nieuws

Adviesorgaan pleit voor herbezinning kabinet: RaRO aarzelend over invoering referenda

bouwbreed

Het houden van een referendum over de realisering van grote projecten zoals de Betuweroute, hogesnelheidslijn en Schiphol en omgeving werkt niet alleen vertragend maar kan ertoe leiden dat de voorbereiding minder zorgvuldig tot stand komt. Het kabinet moet daarom het invoeren van een referendum over planologische kernbeslissingen (pkb’s) nog eens zorgvuldig bekijken.

Dat schrijft de Raad voor de Ruimtelijke Ordening (RaRO) in een brief aan de ministers Dijkstal en De Boer van respectievelijk Binnenlandse Zaken en VROM.

Zoals bekend neemt het kabinet binnenkort een standpunt in over de mogelijkheid referenda te houden over planologische kernbeslissingen. Dat wordt bepaald aan de hand van een advies van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Vooral regeringspartij VVD in de persoon van minister Jorritsma is tegen. Al eerder heeft de bewindsvrouw laten weten niets te voelen voor een een volksraadpleging over grote infrastructurele poen. Daarnaast moet in haar visie een referendum alleen worden gehouden als het de huidige inspraakprocedures aanzienlijk verkort. Over de invoering van een correctief referendum voor de meeste andere wetsvoorstellen is het kabinet het wel eens.

Strijdig

Niet bekend

Regionaal

Een ander aspect dat in de visie van de RaRO niet moet worden vergeten is dat niet alle poen geschikt zijn om de bevolking landelijk te raadplegen. Bij sommige poen in pkb’s”, zo schrijft het adviesorgaan, “is de tegenstand vanwege de zich daar voordoende negatieve effecten lokaal of hooguit regionaal georienteerd. Terwijl de positieve effecten weliswaar op ruimere schaal, maar lang niet altijd op nationale schaal genoten worden. De schaal van het po is dan in feite minder geschikt voor een nationaal te organiseren correctief referendum.”

Al deze overwegingen roepen bij de RaRO grote aarzelingen op. In de brief roept de raad het kabinet dan ook op de “overwegingen nog eens zorgvuldig te bezien” en te betrekken bij de standpuntbepaling over het correctief referendum over pkb’s. De RaRO zegt zich overigens voor te ke stellen dat er eerst wat meer ervaringen worden opgedaan met het fenomeen correctieve referenda voordat een daadwerkelijk besluit wordt genomen.

Geen oordeel

In een toelichting op de brief aan de bewindslieden zegt adjunct-secretaris en plaatsvervangend algemeen secretaris van het adviesorgaan, drs. H.J. van Bemmel, nadrukkelijk dat de RaRO zich geen oordeel over het instituut referendum als zodanig heeft willen aanmatigen. Daarom heeft hij in de brief niet als groot bezwaar genoemd het feit dat het na een afwijzend referendum vaak volstrekt onduidelijk is wat er dan wel moet gebeuren. “Kijk in dit kader naar bijvoorbeeld de invloed van het referendum op de politieke besluitvorming over de stadsprovincie Rotterdam.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels