nieuws

‘Vijf kilometer kabels in nieuwe zaal popcentrum’

bouwbreed

Popcentrum De Melkweg aan de Lijnbaansgracht in Amsterdam heeft een nieuwe zaal ‘The Max’. De theaterruimte is ontworpen door architectenbureau Jonkman en Klinkhamer uit Zeist en werd gebouwd door aannemersbedrijf Derksen en Singerling uit Nieuwerkerk aan de Amstel.

Er is geen wolk aan de lucht maar toch weerkaatsen donderslagen over de Lijnbaansgracht. De grauwe muren van de negentiende eeuwse huizen en de etalageruiten van een bioscoop versterken het geluid zodat het overal vandaan lijkt te komen.

Het gerommel wordt niet veroorzaakt door opkomend onweer, maar door een groep percussionisten die in de oude zaal van popcentrum De Melkweg er op los timmert. “Leuk voor de omwonenden”, constateert D. Singerling. Hij haalt zijn schouders op. De slagwerkers zijn nog niks vergeleken bij de popgroepen die hier optreden, weet hij. Singerling is aannemer en heeft een oude opslagruimte naast het popcentrum verbouwd tot concertzaal. De kans op extra geluidsoverlast vanuit de nieuwe zaal is nihil, verwacht Singerling. “De ramen zijn voorzien van vier lagen glas en dat dempt het geluid enorm.”

Vormgeving

De Melkweg, een oud fabriekspand midden in Amsterdam, herbergde ooit een melkfabriek en werd daarna gebruikt als opslagplaats voor suiker. Zo’n 25 jaar geleden werd het pand in gebruik genomen als poptempel. Vooral hippies kwamen er vaak. De laatste jaren is het imago sterk veranderd. In De Melkweg vinden uiteenlopende optredens plaats en hippies komen er niet zo veel meer, dat maakte de verbouwing van een nabijgelegen opslagplaats tot concertzaal noodzakelijk.

Het theater steekt scherp af tegen de rest van de omgeving vanwege de vormgeving. Ook al is het pand voorzien van een strak vormgegeven entree en hangen er affiches van optredende artiesten, aan de robuuste contouren is nog steeds duidelijk te zien dat het vroeger een fabriek was. Ook in de pas geopende zaal, zijn de resten van het verleden zichtbaar. Zo staan er reusachtige metalen pilaren die aan het plafond uitmonden in sierlijk smeedwerk. Het interieur is zodanig aangepast aan de pilaren dat deze het uitzicht van het circa 1000-koppige publiek dat op hoogtijdagen wordt verwacht niet belemmeren.

Het gebouw is grotendeels in tact gebleven, zegt Singerling. “Wel hebben we er een aantal delen bijgebouwd. Een laad- en losplaats voor de muzikanten, een entree en een bovenverdieping.” Ter voorbereiding leverde het architectenbureau 250 bouwkundige en 100 installatietekeningen. Deze waren nodig vanwege de vormgeving van het interieur.

‘Strontwerk’

Singerling: “Alles is anders. Scheef of rond. Weet je wat ze in de bouw zeggen? Rondwerk strontwerk. Eigenlijk is dat niet waar. Deze klus is mooi werk en vakwerk geweest. Niet alleen omdat deze bouwpuzzel letterlijk naadloos in elkaar moest passen, maar ook vanwege de organisatie en doordat onder grote tijdsdruk gewerkt moest worden.”

De verbouwing begon in april en kostte een slordige – 4 miljoen. De gemeente Amsterdam betaalde een derde, een lening van bierleverancier Heineken en de VSB-bank en sponsoring door Pepsi Cola maakten het bedrag rond. Daarom wordt de zaal ‘The Max’ genoemd, een verwijzing naar een van de produkten van de frisdrankfabrikant.

Brandwerende verf

“Er is rekening mee gehouden dat het bij popconcerten soms nog al wild toegaat”, aldus Singerling. “Dat is medebepalend geweest voor de keuze van het materiaal.” Hij legt zijn hand op de leuning van het balkon dat zich uitstrekt langs de muren van de zaal. “Beukenhout”, verklaart hij. “Dat kan wel tegen een stootje en verder is er veel metaal in verwerkt.” Hij wijst naar het plafond. “Daaronder zit 5 kilometer bedradingen, die waren nodig om de belichting en de geluidsapparatuur aan te sluiten.”

Singerling loopt tevreden door de zaal, de gang en de toiletten. In alle ruimten overheersen de kleuren zwart en wit onderbroken door het lichtbruine beukenhout van de deurgrepen. “Brandwerende verf”, zegt hij terwijl hij met zijn hand langs het plafond van de wc strijkt. “Bijna niemand had er van gehoord. Ik ook niet eerlijk gezegd.”

Tijdens de verbouwing bleef de andere zaal gewoon in gebruik. Over dag werd er gerepeteerd en ’s avonds vonden optredens plaats. Daarom moesten op last van de brandweer de vluchtwegen toegankelijk blijven. Singerling: “Daarbij moet je je voorstellen dat we hier soms met 80 man tegelijk aan het werk waren, dat was nodig om op tijd klaar te zijn.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels