nieuws

Leerlingen krijgen meer aandacht vanwege hout

bouwbreed

Bij de bouw van een nieuwe school voor het agrarisch onderwijs te Leeuwarden doen leerlingbouwvakkers ervaring op in het werken met diverse Nederlandse houtsoorten. Het gebruik op grote schaal van (inlands) hout komt zelden voor. Daarom worden de leerlingen extra begeleid. Momenteel krijgen zes leerjongens een praktijkopleiding op dit bouwpo. In totaal werken er veertig beroepskrachten. Elke leerling krijgt begeleiding van een ervaren collega van BAM Bredero Bouw BV en wordt theoretisch geschoold op de streekschool.

In de bouw wordt nauwelijks Nederlands hout gebruikt, meldde Cobouw op 5 december 1994. Aanleiding tot het bericht was het ontwerp van de nieuwbouw voor het instituut voor agrarisch onderwijs dat toentertijd werd gepresenteerd. Bij wijze van proef wordt bij de bouw van de school uitsluitend inlands hout gebruikt.

Het idee om meer Nederlands hout te verwerken in de bouw werd in 1986 in het Meerjarenplan Bosbouw vastgelegd. Een van de problemen die zich voordoet bij het gebruik van Nederlands hout is dat Staatsbosbeheer niet gewend is aan het leveren van duurzaam hout waardoor het lang duurt voordat het produkt op de bouwplaats is. Volgens M. Roholl, poleider bij de bouw van de nieuwe school in Leeuwarden, is het vanwege de lange levertijden noodzakelijk om zeer nauwkeurig in te schatten hoeveel hout er in een bepaalde periode nodig is, omdat er anders lange wachttijden ontstaan voordat het wordt geleverd. En dit zou ke betekenen dat de bouw gedeeltelijk komt stil te liggen.

Plank voor plank

In de nieuwbouw voor het het agrarisch onderwijs worden lariks, beuken en walnoot gebruikt. Zo zijn de ramen en de kozijnen in het gebouw van lariks gemaakt, terwijl in traptreden, handleuningen en kastenwanden beuken is verwerkt.

Het op zeer grote schaal werken met hout vereist grote nauwkeurigheid. Het is ‘nieuw’ materiaal dat wordt gebruikt in plaats van bijvoorbeeld metaal, zoals aluminium. Door een gebrek aan ervaring in de verwerking van hout zijn de eigenschappen nog niet precies bekend en komen de bouwvakkers soms voor verrassingen te staan. Dit maakt het karwei zeer arbeidsintensief omdat ter plaatse moet worden bepaald hoe het hout moet worden verwerkt. Op deze bouwplaats wordt bovendien geen gebruik gemaakt van milieuvijandige materialen zoals kit of pur en ook dit maakt het werk extra arbeidsintensief.

Voor de leerlingen brengt dit voordelen met zich mee. Ze leren beter ambachtelijk te werken dan op andere bouwplaatsen. “Hier komen ze in contact met de mooie dingen van het vak”, zegt Van der Plaats. “We maken er hier meer ambachtslieden van omdat ze veel meer zelf moeten doen dan op een werk waar op grote schaal met geprefabriceerde materialen wordt gewerkt.” Doordat de begeleiding van leerlingen veel tijd kost worden de vakkrachten extra belast. Wat tot op heden overigens niet tot problemen heeft geleid”, aldus hoofduitvoerder J. van der Plaats.

Kozijnen stellen

Het Van Hall Instituut te Groningen en het AOC-Friesland uit Leeuwarden betrekken nog dit jaar een nieuwe behuizing in Leeuwarden. Die bestaat uit vijf gebouwen. De bouwhoogte varieert van drie tot vijf bouwlagen. Duurzaam en ecologisch bouwen krijgen volop de aandacht. Het po biedt goede mogelijkheden om leerlingen op te leiden vindt hoofdaannemer BAM Leeuwarden. Volgens poleider M. Roholl zijn de ervaringen zo goed dat bij vergelijkbare poen ook leerlingen worden ingezet.

Van der Plaats wijst naar de houten wanden van een van de in aanbouw zijnde kantoren van het complex. “Dat is allemaal maatwerk. Het wordt niet kant en klaar afgeleverd, zodat je het alleen maar hoeft vast te spijkeren. Daarom wordt iedere leerling begeleid door een ervaren vakman”, zegt hij. “De opdrachten die we ze geven zijn afhankelijk van de toets die ze moeten doen voor hun examen. Ze hoeven dus lang niet alleen de rotkwarweitjes op te knappen.”

Als voorbeeld noemt hij een leerling die moest leren kozijnen te stellen. De knaap kreeg vier weken praktijk begeleiding en mocht toen bij wijze van toets zelfstandig het werk uitvoeren. Daarna werd zijn werk eerst beoordeeld door de hoofduitvoerder en vervolgens nog eens door een deskundige van de Stichting Vakopleiding Bouwbedrijf (SVB). Toen ook deze tevreden was, kreeg de jongen een voldoende voor zijn examen. Overigens krijgen de leerlingen ook de mogelijkheid om andere dingen te doen. Het is dus niet zo dat ze elke dag met hetzelfde werk bezig zijn. Zo krijgen ze een beter beeld van het werk op een bouwplaats en worden hen uiteenlopende vaardigheden bijgebracht.

Op de bouwplaats in Leeuwarden krijgt ook het milieuvriendelijk bouwen veel aandacht. “We prenten het ze van het begin af aan in dat verschillende soorten afval apart moeten worden ingezameld. Na verloop van tijd zie je dan dat ze uit zichzelf het afval in de juiste container gooien”, aldus Van der Plaats.

Goed personeel

Voor de leerlingen maakt het veel verschil of ze op een kleine of een grote bouwplaats werken. Op een klein karwei worden meestal vier leerlingen door een leermeester begeleid. Bij dit po is gekozen voor een begeleider per leerling. “Dan hebben ze iemand om zich aan vast te houden”, aldus Van der Plaats.

Het nadeel van een grote bouwplaats vindt hij dat de leerlingen soms aanpassingsproblemen krijgen. Ze zijn er nog niet aan gewend om in een groep volwassen collega’s te werken. “Ik heb wel eens leerlingen gehad die zich diep ongelukkig voelden. Als je zoiets merkt, moet je het bespreken. Als ze het niet leuk vinden ke ze het beter gelijk zeggen want daarmee voorkom je problemen, zowel voor de leerlingen als voor het bedrijf.

Bij individuele begeleiding voelen ze zich minder snel verloren in de massa. Niettemin zijn enkele jongens teruggestuurd naar het samenwerkingsverband omdat ze niet voldeden.

“Leerlingen kosten op de lange duur meer aan geld en energie dan wanneer je met ervaren krachten werkt”, constateert Van der Plaats. “Niettemin is het nuttig om leerlingen bij de bouw te betrekken. Je hebt uiteindelijk toch telkens weer goed personeel nodig en door ze in de praktijk op te leiden speel je daar op in.”

Bij de bouw van het nieuwe onderkomen voor het agrarisch onderwijs te Leeuwarden is op grote schaal gebruik gemaakt van Nederlands hout.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels