nieuws

Samenwerking lang niet makkelijk

bouwbreed

Er wordt vaak gezegd dat samenwerking tussen twee bedrijven voor beide voordelig kan zijn, omdat speciaal kleinere ondernemingen er hun debiet door ke uitbreiden en zodoende wat nadelen van hun geringe omvang wegwerken en sommige voordelen van een groter geheel behalen. Je vraagt je dan ook af waarom er niet meer bedrijven het doen en wat eventueel de problemen ke zijn wanneer ze het proberen.

Het is immers niet de vrees voor grotere werken of meer mensen in dienst, of de onmogelijkheid om zulke forsere opdrachten te verwerven. Het tamelijk zelden voorkomen van samenwerking wordt ook niet veroorzaakt door onwil of onbekendheid met het fenomeen of (zoals sommigen beweren) gewone domheid. Ondernemers met kleinere bedrijven zijn niet dom, want dan houden ze het niet uit bij de huidige felle concurrentie. En ze hebben geen principiele afkeer van samenwerking, zoals wel eens wordt gesteld. Ze zouden veel meer willen samengaan dan ze in de praktijk doen. Indien ze de dingen maar verstandiger zouden opzetten en uitvoeren.

Het is totaal anders wanneer twee ondernemingen samen iets doen dan als grotere groepen bedrijven bepaalde dingen afspreken of overeenkomen. Dan gaat het om min of meer vage begrippen die weinig of geen invloed hebben op de directe bedrijfsuitoefening. Dikwijls betreft het enkele regels van algemeen belang, die door overheden of vakgroepen worden voorgesteld. Hoewel menige ondernemer zulke regels liever zou zien afgeschaft, hebben ze weinig invloed op het bedrijfsbeleid en vormen hoogstens een gelijke kostenpost, net als de inkomstenbelasting of de btw.

Geheel anders wordt het indien twee kleine bedrijven samen aan een order werken en elkaars concurrenten zijn. Ze zitten boven op elkanders lip en vingers te kijken; er kan niets gebeuren of ze vragen zich af: betaal ik in geld of inspanning of moeite niet meer dan zij? In zeer vele gevallen zijn het niet eens in eerste instantie de twee bazen die zo twijfelen, maar een of meerdere personeelsleden. Baas, hoor je ze denken, ik van dit bedrijfje maak me drukker dan hij van de andere firma, maar we vangen hetzelfde loon. Of: ik ben een tikkeltje handiger dan die ander, maar ik zit nu eenmaal ongunstiger. Wanneer twee bedrijfjes elkaar zo dagelijks tegenkomen, is het onvermijdelijk dat het zo gaat.

Dat wil zeggen dat echte samenwerking op wat langere duur enkel kans heeft wanneer het sterk verschillende soorten werk betreft, die niet met elkaar in conflict ke komen. Samenwerken gaat het beste wanneer de mensen van beide firma’s menen: wat goed dat we elkander hebben gevonden. Geen twee metselbedrijven of twee loodgieters, want dan denkt het ene bedrijf al snel dat het andere de makkelijkste karweitje kiest en de problemen voor hem laat. De mensen van beide zaken behoren te menen dat het goed is dat de ander meedoet, want wij ke dat niet. Zo worden beide groepjes veel minder snel jaloers op elkaar en de bazen op de mogelijkheden van het kostenpakket.

Afgezien van persoonlijke kundigheden, gaan de metselaar en stukadoor beter samen, of de betonvlechter en plaatser van trappen of de schilder en de tuinman, enz. Ook al klust ieder wel eens thuis op het terrein van de collega. Bazen en personeel voelen zich zo geen concurrenten, graaien niet in dezelfde geldkist en blijven de klanten geheel verschillend tegemoet komen. Ze hebben alleen hun planning en werkzaamheden goed op elkander afgestemd en voeren ze terdege uit. Zolang de een niet van de ander kan zeggen: dat kan ik beter dat hij, verloopt samenwerking prima. Het gaat het beste als ieder voelt dat hijzelf iets niet zou klaarspelen. Wat goed dat we hen erbij hebben!

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels