nieuws

Elke dag krachttraining voor aankomende steigerbouwers

bouwbreed

Het SWV Bouw-opleidingscentrum te Nuth is het eerste samenwerkingsverband in Nederland dat steigerbouwers schoolt. Tot voor kort werd dit vak in de praktijk geleerd en konden slechts ’35 B cursussen’ worden gevolgd. Omdat er steeds meer eisen worden gesteld aan steigerbouwbedrijven begon vorig jaar een tweejarige opleiding bij het Limburgse samenwerkingsverband dat nauw samenwerkt met de Stichting Vakopleiding Bouwbedrijf (SVB).

Het verschil tussen een ‘gewone’ bouwvakker en een steigerbouwer? Th. Wilken directeur van het samenwerkingsverband aarzelt een moment. “Ik wil niet zeggen, dat steigerbouwers mannetjesputters zijn, maar doorgaans zijn ze fysiek sterker gebouwd dan de doorsnee timmerman”, zegt hij.

Wilken: “Steigers bouwen is zwaar werk. De kans bestond dat sommige deelnemers daarom zouden afhaken. Ze moeten uiteindelijk de hele dag steigerpijpen omhoog krijgen en dat zijn ze niet gewend. Om te voorkomen dat sommige leerlingen met de opleiding zouden stoppen vanwege het zware werk, heb ik een lokale sportschool in de arm genomen. Gedurende vier weken krijgen ze elke dag circa anderhalf uur krachttraining. De jongens vinden het prima en het leidt tot minder problemen op het werk, daarom vind ik dat we die krachttraining er in moeten houden.”

De opleiding tot steigerbouwer begon vorig jaar bij wijze van pilotpo. De deelnemers moeten minimaal over een VBO-A diploma beschikken. Ze zijn in dienst van het samenwerkingsverband dat twee leermeesters inschakelde om hen in de praktijk te begeleiden. Daarnaast krijgen ze theorie-onderricht aan een streekschool. Alle deelnemers wonen in Zuid-Limburg. Het merendeel van de leerlingen is lange tijd zonder werk geweest. Een van hen heeft zelfs acht jaar geen baan gehad.

Aandacht

In Nuth worden negentien steigerbouwers opgeleid. Gemiddeld ligt hun leeftijd beneden de 25 jaar. Een uitzondering is een man van 37 die geruime tijd werkloos is geweest. De meeste problemen ondervinden de leerlingen bij het theoriegedeelte van de opleiding. “Ze hebben er moeite mee om een hele dag op school te zitten want het zijn doeners. De rest is ‘peanuts'”, aldus Wilken. Althans wat de uitvoering van het werk betreft. Omdat de meeste cursisten langere tijd geen werk hadden, kost het hen moeite in het werkritme te komen. Andere problemen die zich voordoen liggen bijvoorbeeld op het gebied van huisvesting en het regelen van allerlei financiele zaken. Wilken: “Je moet begrip voor hun situatie hebben en een stukje maatschappelijke begeleiding geven. Het zijn problemen die we bij schoolverlaters zelden tegenkomen, maar we houden er wel rekening mee. Mensen vragen om aandacht en die moeten ze krijgen. Zo voorkomen we dat het fout gaat.”

Hogere eisen

De opleiding in Nuth is een pilotpo, maar als het aan Wilken ligt wordt het een vast onderdeel van het onderwijsaanbod van het samenwerkingsverband. Volgens Wilken is alleen al in Zuid Limburg jaarlijks behoefte aan vijftien geschoolde steigerbouwers.

Hij verwacht dat er landelijk voldoende vraag is naar dit personeel om ook bij andere samenwerkingverbanden aankomende steigerbouwers te scholen. Wilken: “Er worden steeds hogere eisen gesteld aan steigerbouwers. De beste methode om personeel op te leiden is via het leerlingstelsel en daarom moet het niet bij een pilotpo blijven.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels