nieuws

Kabinet maakt nieuwe spelregels voor overheidsbedrijven

bouwbreed Premium

Het kabinet gaat nieuwe spelregels maken voor overheidsbedrijven die op de markt opereren. Deze regels moeten voorkomen dat er oneerlijke concurrentie optreedt tussen bedrijven in de markt en publieke bedrijven. In eerste instantie gaan die voor de rijksoverheid gelden. Met de lagere overheden moet eerst worden overlegd.

De ministers Wijers (Economische Zaken) en Sorgdrager (Justitie) komen met dit standpunt naar aanleiding van het rapport van de werkgroep markt en overheid, in de wandelgangen Commissie Cohen genoemd naar haar voorzitter prof. mr. M.J. Cohen. Deze pleit voor een normenstelsel waaraan overheidsbedrijven moeten doen als zij zich op de private markt begeven.

Bedrijven in onder meer de installatiebranche, raadgevende ingenieurs en zelfs bestratingsbedrijven hebben last van oneerlijke concurrentie van nutsbedrijven, ingenieursdiensten van gemeenten en diensten gemeentewerken die onder het mom van marktconformiteit hun overcapaciteit inzetten om geld te verdienen. Door een aantal oorzaken zijn zij in staat goedkoper op de markt te opereren dan echte bedrijven.

Cohen c.s. gaat uit van het principe ‘gelijke monniken, gelijke kappen’. Meeconcurreren door ‘organisaties met exclusieve of bijzondere marktrechten’ (OEM’s) zoals de werkgroep de overheidsbedrijven noemt, is ongewenst, omdat gelijke spelregels nauwelijks te maken zijn. Binnen een organisatie die publieke taken en marktactiviteiten in concurrentie verricht, ke volgens de werkgroep geen afdoende maatregelen worden getroffen om concurrentieverstoring te voorkomen. Ook ‘Chinese muren’ helpen niet, omdat binnen een organisatie altijd kruisverkeer zal blijven bestaan. Daarom moet er volgens de werkgroep een volledige scheiding op juridisch, organisatorisch en financieel terrein plaatsvinden tussen de publieke en de marktpoot van een overheidsbedrijf.

Slechts in vier gevallen mag er van Cohen worden afgeweken van de hoofdregel. Onder meer gaat het daarbij om het geval dat voor het uitvoeren van een overheidstaak een minimumcapaciteit nodig is aan technische productiemiddelen, wat kan leiden tot een onbenutte restcapaciteit. Echter, ook dan moeten door toepassing van gedragsregels zoveel mogelijk gelijke concurrentiecondities gelden. Daartoe moeten ook wettelijke regels worden opgesteld.

Toezichthouder

Daarnaast vindt Cohen dat overheidsbedrijven onder de wet op de vennootschapsbelasting moeten vallen als ze op de markt opereren. En er moet een onafhankelijke toezichthouder worden aangewezen die uit eigen beweging of op basis van klachten kan optreden.

Langs vier lijnen wil het kabinet nu de aanbevelingen van de werkgroep gestalte geven. In de eerste plaats zullen de spelregels van de werkgroep worden toegepast op ambtelijke diensten van een aantal ministeries waaronder de Rijksgebouwendienst, energiedistributiebedrijven, de Bank Nederlandse Gemeenten en de Waterschapsbank. De tweede lijn is doorlichting van OEM’s bij de rijksoverheid, zelfstandige bestuursorganen en overheidsbedrijven. Op basis daarvan worden spelregels opgesteld. De derde lijn is bestuurlijk overleg met VNG en Interprovinciaal Overleg om te bekijken hoe de lagere overheden ke omgaan met de aanbevelingen van Cohen. De vierde lijn is toezicht. Het kabinet wacht met het vormgeven daarvan op een rapport van een commissie die zich met die materie bezighoudt.

Het kabinet is het verder eens met Cohen dat de vennootschapsverplichting voor overheidsbedrijven moet worden ingevoerd. Aangezien dit echter kan leiden tot financiele consequenties bijvoorbeeld in de vorm van meer subsidies, wil het kabinet eerst die gevolgen bekijken alvorens een eindoordeel te geven.

Zie ook pagina 3: Overheidsbedrijven hebben marktvoordelen

Reageer op dit artikel