nieuws

Betere marketing van Vinex-locaties noodzakelijk Bomen groeien nog tot in hemel bij Neprom

bouwbreed

De vraag naar woningen, ook wanneer de Vinex-productie in volle gang is, blijft volgens de Neprom onveranderd groot. De poontwikkelaars zien geen enkele aanwijzing dat de woningbehoefte gaat afnemen, of dat de markt zal instorten. Wel is het nodig dat het juiste product op de juiste plaats wordt neergezet. Om dit te controleren zet de Neprom samen met de Rijksplanologische Dienst (Rpd) en directoraat-generaal voor de Volkshuisvesting (DGVH) een landelijke monitoring van de Vinex-productie op touw. “VROM zal zich er bij neer moeten leggen dat de consument de markt bepaalt.”

Aldus Jacques van den Hoven, voorzitter van de Vereniging van Nederlandse Poontwikkeling Maatschappijen (Neprom) gisteren in Kasteel Oud-Wassenaar. Traditiegetrouw houdt de vereniging hier haar jaarvergadering.

In zijn jaarrede benadrukte Van den Hoven dat er beter naar de consument moet worden geluisterd. “De markt bepaalt hoeveel woningen en welke woningen er moeten worden toegevoegd. En dat wordt meer en meer bepaald door de welvaartsontwikkeling en de woonwensen van de doorstromende consument.”

Dit is volgens Van den Hoven een geheel andere benadering dan die van het ministerie van VROM die de woningbehoefte vooral bepaalt op basis van demografische en sociaal-culturele prognoses.

Vervangingswaarde

Daarmee gaat VROM in zijn visie dan ook vooral voorbij aan de economische factoren die een woningmarkt beinvloeden. Van den Hoven: “Een belangrijk deel van het nationaal vermogen zit in onroerend goed en dan met name in woningen. De netto vervangingswaarde van de woningvoorraad is in vijf jaar tijd gestegen van f. 706 miljard naar f. 945 miljard. Per saldo heeft dat geleid tot vermogensgroei bij particulieren huishoudens en tot versterking van de economische groei. Als wij het primaat van economie en consument niet daadwerkelijk erkennen en onderkennen dan hebben wij een groot probleem”, aldus Van den Hoven.

Monitoring

De monitoring zoals die momenteel door de Neprom in samenwerking met de Rijksplanologische Dienst en DGVH in de steigers wordt gezet, moet de hamvraag of de Vinex-productie wel aansluit op de vraag van de consument inzichtelijk maken. “Bijsturing op het moment dat blijkt dat het aanbod niet aansluit bij de vraag is dan mogelijk”, zegt Van den Hoven. Hij kan zich daarbij voorstellen dat er aan de opzet van Vinex-locaties gesleuteld moet worden. “Zo zal de vastgestelde dichtheid van 35 woningen per hectare op de gemiddelde Vinex-locatie niet in alle gevallen de keus van de consument zijn. Dan moet je daar toch iets aan doen.” Dat dan de prijs van de woning omhoog gaat omdat anders de exploitatie van de locatie in gevaar komt is “een logisch” gevolg. “We moeten het juiste product op de juiste plaats realiseren”, aldus de Neprom-voorzitter.

In het verlengde daarvan vroeg hij zich tevens af of de eis van dertig procent goedkoop op Vinex-locaties niet definitief van tafel moet. Zeker door het uitponden van huurwoningen door woningcorporaties wordt de goedkope koopwoningenmarkt volgens hem “al aardig afgeroomd”.

Marketing

De Neprom-leden werd verder voorgehouden de Vinex-locaties goed in de markt te zetten. “Er is veel geld geinvesteerd in de realisatie van de Vinex-locaties. We zijn nu zover dat het product aan de markt komt. En wat doen we? We meten de knelpunten en problemen breed uit op symposia, in kranten en in opinietijdschriften. De rijksoverheid stelt dat het concept achter het Vinex-beleid inmiddels alweer achterhaald is. En VROM uit openlijk zijn twijfel over de vraag of er wel behoefte is aan het product in deze omvang. Wellicht ten overvloede: dit is geen efficiente marketing.”

Neprom-leden boeken goede resultaten

De Neprom-leden hebben het in alle facetten van de bouw goed gedaan. Zo concludeert drs. M.C. Oude Veldhuis MRE, directeur van de vereniging naar aanleiding van het jaarverslag over 1996. De activiteiten van de leden liggen in het afgelopen jaar in de lijn van het algehele marktbeeld. Vorig jaar leverde de leden in totaal 15.343 woningen op. De verwachting is dat dit aantal in 1997 op een kleine 20.000 huizen uitkomt. Voor wat betreft de kantoorruimten werd door de 52 leden 382.790 m2 in aanbouw genomen. “De kantorenmarkt trekt weer iets aan maar voorzichtigheid blijft geboden”, aldus de Neprom-directeur.

De gezamenlijke Neprom-leden namen vorig jaar dertig procent minder detailhandelsruimten in aanbouw dan in het jaar daarvoor. De metrage van ruim 170.000 m2 omvat slechts de helft van hetgeen zij volgens de prognose in ’96 van plan waren.

Reageer op dit artikel