhuis kantelt

bouwbreed

Het traditionele ziekenhuis, met tal van specialistische afdelingen gedomineerd door een beddenhuis, kantelt. Diensten worden ineengeschoven, verzorging vindt buiten de deur plaats. De gezondheidszorg gaat op in de gewone gebouwde omgeving, ook de psychiatrie en zwakzinnigenzorg. Architecten zullen nieuwe typen gebouwen moeten verzinnen, van ‘health mall’ tot flexibele zorgwoning.

Ontwerpen voor de gezondheidszorg is een vak apart. Daarom hebben architecten zich georganiseerd in een aparte studieclub, de STAGG: Stichting Architectenonderzoek Gebouwen Gezondheidszorg. Deze studieclub heeft zijn vijfentwintigjarig bestaan gisteren gevierd met een congres over ‘Zorg voor morgen’ en de publicatie van een gelijknamig boek waarin de toekomstige bouwopgave is onderzocht.

Wat de kracht is van deze selecte groep van vierenveertig bureaus is ook hun zwakte. Ze zijn zo verwikkeld met de wereld van de gezondheidszorg dat zij heel vaardig de meest ingewikkelde programma’s en financieringsproblemen kunnen oplossen. Anderzijds kunnen ze weinig kritische distantie opbrengen. De Nederlandse Patienten Consumenten Federatie vindt hen deel van het probleem. “Architecten doen zaken met opdrachtgevers, niet met patienten; dat maakt hun gebouwen zo onbewoonbaar”, schrijft drs. E. van Hoorn vanuit die invalshoek.

Vanuit een architectonische invalshoek valt te constateren dat gebouwen voor de gezondheidszorg ook nauwelijks interessant genoeg geacht worden voor aandacht in bladen, boeken of op tentoonstellingen.

Health mall

Bij haar jubileum heeft de STAGG geprobeerd deze verkokering te doorbreken. De helft van de aangesloten bureaus heeft de tijd genomen voor ontwerponderzoek. Deskundigen uit het veld, zoals dat in dat jargon heet, hebben uiteengezet hoe de gezondheidszorg zich zou kunnen ontwikkelen, en op basis daarvan hebben de architecten gefilosofeerd over de bouwkundige consequenties. Deze zijn gisteren gepresenteerd op het jubileumcongres in Rotterdam en staan summier geillustreerd in genoemd boek, tezamen met de bijdragen van de deskundigen.

Een duidelijke trend is dat zorglocaties steeds dichter bij woonlocaties komen. Ingrepen zullen plaatsvinden in kleine hoogtechnologische centra met nog maar een beperkte capaciteit aan bedden; nabehandeling kan thuis of dicht bij huis plaatsvinden. De traditionele verkokering van specialismen zal plaatsmaken voor geintegreerde zorg.

Architecten vertalen deze trend in ideeen voor een ‘health mall’, een soort winkelcentrum waar de klant kan shoppen op het brede gebied van sport, lichamelijke verzorging, paramedische verzorging en specialistische hulp. En dat alles in een ontspannen sfeer van landelijke recreatie.

Sociowoningen

In de psychiatrie zijn sociowoningen inmiddels een geaccepteerd fenomeen. Het grote instituut wordt ontmanteld, de patienten wonen zoveel mogelijk zelfstandig, vaak gewoon in de stad. Daarop voortbordurend zien de STAGG-architecten mogelijkheden voor varianten als zorghotels, zorgparken en flexibele woningen die gemakkelijk aan gewijzigde eisen voor zorg in het gezin zijn aan te passen.

Sommige studie-ontwerpen richten zich op het uiterlijk, in een poging de zorgwoningen zoveel mogelijk te laten lijken op gewone huizen. Andere studies betreffen de mogelijke functiemenging in diverse stedelijke omgevingen en stedenbouwkundige variaties.

Het abstractieniveau van deze studies is hoog. STAGG-architecten zijn nog steeds sterker in beleid, programma en proces dan in stijl, typologie en ontwerp.

‘Zorg voor morgen’. Uitg. 010. f. 39,50. ISBN 90-6450-317-6 Inl. STAGG: tel. 020-5553666.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels