nieuws

Buitenlandse ontwikkelaars zien af van Wilhelminapier

bouwbreed Premium

De ‘Ontwikkelcombinatie Wilhelminapier’ in Rotterdam is uit elkaar gevallen. De met veel omhaal gepresenteerde internationale groep, met MBO uit Nederland en SAE uit Frankrijk en Laing Management Ltd. uit Engeland, kon geen resultaat boeken. De prestigieuze pier op de Kop van Zuid zal nu stukje bij beetje worden bebouwd.

“Plot voor plot gaan we de pier tot ontwikkeling brengen. Als eerste beginnen we met de realisatie van het World Port Centre, de nieuwe huisvesting van het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam (GHR),” aldus Hans Kombrink, wethouder Ruimtelijke Ordening, die voor het eerst in het openbaar verklaart dat het internationale consortium nooit echt goed heeft gefunctioneerd.

“De belangen bleken te groot en te tegenstrijdig, het ging om veel te grote bedragen en de tijdspanne van vele jaren was te lang. De risico’s bleken daardoor moeilijk in te schatten. De leden van de groep ke nu zelf aan de slag. Het World Port Centre wordt gedaan door ING Vastgoed, het vroegere MBO.”

Kombrink vergoelijkt het weinig succesvolle optreden door te melden dat het de Rotterdamse kantorenmarkt de laatste jaren niet echt mee zit.

Stuwende kracht achter de combinatie, Jan Doets – nu directielid ING Vastgoed en vroeger directeur van het Rotterdamse Grondbedrijf – zegt het niet erg te vinden dat de pier nu anders tot ontwikkeling wordt gebracht. “Ik heb er geloof in dat de pier plot voor plot tot ontwikkeling komt. We hadden ook niet alle kennis. Zo heeft de Stichting Studentenhuisvesting plannen om een pakhuis om te bouwen.”

Van een vergelijk met het geflopte Amsterdam Waterfront, de ontwikkelcombinatie voor ’t IJ, wil hij niks horen. “Hier in Rotterdam is een veel betere ontsluiting en er is sprake van het verlengen van het centrum van de Maasstad.”

Aannemers

Het World Port Centre (WPC) moet de blikvanger gaan worden op de kop van de pier naast het vermaarde hotel/restaurant Hotel New York. Begin 1996 krijgt Sir Norman Foster de opdracht om het kantoor te gaan ontwerpen. Voor ING Vastgoed is de peperdure Foster overigens geen onbekende. Voor de internationale ontwikkelcombinatie ‘Wilhelminapier’ had de peperdure Engelsman al het masterplan voor de pier getekend.

WPC zal uit twee torens bestaan die een gezamenlijk oppervlakte hebben van 40.000 m2. Het Havenbedrijf heeft een contract getekend voor de afname van 16.000 m2. De eerste fase van WPC is geraamd op f. 110 miljoen (26.000 m2) en de tweede op f. 70 miljoen.

Doets laat weten dat nog geen aannemer is gevonden. “Hoe we gaan aanbesteden hangt van de bouwmarkt in 1996/1997 af. Daar wij de opdrachtgever zijn, hoeven we het niet Europees aan te besteden. Dat geeft ons de mogelijkheid om bijvoorbeeld eerst te kiezen voor een aannemersselectie. In de zomer van 1999 is de oplevering gepland.”

Eveneens onduidelijk is, of men WPC in de eigen beleggingsportefeuille neemt, of doorschuift naar een andere belegger.

Riviumruzie

Echt makkelijk zijn de onderhandelingen tussen het Ontwikkelingsbedrijf Rotterdam (OBR) en ING Vastgoed niet geweest. De gemeente Rotterdam wilde niet al te veel uitgeven, omdat men ook nog huisvesting zoekt voor het gemeentelijk vervoerbedrijf, de RET. Nu de relatie met buurgemeente Capelle aan den IJssel – men zou de RET gaan huisvesten op Rivium – tot een absoluut dieptepunt is gezakt, zoekt men binnen de eigen grenzen. Een optie voor de RET is een gebouw naast de remise Capelsebrug.

Mede als gevolg daarvan werd het eerste onderhandelingsresultaat tussen OBR en ING Vastgoed door Kombrink verworpen, te onvoordelig. Het OBR mocht niet boven de f. 325 per vierkante meter verhuurbaar vloeroppervlakte uitkomen en de gronduitgifte moest minimaal f. 625 per vierkante meter bruto vloeroppervlakte opleveren. “Er is enige discussie geweest over het aantal parkeerplaatsen en hoe de hal zou worden ingericht”, aldus Kombrink die verder weinig over het resultaat wil loslaten.

Uit het ontwerp-besluit van de gemeenteraad blijkt dat ING Vastgoed f. 850.000 betaalt voor inbouwvoorzieningen als wanden, aankleding en het Haven Coordinatiecentrum. Daarnaast is het door ING Vastgoed gehanteerde ROZ-contract aangepast ten gunste van het GHR.

In het kader van duurzaam bouwen moet ING Vastgoed van de raad onderzoeken of een gezoneerde klimaatinstallatie haalbaar is. Al met al betaalt het GHR tegen de f. 6 miljoen per jaar en wel voor 15 jaar lang.

Shuttle op de Kop

Als het aan de gemeente ligt, vraagt men van deze ontwikkelaar ook nog een bijdrage voor een ondergrondse verbinding: metrostation Wilhelminahof naar het puntje van de Wilhelminapier. Als tegenprestatie zijn er dan stops in de kelders van de nog te bouwen kantoren. Ze hoeven dan aanmerkelijk minder geld aan parkeerplaatsen uit te geven.

ING-Vastgoed-topman Jan Doets houdt zich op de vlakte als gevraagd wordt naar een mogelijke bijdrage. De kosten van een dergelijke openbaar vervoervoorziening bedragen f. 60 miljoen. De RET wil een deel van de aanleg verhalen op de poontwikkelaars.

Reageer op dit artikel