nieuws

Bezwaar tegen WOZ-beschikking?

bouwbreed Premium

Ik heb op 27 februari een WOZ-beschikking voor mijn woonhuis van het College van Burgemeester en Wethouders ontvangen. Hoe kan ik mijn rechten veilig stellen en wat is daarbij de procedure?

U weet dat uw gemeente in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (Wet Woz) naar de waardepeildatum 1 januari 1995 de waarde van uw woning heeft vastgesteld. De gemeente heeft u nu die waarde in een WOZ-beschikking laten weten. Als u niets doet is deze WOZ-beschikking de komende vier jaar (tot en met 2000) ‘onherroepelijk’ de basis voor de heffing van vier belastingen; Onroerende Zaakbelastingen (OZB), waterschapsomslag gebouwd eigendom, het huurwaardeforfait inkomstenbelasting en de vermogensbelasting. Uw bezwaarrecht tegen de afzonderlijke toekomstige heffingen en aanslagen van deze vier belastingen vervalt.

Daarom is het verstandig nu tot actie over te gaan. U heeft tot 6 weken na dagtekening van uw WOZ-beschikking de tijd ‘pro forma’ bezwaar aan te tekenen en uw rechten veilig te stellen. Dit is een niet-gemotiveerd bezwaarschrift, waarin u toezegt de uiteindelijke motivering zo snel mogelijk te zullen uitvoeren. In uw geval stuurt u voor 10 april 1997 uw gemeente een aangetekende brief waarin u – ter bewaring van rechten – bezwaar maakt tegen de beschikking, het taxatieverslag opvraagt en verzoekt om uitstel tot motivatie van uw bezwaar. De gemeente is wettelijk verplicht over dat taxatieverslag te beschikken en het u – op uw verzoek – te verstrekken. In dat verslag is aangegeven welke vergelijkbare ‘referentie-woningen’ voor welke prijzen rondom de waardepeildatum zijn verkocht, waarop uw WOZ-beschikking is gebaseerd. U heeft dat taxatieverslag dus nodig om te ke beoordelen of u akkoord kunt gaan met de WOZ-beschikking of niet. Schrijf daarom uw gemeente de volgende brief:

Aantekenen

College van burgemeester en wethouders

Gemeente …., Postbus ..,

(plaats en postcode)

(plaats …, … datum)

Betreft: WOZ-beschikkingnummer …,

ten name van (volledig adres)

Objectnummer: ……

Geacht College van Burgemeester en Wethouders,

Hierbij maak ik – ter bewaring van rechten – bezwaar tegen bovenvermelde waardebeschikking.

Ik verzoek u mij de taxatiegegevens van het in de waardebeschikking vermelde object te doen toekomen. In afwachting van de taxatiegegevens verzoek ik u aan mij voorlopig uitstel te verlenen van het motiveren van het onderhavige bezwaarschrift.

Vertrouwende dat u aan mijn verzoek zult voldoen,

hoogachtend,

(naam en handtekening).

Vergeet uw handtekening niet, want anders is uw bezwaar niet rechtsgeldig.

Procedure

Wat gebeurt er dan verder? De gemeente gaat de ontvangst van uw brief bevestigen, laat u weten binnen welke termijn u uw bezwaarschrift nader moet motiveren en zendt u het taxatieverslag. U gaat vervolgens de opgegeven referentiewoningen vergelijken met uw woning. Vergelijk de locatie, het grondoppervlak, de inhoud van de woning, wel of geen dakkapellen, wel of geen garage, milieukosten waar u mee te maken krijgt, bestemmingswijzigingen, aanleg van infrastructuur in de buurt, enzovoort. Alle afwijkende waardefactoren ten opzichte van de referentiewoning zet u in een brief aan de gemeente ter motivatie van uw bezwaar.

Blijkt nu achteraf dat uw WOZ-Beschikking toch redelijk klopt, dan stuurt u een brief naar de gemeente dat u uw bezwaar intrekt en alsnog akkoord gaat. Stel dat u uw bezwaren onderbouwt motiveert en de gemeente dat schriftelijk laat weten, dan zal de gemeente uw bezwaar in behandeling moeten nemen en eventueel een hertaxatie van uw woning naar de waardepeildatum 1 januari 1995 laten uitvoeren. Gewoonlijk zal hier een compromis uitkomen. Als de gemeente het bezwaar na verloop van tijd afwijst, kunt u in beroep gaan bij de belastingrechter. U zult dan inmiddels zelf over een tegentaxatie moeten beschikken.

Fictiegemeente

In circa 260 fictiegemeentes is geen WOZ-taxatie uitgevoerd. Zij mogen een afwijkende waardepeildatum van 1 januari 1992, 1993 of 1994 gebruiken. Wanneer de vastgestelde waarde van een onroerende zaak in deze gemeenten op 1 januari 1995 lager is dan op de gehanteerde waardepeildatum, dan geldt de zogenaamde ‘tegenbewijsregeling’. Als eigenaar van een onroerende zaak moet u dan de gemeente vragen de waarde te verlagen naar de waarde per 1 januari 1995. De waarde van woningen in wetsfictiegemeenten zal voor het huurwaardeforfait met een ophogingspercentage dat varieert tussen de 0% en 35% worden verhoogd.

Stel u woont in een fictiegemeente (bijv. Hengelo) en u ontvangt een WOZ-beschikking met een waarde van f. 250.000. Deze WOZ-beschikking geldt overigens voor iedere belastingplichtige pas volgend jaar (1998) voor uw aangifte inkomstenbelasting over 1997. Voor Hengelo is dat ophogingspercentage voor het huurwaardeforfait 30%. Dat werkt in uw geval als volgt uit.

WOZ-beschikking f. 250.000

Ophogingspercentage 30% f. 75.000

f. 325.000

U moet in uw aangifte over het belastingjaar 1997 over het bedrag van f. 325.000 de nieuwe huurwaardetabel toepassen.

De bijtellingspercentages bedragen voor woningen met een WOZ-waarde tot f. 25.000 = 0%; f. 25.000 tot f. 50.000 = 0,50%; f. 50.000 tot f. 100.000 = 0,75%;

f. 100.000 tot f. 150.000 = 1,00%; f. 150.000 en meer: 1,25%.

Dat komt u in Hengelo bij een woning met een WOZ-waarde van f. 325.000 op een bijtelling van 1,25% = f. 4062 te staan. In uw 50% IB-schijf betaalt u daar f. 2031 belasting over.

Voor vragen over accountancy en belastingzaken kunt u bellen met Paul Schol, Moret Ernst en Young Accountants, Arnhem. Tel. (026) 320 95 61.

Reageer op dit artikel