nieuws

Aanbestede bedrag eerste half jaar met zes procent toegenomen Noorden en westen zorgen voor groei in gww-sector

bouwbreed Premium

Het aanbestede bedrag in de grond-en wegenbouw is in het eerste half jaar van 1996 met zes procent toegenomen. Deze groei werd eigenlijk alleen door opdrachtgevers in de noordelijke en westelijke provincies veroorzaakt. In het oosten en zuiden daalde het bedrag aan uitgegeven werken, met respectievelijk zes en drie procent.

Dat blijkt uit de jongste gegevens van de vereniging Wegenbouw Aannemerscombinatie (WAC) in Zeist, de prijsregelende organisatie voor de gww-sector.

In het afgelopen halfjaar werd voor ruim f. 2,3 miljard aanbesteed. Een stijging met 6% ten opzichte van dezelfde periode in 1995. Het aantal uitgegeven werken daalde echter met 5%. Het aanbestede bedrag steeg vooral in het noorden (23%) en het westen (13%).

Door de overheidsopdrachtgevers werd voor f. 1,7 miljard aan werk uitgegeven, een stijging van 6%. De gemeenten waren met f. 1,1 miljard (48% van het totaal in de sector aanbestede bedrag) verreweg het belangrijkst. Het door hen aanbestede bedrag steeg met f. 149 miljoen (15%). Zij besteedden minder werken met een aanneemsom van f. 1 miljoen en hoger openbaar aan. In deze grootte-klasse werd vaker dan anders gebruik gemaakt van de onderhandse aanbesteding of enkelvoudige uitnodiging.

Doordat de meeste dringend noodzakelijke rivierdijkverzwaringen al in 1995 zijn aanbesteed liep het afgelopen halfjaar het door de waterschappen aanbestede bedrag terug tot f. 67 miljoen ( f. 52%), terwijl het aantal werken met19% daalde tot 138.

In de particuliere sector werd een kleine f. 640 miljoen besteed, wat neerkomt op een stijging van 8%.

Tot genoegen van de sector, die hier lang voor heeft gelobbyd, is het aantal openbare aanbestedingen afgenomen. De stijgende lijn van het totale aantal openbaar aanbestede werken in heel Nederland is hiermee voor het eerst sinds 1991 gedaald. In het oosten was het aantal aan van dit soort bestedingen het laagst ( – 23%). In het westen daalde het aantal werken met 6%. Het noorden en zuiden lieten nog een bescheiden toename zien van respectievelijk 3% en 1%.

Het totaalbedrag aan onderhandse aanbestedingen steeg in de eerste helft van 1996 met 2% naar f. 874,3 miljoen. Daarmee was deze aanbestedingsvorm goed voor 37% van het totaal aanbestede bedrag. De gemeenten, de belangrijkste onderhandse aanbesteders, besteedden 34% van hun werken onderhands aan, ten opzichte van 1995 een stijging van 1%.

Tot slot valt op dat, vergeleken met 1995, er in de laatste zes maanden meer onderhandse werken met een aanneemsom van f. 1 miljoen en hoger van gemeentelijke opdrachtgevers zijn vergeven dan in dezelfde periode het jaar ervoor.

Toch te laag

In een eerste reactie op de cijfers zegt secretaris J. Roovers van de Nederlandse Vereniging van Wegenbouwers gelukkig te zijn met de investeringstoename.

“Toch is het nog veel te laag als je kijkt naar de dagelijkse hoeveelheid files op de Nederlandse wegen. Dat vraagt toch eigenlijk om een echte inhaalslag.”

Roovers wijst er verder op dat over bepaalde cijfermatige ontwikkelingen nog moeilijk zeggen valt of het om trends danwel om incidenten gaat.

“Het feit dat het openbaar aanbesteden dit keer voor het eerst sinds vijf jaar terugloopt zegt nog niet zoveel. Het kan bijvoorbeeld het gevolg zijn van het geringe aantal dijkverzwaringspoen dat werd uitgegeven. Die worden immers altijd openbaar aanbesteed. Pas wanneer hier over een langere periode sprake van is, kun je spreken van een trend.”

Reageer op dit artikel