nieuws

Het bewijs dat een sporthal verleidelijk kan zijn

bouwbreed

In de Haagse Schilderswijk is vorige week sportcentrum De Houtzagerij geopend. De verleidelijke verschijning fleurt de hele omgeving op. De rijksoverheid, die mooiere sportaccommodaties wil, is op haar wenken bediend. Architect Jouke Post bewijst dat het niet per definitie op ‘schurenbouw’ hoeft uit te draaien.

“Veredelde schurenbouw”. Die woorden gebruikte architect Jouke Post vijf jaar geleden als kritiek op de “ontoelaatbare” architectonische kwaliteit van de meeste sportcomplexen. Ze zijn geciteerd in het onderzoek ‘Sportaccommodaties en architectuur’ dat in opdracht van de ministeries van VROM en OCW kortgeleden is gepubliceerd. De overheid wil aan die deplorabele architectonische kwaliteit een eind maken en heeft als stimulans voor opdrachtgevers in deze sector de brochure ‘Goed in vorm’ samengesteld.

Uit het onderzoek naar die “veredelde schuren” is gebleken dat het gebrek aan kwaliteit niet op de eerste plaats een kwestie is van te weinig geld of een specifieke, ongelukkige rolverdeling in het bouwproces. De oorzaak is vooral dat de betrokkenen zo sterk gefixeerd zijn op de strenge sporttechnische eisen en op hun angst voor budgetoverschrijdingen, dat de aandacht voor de kwaliteit van het ontwerp en de rol ervan in de omgeving erbij inschiet. De aanbeveling van de rijksoverheid aan de opdrachtgevers is om de architectonische kwaliteit een minder vrijblijvend karakter te geven door voorwaarden op dat gebied in het programma van eisen op te nemen. Naast het sporttechnische advies van NOC*NSF, zou een onafhankelijk architectonisch advies ingewonnen ke worden.

De Houtzagerij in de Haagse Schilderswijk laat zien welke mogelijkheden er zijn om van een prozaische plaats voor lichamelijke oefening een verleidelijk trefpunt voor recreatie en contacten te maken.

De Houtzagerij is een complex met vele functies. Het bevat een zwembad (drie recreatiebaden en een instructiebad), krachtsportruimte, sport- en evenementenhal, tropische tuin, oosters badhuis, peuterspeelzaal en buitenterrein met een klein sportveldje. Het vervangt een provisorisch complex, ondergebracht in de hallen van een voormalige houtzagerij. Dat de nieuwe Houtzagerij zo mooi is geworden, is mogelijk terug te voeren op rivaliteit tussen wethouders. Duivesteijn zijn stadhuis van Richard Meier, ik mijn sporthal van Arato Isozaki, moet wethouder Verduyn Lunel gedacht hebben. Isozaki maakte een mooie massastudie met een dak dat richting Hobbemastraat golfde. Helaas, met teveel glas en drie keer te groot. Bij het ‘inkrimpen’ haakte Isozaki af, en even later verdween ook de wethouder van het toneel. Einde oefening.

Massastudie van Isozaki

De nieuwe wethouder Noordanus wilde de huizen ter plekke niet slopen. Een nieuwe opzet werd getekend waarbij het nieuwe complex wat vormeloos de overgeschoten hoeken en gaten zou vullen. Maar de buurtbewoners hadden blijkbaar de smaak te pakken en schakelden Jouke Post in om er (op vrijwillige basis) meer van te maken. Post had in Den Haag net naam gemaakt met een vrolijke verbouwing van de Houtrusthallen tot indoor-sportcomplex. Hij kwam met het idee om drie in de weg staande huizen te verplaatsen. Kosten: drie ton voor 72 meter. Verder hield hij vast aan Isozaki’s idee van openheid door middel van zoveel mogelijk glas en aan diens stedebouwkundige opzet, waarbij naast het langwerpige gebouw een groenstrook vrijbleef. Voor f. 22 miljoen is een en ander nu gerealiseerd. Posts vrijwilligerswerk heeft hem dus geen windeieren gelegd en de buurt gegeven wat die wilde.

En de rijksoverheid heeft het bewijs gekregen dat kwaliteit vooral een kwestie is van aandacht en overtuiging.

Afwerking van klasse

De hoofdopzet van het complex is even simpel als doeltreffend. De materiaalkeuze en detaillering ligt een klasse hoger dan bij de bekende sporthallen-als-schoenendozen.

Op een rij betonnen kolommen met gietstalen passtukken zijn negen elegant gekromde asymmetrische liggers geplaatst. Deze krachtige reeks wordt afgesloten door een apart bouwblokje met daarin de peuterspeelzaal aan de kant van de binnentuin, en de Hammam (oosters badhuis) aan de Rubensstraat.

Onder de korte zijde van de asymmetrische liggers zijn de sobere, kleine kantoren en kleedkamers ingebouwd en de eigen verdieping voor een krachtsportvereniging.

Onder de lange zijde van de liggers bevinden zich de eigenlijke zwembad- en sportzaal, met daartussenin de tropische tuin als publieke horecavoorziening en buitengewoon royale toegangshal. Die tuin is een gelukkige toevoeging aan het programma; een verlevendiging die stamt uit het oude complex waar een kas met planten was.

Op de nog in te richten binnentuin houdt binnenkort een ‘banenpooler’ toezicht vanuit een ‘folly’, een apart vormgegeven huisje. Buiten gebruikstijden wordt de tuin afgesloten met hekken. Curieus is dat de nieuwbouwwoningen die in het verlengde van het sportcomplex aan de tuin liggen een afstandsbediening krijgen om het hek te ke openen voor eigen gebruik.

Met een verzorgde afwerking heeft Post geprobeerd er een verleidelijke ‘markt’ voor recreatie en contacten van te maken in plaats van een ‘grijze doos’. Om de sportzaal ook als grote feestzaal te ke gebruiken zijn met een extra budget de nodige geluidwerende voorzieningen gemaakt, zoals een dubbele gevel, deels voorzien van betonnen panelen. Die panelen zijn weer verluchtigd met glazen bouwstenen, die ’s avonds ke stralen als sterren. Met dat soort simpele ideeen die weinig geld kosten is het gebouw net wat attractiever gemaakt voor de omgeving.

Het vele glas van het zwembad kan met lichtdoorlatende polycarbonaat schuifpanelen en een kunststof rolgordijn worden afgesloten tegen inkijk. De enorme glaspui bij de ingang en tropische tuin is een spectaculair staaltje ‘structural glazing’ van de firma Octatube.

Aan de kant van de Rubensstraat is de ‘rommeligheid’ van de zijgevel (waarachter allerlei voorzieningen een plaats hebben) in het gelid gebracht met een raamwerk van ‘western red cedar’. De betonnen onderbouw bestaat uit platen met schijnvoegen in hetzelfde ritme en zijn afgewerkt met een ruw aangebrachte, blauwige anti-graffiti laag, die ook het beeld verlevendigt.

Brandpunt voor buurt

Met talrijke details is aan te geven hoe dit complex van een noodzakelijk kwaad is omgezet in een verleidelijk brandpunt voor de buurt. Daarnaast schuilt die kracht ook in de slimme manier waarop de vele onderdelen zijn ondergebracht in een grote, wervende vorm.

Schuin tegenover dit ‘uitgaanscentrum’ bevindt zich het Volksbuurtmuseum. En even verderop loopt de Vaillantlaan, die momenteel wordt omgebouwd tot een monumentale boulevard met allerlei winkels en andere voorzieningen. Deze combinatie van voorzieningen, attractieve architectuur en nieuwe buitenruimtes tilt dit deel van de Schilderswijk op een hoger plan.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels