nieuws

Gemeente moet bestaand gebied volbouwen

bouwbreed

Gemeenten komen niet zelden met een uitbreidingsplan tegemoet aan de vraag naar woonruimte. Open gebieden raken op die manier geleidelijk aan volgebouwd waardoor de ruimte in bijvoorbeeld het Groene Hart en elders in het land in de verdrukking komt. Gemeenten doen er beter aan bouwruimte te zoeken in het bestaande stedelijke gebied en ervoor te zorgen dat mensen graag in de stad willen wonen.

Het rijk kan met een hernieuwde inzet van stadsvernieuwingsgelden een belangrijke bijdrage geven aan deze ontwikkeling.

De stichting Natuur en Milieu vraagt met de milieufederaties van Noord- en Zuid-Holland, Utrecht en Flevoland en de milieu-organisaties van Amsterdam, Den Haag en Utrecht minister De Boer van VROM het Groene Hart te sparen. Het rijk moet voor de stadsvernieuwing in de naoorlogse wijken voldoende middelen beschikbaar stellen en een dusdanig beleid ontwikkelen dat de bepleite werken inderdaad tot uitvoering komen. Dat alles dient een centrale plaats te krijgen in de ‘herijking stadsvernieuwing 1997’.

Alleen poen die voorzien in verdichting en in een betere kwaliteit mogen dan voor een rijksbijdrage in aanmerking komen. Bouwen in het stedelijke gebied mag er echter niet toe leiden dat openbaar groen en volkstuinen verdwijnen.

Verdichting

Verdichting kan ook door een efficienter gebruik van de bestaande voorraad tot stand komen. Te denken valt aan een actievere bemiddeling, het bevorderen van de doorstroming en aanpassing van de voorraad door bijvoorbeeld woningsplitsing. Onder meer op die manieren kan in een fors deel van de woningbehoefte voor de periode 2005-2010 worden voorzien. Elke volkshuisvestingsregio zou zelf onderzoek moeten doen naar een beter gebruik van de voorraad en in het verlengde daarvan het stedelijke gebied aan pakken.

Een beleid dat ruimte geeft aan verdichting van de binnenstad en aan uitbreiding is bij voorbaat mislukt. Binnensteden bieden nu eenmaal minder groen dan het buitengebied waarbij bouwen in het laatste beduidend goedkoper uitvalt dan in de binnenstad.

De genoemde natuur- en milieu-organisaties vragen De Boer in de PKB Actualisering Vinex geen poen op te nemen die nieuwe verstedelijking in de hand werken.

Rijnenburg bij Utrecht die overigens niet in de Vinex voorkomt moet om die reden vrij van bebouwing blijven. De locatie breekt in het oostelijke deel van het Groene Hart in en botst met de Ecologische Hoofdstructuur zoals het Structuurschema Groene Ruimte die aangeeft. Verdichting van de binnenstad en van Leidse Rijn levert de woningen op die de plannen voor de periode 2005-2010 vragen.

Ook de locatie Grote Polder doet afbreuk aan het Groene Hart. Vervangende woningbouw zou in Haaglanden en/of Haarlemmermeer ke gebeuren. Verder komen de locaties Bollenstreek en Valkerhout in aanmerking. In het geval van Meerstad kan de extra capaciteit van Almere een alternatief voor deze locatie bieden.

Voorbarig

De actualisering van de Vinex dient voorts de verdere ontwikkeling van de zone Alphen-Leiden te beperken. Hetzelfde geldt voor het gebied tussen Papendrecht en Gorinchem en voor de Zuidplaspolder. Na 2005 wacht de Hoekse Waard verstedelijking. De genoemde organisaties noemen dat plan voorbarig. Naar verwacht heeft de Rotterdamse regio na de Vinex-periode geen behoefte aan extra locaties voor woningbouw. De regio Dordrecht moet de woningbehoefte in het bestaande gebied zien op te vangen en op de Vinex-locaties van Dordt en de Rotterdamse regio. Verstedelijking rond ‘s-Gravendeel is eveneens ongewenst omdat de aanleg van hoogwaardig openbaar vervoer uitermate kostbaar uitvalt.

De uitbreiding van Amersfoort in noordoostelijke richting verdient ook geen aanbeveling. De bouw van meer dan 10.000 woningen in Vathorst schaadt mede door het ontbreken van goed openbaar vervoer de natuur en het milieu van het gebied.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels