nieuws

Roos van Erp geniet van Internationale Bouwbeurs

bouwbreed

Beursmanager rekent op bouwend Nederland

Roos van Erp, manager van de Internationale Bouwbeurs, loopt met een stevige pas door de expositiehallen van de Jaarbeurs in Utrecht. Onder haar arm een klembord en in haar zak een mobiele telefoon. Het zijn drukke dagen voor de beursmanager. De opvang van de watersnoodvluchtelingen komt daar dan plotseling nog bij. Er is verwarring ontstaan over het doorgaan van de bouwbeurs. “Mijn grootste zorg is nu inderdaad dat bouwend Nederland weet dat de beurs maandag gewoon opent.”

Evacuees uit de watersnoodgebieden met in hun handen wat plastic tasjes steken schril af bij de groepjes standbouwers die aanhangertjes vol met planten de hal van de Utrechtse Jaarbeurs binnenrijden.

Het is woensdagmiddag, vijf dagen voor de opening van de Bouwbeurs, en de evacuatiemachine draait op volle toeren. Het leed op de eerste verdieping van de Julianahal waar de vluchtelingen worden ondergebracht is dan ook groot. In de hal er onder schalt echter de nieuwste hit van Marco Borsato door de ruimte. Het wordt flink meegefloten door de standbouwers. Ook hier lijkt een ‘geoliede machine’ aan het werk. De Internationale Bouwbeurs wordt opgebouwd en krijgt langzaam maar zeker vorm.

“Natuurlijk”, zo benadrukt Roos van Erp, “zal de watersnoodramp z’n stempel op de beurs drukken. Maar het is nu onmogelijk om te zeggen op welke wijze.”

Afgezegd

Tot op dat moment heeft pas een exposant definitief afgezegd en een ander heeft laten weten pas later met de opbouw van de stand te zullen beginnen. “Hij stond met z’n voeten in het water en wilde eerst thuis en op het bedrijf orde op zaken stellen”, weet Van Erp.

Over de vraag of bezoekersaantallen achter zullen blijven ten aanzien van voorgaande edities van de Bouwbeurs kan volgens haar “geen zinnig woord” worden gezegd.

Toch is de watersnood een terugkerend gespreksonderwerp tijdens de rondgang over de beurs. “We hebben het er met de exposanten ook over gehad. Maar we hebben allemaal zoiets van ‘we gaan er een mooie en goede beurs van maken’.”

Voor Van Erp staat wel vast dat mochten er deze week nog evacuees zijn, ze welkom zijn op de beurs. “Ik denk dat hun hoofd wel ergens anders naar staat maar als ze er afleiding aan hebben dan kan dat.”

Eigen stand

Er wordt hard gewerkt in de expositiehallen van de Utrechtse Jaarbeurs. Met man en macht is men bezig met de opbouw van de stand. Zo monstert Hans Hak van het Bureau Verletbestrijding zijn stand. In tegenstelling tot voorgaande edities toen hij nog bij het SFB was ondergebracht heeft zijn bureau nu een eigen stand. “Niet zo groot. Maar het wordt gewoon een lekker standje. Wat het voor beurs wordt met die watersnood? Ik heb geen idee. We wachten het af.”

Derde beurs

Bijna blindelings weet Van Erp de weg. “Ik ken de beurs qua opstelling natuurlijk van papier. Dan wandel je er nu zo overheen.”

Het wordt voor haar de derde Bouwbeurs. De beurs ligt Roos van Erp na aan haar hart. Niet in de laatste plaats door het feit dat ze een technische achtergrond heeft. Met haar opleiding HTS/Bouwkunde heeft ze voldoende inzicht in het technisch reilen en zeilen. “Dat is inderdaad ook een voordeel”, zo beaamt Van Erp, “bij problemen over de opbouw van de stand kan je adequaat inspelen en meedenken. Dat wordt, denk ik, ook wel op prijs gesteld.”

Maar het is ook vooral de opbouw van de stands en de gebruikte materialen die Van Erp aanspreekt bij een evenement als de Bouwbeurs. “Per slot van rekening worden negen van de tien stands opgebouwd uit de materialen die het bedrijf zelf maakt of levert.”

Ze zegt uit te kijken naar de zaterdagmiddag. “Dan moet de opbouw helemaal klaar zijn. Op zondag zijn we ook voor de standhouders dicht zodat de boel kan worden schoongemaakt. Maar zaterdagmiddag lopen we alle stands na.”

Bekeken wordt dan of de stands conform de tekeningen zijn opgebouwd. Ook wordt er dan nauwlettend gekeken of de standhouders elkaar met uitbatingen niet hinderen. “Dat wil zeggen”, zo verduidelijkt de beursmanager, “dat er geen vlaggen over elkaars stands hangen of dat men elkaar op een andere manier hindert.”

Geroutineerd

We lopen ondertussen in ras tempo de spiksplinternieuwe Prins van Oranjezaal binnen. Ze slaat daarbij geen acht op de blikken van de standbouwers. Geroutineerd stapt de beursmanager over de stenen en balken die her en der verspreid liggen. Ondertussen druk gebarend naar de diverse stands om ze vervolgens van commentaar te voorzien. Bijna alles vindt ze “prachtig”, “mooi” of “knap”. Sommige standbouwers zeggen gedag. Ze knikt dan vriendelijk terug.

Ruim 900 stand worden er nu opgebouwd. Met de nieuwe hal erbij telt de beurs dit jaar ongeveer 55.000 netto vierkante meter aan expositieruimte (110.000 vierkante meter bruto). In 1993 trok de Internationale Bouwbeurs ruim 90.000 bezoekers.

Fantastisch

Ze staat in een op het oog lege ruimte midden in de nieuwe Oranjezaal. “Hier”, zegt ze met nadruk in haar stem, “moet het grote Aluminiumplein komen.” Het vergt enige fantasie om te ke voorstellen hoe het er straks uit moet gaan zien. “Maar dat is”, aldus een stralende Van Erp, “nu juist zo leuk. Het opbouwen van de beurs is fantastisch.”

Aanstaande zaterdag is het echter allemaal al weer verleden tijd. De opbouw van de beurs duurt een slordige zeven dagen. Het afbouwen gaat aanmerkelijk sneller. Op woensdagmiddag 15 februari moeten de hallen schoon worden opgeleverd. Dan moet de Platen/CD Beurs worden opgebouwd. Voor Roos van Erp is er dan even rust. Zij gaat op vakantie.

Met man en macht wordt er gewerkt aan het vormgeven van de Internationale Bouwbeurs.

Roos van Erp: “Het opbouwen van de beurs en met name de bouwbeurs is een fantastisch iets.”

Laten zien wat je in huis hebt, daar draait het om. Ook diverse organisaties zoals deze stand van de Vakfederatie van Rietdekkers zien de beurs als platform om zich te presenteren.

Standbouwen is een vak apart. Je moet ook geen last van hoogtevrees hebben. “Vooral niet omdat”, zo benadrukt Beursmanager Van Erp, ” de stand alleen maar hoger worden.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels