nieuws

Kamer afwijzend tegenover discussiestuk locatiebeleid na 2005

bouwbreed

V en W houdt pleidooi voor openbreken Groene Hart

Het Groene Hart moet na 2005 op drie plaatsen worden opengebroken om plaats te bieden aan noodzakelijke woon- en werklocaties. Het gaat daarbij om de ruimte tussen Rotterdam en Gouda, Leiden en Alphen a/d Rijn en Utrecht en Amsterdam. Dat voorstel doet het ministerie van Verkeer en Waterstaat in zijn rapport ‘Visie op verstedelijking en mobiliteit’. PvdA en D66 hebben afwijzend gereageerd op de suggesties van V en W, VVD daarentegen is verheugd.

Met zijn rapport wil V en W een bijdrage leveren aan de discussie, die thans wordt gevoerd over de herziening van het ruimtelijk beleid. De belangrijkste vraag voor de verstedelijking van Nederland na 2005 is volgens V en W welke keuzes voor nieuwe locaties het meest gunstig zijn om op een betaalbare manier bereikbaarheid en leefbaarheid te garanderen. Dat geldt met name voor de Randstad. In dit gebied zal zich namelijk 80% van de verwachte behoefte aan nieuwe woningen, bedrijven en voorzieningen concentreren.

Primair moet volgens V en W worden vastgehouden aan de Compacte Stad-gedachte uit de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra: het bouwen in en aan bestaand stedelijk gebied moet het uitgangspunt blijven voor nieuwe verstedelijking. Probleem is echter dat op termijn de benodigde bouwlocaties voor de compacte stad, dat wil zeggen op geringe afstand van het centrum van een stadsgewest en goed ontsloten door het bestaande hoofdinfrastructuurnetwerk, uitgeput zullen raken. Nieuwe locaties zijn dus op termijn noodzakelijk.

Zoeken naar locaties

Het departement van minister Jorritsma pleit in zijn rapport voor de ontwikkeling van locaties in de buurt van bestaande infrastructuur of op plaatsen, waar in de nabije toekomst infrastructurele voorzieningen worden getroffen.

Met name moet worden gezocht naar locaties tussen de stadsgewesten die goed aansluiten aan de openbaar vervoer-assen. Een dergelijke vorm van verstedelijking dringt het autogebruik terug, heeft een positief effect op het gebruik van het openbaar vervoer en bevordert een evenwichtige belasting van de infrastructuur.

Volgens V en W mag worden verwacht dat in de Zuidvleugel van de Randstad de compacte stad-locaties het eerst zullen zijn uitgeput. Daar ligt het voor de hand om het eerst naar alternatieve locaties tussen de stadsgewesten te kijken. Vervolgens is de Noord-vleugel aan de beurt. In Noord-Brabant en Gelderland zijn ook na 2005 nog voldoende locaties voorhanden.

In concreto betekent dit volgens V en W dat primair bouwlocaties moeten worden gevonden tussen Rotterdam en Den Haag en Haarlem en Leiden, maar ook tussen Rotterdam en Gouda, Leiden en Alphen a/d Rijn en tussen Amsterdam en Utrecht. Deze laatste drie gebieden liggen in het Groene Hart.

Daarmee gaat V en W in tegen de lijn van minister De Boer van VROM. Deze heeft bij herhaling verklaard dat het Groene Hart onaangetast zal blijven, ook na 2005. Recent kreeg zij daarvoor nog de steun van een ruime meerderheid in de Tweede Kamer.

PvdA-woordvoerder Duivesteijn reageert dan ook kritisch op het rapport van V en W, temeer daar de beleidslijn van PvdA-minister De Boer wordt doorkruist. “Onaanvaardbaar”, zo noemt hij de positie die het departement van Jorritsma heeft betrokken. “Er is maar een minister verantwoordelijk voor de ruimtelijke ontwikkeling van Nederland, en dat is de minister van VROM. Met dit rapport wordt het beleid dat De Boer heeft ingezet ten aanzien van het Groene Hart doorkruist. En dat is niet aanvaardbaar.” Ook D66 is niet blij met de nota van V en W. D66-fractiewoordvoerster Versnel zei woensdag voor het Radio 1-Journaal dat Kamer en kabinet tot ver na 2000 hebben gekozen voor stedelijke bebouwing volgens het compacte stad-model. D66 ziet vooralsnog geen enkele aanleiding daarvan af te wijken, en woningbouw in het Groene Hart toe te staan.

De derde coalitiepartner, de VVD is echter “zeer verheugd” over de visie van V en W op het ruimtelijk beleid. Woordvoerder Te Veldhuis ziet hierin een bevestiging door de ambtenaren van VVD-minister Jorritsma van het beleid dat de liberalen voorstaan. De VVD is van meet af aan tegen de compacte stad-filosofie geweest. Zij zag meer in bouw op, aan en naast bestaande OV-voorzieningen.

Overigens is in de procedurevergadering van de Vaste Kamercommissie besloten het kabinet om opheldering te vragen over de nota van V en W. Dit najaar zal over de toekomst van het Groene Hart een conferentie worden gehouden. De organisatie daarvan berust bij minister De Boer.

Natuur en Milieu wijst bebouwing van het open gebied in de Randstad van de hand. Volgens woordvoerster Brunt is er geen reden het huidige beleid te verlaten. De milieuclub staat wel positief tegenover de plannen het gebied tussen Den Haag en Rotterdam voor woningbouw te bestemmen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels