nieuws

Regenschade onder CAR-polis

bouwbreed Premium

De trouwe lezers van deze rubriek hebben de vorige week een forse deuk opgelopen in hun overtuiging, dat elke materiele schade aan het door hen aangenomen bouwwerk gedekt wordt door de CAR-polis, die zij voor dat werk in hun bureaulade hebben liggen. De veroorzaker van die deuk is de man, die als bindend adviseur tot de conclusie kwam dat de vervuiling van de gevel van een huis in aanbouw geen schade was die door de CAR-polis werd gedekt.

Het Hof in Arnhem, dat over een vergelijkbaar probleem moest oordelen, kwam op de dag af precies negen maanden later tot een beslissing die CAR-verzekerden heel wat meer plezier zal hebben bezorgd. Toch liep de redenering van de drie juristen, die het hoger beroep van de ABN-AMRO bank tegen het vonnis van de rechtbank in Zwolle moesten behandelen, voor een belangrijk deel parallel aan dat van de deskundige van vorige week.

Ook het Hof gaat ervan uit, dat er eerst een gave zaak moet zijn ontstaan wil er sprake ke zijn van een materiele beschadiging. Hier was bij het leggen van de basisvloer die uiteindelijk monoliet afgewerkt diende te worden die vloer door regenval beschadigd. De bank wilde die schade niet vergoeden omdat naar zijn mening geen sprake was van een materiele schade in de zin van de CAR-polis, omdat de vloer nog niet afgewerkt was.

De rechter was het daar in twee instanties niet mee eens. Eerst zei de rechtbank dat zo’n bouwproces als dit dynamisch is in die zin, dat eerst een basisvloer wordt gelegd, die geschikt is om daarop een slijtvaste toplaag aan te brengen. Ook het Hof ging van zo’n feitelijke benadering uit: vlak voordat het begon te regenen had de basisvloer een zodanige samenstelling gekregen dat die geschikt was voor monoliet afwerking. Dit hield de feitelijke constatering in, dat dit deel van het werk voltooid was. Er was dus voldaan aan de eis dat er een ‘zaak’ was ontstaan die vatbaar is voor beschadiging.

Hoewel de gewone rechter ook in het geval van de beschadigde gevel van de vorige week wellicht tot de slotsom zou zijn gekomen, dat die gevel vatbaar was voor beschadiging, blijft er toch een heel wezenlijk verschil tussen de redeneringen van adviseur en rechter aan de ene kant en mijn benadering. Die gaat er immers vanuit, dat ‘het werk’ verzekerd is tegen materiele beschadiging. Welk onderdeel van dat werk beschadigd wordt, doet dan niet ter zake. Dat werk is in de CAR-polis omschreven als “de in het certificaat omschreven objecten in aanbouw of gereed, inclusief alle voor de werken bestemde materialen, bouwstoffen, constructies, onderdelen enz”.

Ook volgens de geleerden is het zo, dat die laatste vier verzekerd zijn zolang zij niet zijn verwerkt. De bouwmaterialen zoals de stenen voor de gevel in het geval van vorige week zouden door de CAR-verzekering zijn gedekt als zij op het bouwterrein beschadigd waren. Omdat zij werden beschadigd nadat zij ‘in de gevel waren gemetseld’ zou die beschadiging ineens niet meer onder die CAR-dekking vallen? En dat alleen vanwege het feit dat de gevel niet ‘voltooid’ was omdat de mortel nog niet hard was geworden!

Als ‘het werk’, dat wil zeggen het object in aanbouw, verzekerd is zou de eis van het voltooid zijn nooit gesteld mogen worden. Wordt het werk in de bouwfase beschadigd, dan zouden we ervan uit mogen gaan dat het eerst ‘gaaf’ was. Als een huis in aanbouw wordt beschadigd eist de CAR-polis toch nergens dat het ‘onderdeel dat beschadigd wordt’ al voltooid is?

Neen, de eis dat de zaak eerst goed moet zijn geweest, geldt m.i. niet voor onderdelen van het huis, die geen zelfstandige zaak in civielrechtelijke zin meer zijn, maar voor de onroerende zaak waarin door natrekking niet alleen de bouwmaterialen maar ook de daarmee onverbrekelijk verbonden installaties zijn opgegaan. Tussen het oordeel van de bindend adviseur en dat van het Hof zit dus geen juridisch verschil; beiden gaan ervan uit dat het beschadigde onderdeel voltooid moet zijn wil er sprake zijn van een verzekerd object. Aan die eis van voltooid zijn was in het geval van de besmeurde gevel niet voldaan volgens de bindend adviseur,maar dat was wel het geval met de basisvloer volgens rechtbank en Hof.

Ik denk, dat aannemers, die een CAR-verzekering hebben afgesloten voor een door hen te bouwen object, uit de beschrijving in de polis mogen begrijpen dat dit object tijdens de hele bouwfase verzekerd is tegen schade. Zo staat het immers in de polisvoorwaarden: “verzekerd zijn de onder dit artikel genoemde objecten tijdens verblijf en/of werken op het werkterrein tegen vernieling of beschadiging van het werk door alle van buiten komende onheilen”. De redenering, dat een zaak eerst goed moet zijn geweest dient naar mijn mening niet te leiden tot opvatting dat dit pas het geval is als die zaak voltooid is, zoals bij de gevel werd gedaan.

‘Goed’ wil toch alleen maar zeggen ‘onbeschadigd’ en dat kan net zo goed gelden voor een zaak die nog vervaardigd wordt, dus ook voor een huis in aanbouw. Maar helaas, tot nog toe sta ik alleen in deze opvatting. Veel knappere juristen vinden immers dat het beschadigde onderdeel eerst voltooid moet zijn voordat het beschadigd kan worden in de zin van de CAR-polis. Betekent dit, dat een half opgemetselde gevel die door een van buiten komende oorzaak instort, niet verzekerd is? Kom nou!

(BR 1995 p. 701).

Reageer op dit artikel