nieuws

Met minder geld meer te doen aan vaarwegen

bouwbreed

Voor de vaarwegen is in 1997 f. 567 miljoen beschikbaar. Dat is ruim f. 140 miljoen minder dan in 1996. Desondanks stelt Verkeer en Waterstaat meer te zullen investeren in de natte infrastructuur, zowel op de post aanleg als op het gebied van onderhoud.

Bij de aanleg van de vaarwegen draait het primair om het “faciliteren van bestaande vervoersstromen”. Dat komt neer op het opheffen en voorkomen van knelpunten op het hoofdvaarwegennet, met prioriteit voor de achterland-verbindingen. In totaal is hiervoor f. 231 miljoen beschikbaar (in 1996 nog f. 323 miljoen).

Een aantal belangrijke verkenningen wordt in 1997 afgerond: de 3de kolk Beatrixsluizen, 3de kolk Kreekraksluizen, Zeetoegang Noorzeesluizen, en Plan van Aanpak Fries-Groningse Kanalen.

In de planstudietabel worden de 2de Krabbegatsluis en een aantal poen langs de vaarweg Lemmer-Delfzijl in gebruik genomen.

In het realisatieprogramma worden afgerond de grote verbeteringswerken renovatie Noordzee- en Oranjesluizen, Twentekanalen, brugverhogingen Julianakanaal tot Born, 2de sluis Lith, en de vaarroute IJsselmeer/Ketelmeer.

Nieuw is de verdieping van de Westerschelde. De Eerste Kamer heeft uiteindelijk in juni van dit jaar ingestemd met het akkoord dat Nederland hierover met Belgie heeft gesloten. Nederland neemt onder andere de oeververdediging en het natuurherstel/ compensatiewerk voor haar rekening. Daarvoor is f. 340 miljoen aan uitgaven in de begroting opgenomen. De baggerwerken worden door de Belgen verricht.

Onderhoud

Bij het onderhoud gaat het -nog steeds- om het inlopen van de onderhoudsachterstand. Daarvoor is structureel f. 105 miljoen per jaar extra uitgetrokken in de periode na 1996. Desondanks is bezuinigd op de post onderhoud. Voor 1997 is f. 323 miljoen beschikbaar, tegen f. 372 miljoen vorig jaar. Probleem bij het onderhoud is dat er nog steeds gebrek bestaat aan voldoende stortcapaciteit voor verontreinigde baggerspecie. Daardoor is onder andere de sanering van vervuilde waterbodems vertraagd.

Alleen met de bouw van de deponie bij het Ketelmeer is begonnen. Medio 1998 is ingebruikname mogelijk. Bij het depot Hollandsch Diep is daarentegen forse vertraging opgetreden. Voordat de bouw kan beginnen (vorig jaar was nog 1997 voorzien), moet het bestemmingsplan Willemstad zijn aangepast. Dat is nog niet gebeurd. Ook moeten er vergunningen worden verleend. Maar daartegen zijn veel bezwaren ingediend. Ingebruikname zal daarom pas in 2001 mogelijk zijn. Als tussenoplossing is nu de Slufter als deponie in gebruik.

Als de nieuwe stortcapaciteit klaar is zal de sanering van de waterbodems “zo efficient mogelijk” worden opgepakt, aldus V en W. Gedacht wordt om dit werk uit te voeren aan de hand van een 10-jaren scenario waterbodems.

Zandafscheiding uit zandige baggerspecie zal op korte termijn mogelijk worden gemaakt. Gedacht wordt aan de bouw van scheidingsinstallaties bij de baggerspecie-deponies. Voor de scheiding en verwerking van niet-zandige specie vinden op dit moment praktijkproeven plaats. In de eindrapportage van het po Ontwikkeling Saneringsprocessen Waterbodems zal hier nader nader over worden bericht. De rapportage verschijnt in 1997.

Probleem bij het onderhoud is dat er nog steeds gebrek bestaat aan voldoende stortcapaciteit voor verontreinigde baggerspecie. Foto: Boskalis/Piet Mes

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels