nieuws

Geen schadevergoeding voor gedupeerden overstromingen

bouwbreed Premium

De bedrijven Van Haren Beton BV en het daaraan gekoppelde Van Haren Klinker BV uit Druten alsmede Slijkhuis Meubelen BV uit Winterswijk en tuinbouwer Fa. Lusink en Zoon uit Laag Keppel hebben bij het College van Beroep voor het Bedrijfsleven in Den Haag bot gevangen in een principiele procedure aangaande Subsidieregeling Waterschade 1994 (heeft betrekking op in 1993 ontstane waterschade).

Al deze bedrijven hebben forse schades geleden als gevolg van de hoge waterstanden in december 1993. Terwijl in de buurt van het stroomgebied van de Maas gevestigde bedrijven met aanzienlijke bedragen schadeloos worden gesteld, krijgen de bedrijven buiten het stroomgebied van de Maas niets.

In Laag Keppel liet de Oude IJssel zich van zijn grilligste kant zien en bevloeide in december 1993 veel land, dat daarop niet was berekend. In Druten deed de Waal dat en in Winterswijk ging de Slinge z’n oevers te buiten.

Na de watersnood in 1993 riep het kabinet een noodfonds in het leven, dat wordt beheerd door de Stichting Watersnood Bedrijven Limburg. Idee daar achter was dat de extreem hoge waterstanden volgens de deskundigen maar eens in de 200 a 300 jaar zouden ke voorkomen(statistisch bezien). De overstromingen rond de fors overstroomde Maas zouden zo uitzonderlijk zijn dat van burgers en bedrijven niet verwacht kan worden dat ze er bij een normale risico-afweging rekening mee houden.

Voor de gebieden buiten de Maas zou het voor wat betreft de afweging van de risico’s anders liggen. Van de gebieden rond de Oude IJssel, de Waal en de Slinge zou bekend zijn dat ze eens in de 50 jaar fors ke overstromen. Dat is een risico waar de burgers en ondernemers wel rekening mee hadden behoren te houden, is de mening van het kabinet. “Ik voel me gediscrimineerd”, verwoord kweker J.W. Lusink het gevoel van een fors aantal ondernemers buiten het stroomgebied van de Maas. Hij zegt in 1993 f. 80.000 schade te hebben gehad. Samen met enkele andere bedrijven stapte hij naar het College van Beroep voor het Bedrijfsleven (CBB) in Den Haag om de onredelijkheid van de door het kabinet ingestelde regeling aan te tonen. De regeling zou oneerlijke concurrentie in de hand werken. De ondernemers uit het stroomgebied van de Maas komen er immers zonder al te veel kleerscheuren af, terwijl elders gedupeerden maar moeten zien hoe ze de waterschade wegwerken.

Het CBB heeft echter geen aanleiding gezien in te grijpen. De regeling blijft zoals die is. Dat kan overigens ook gevolgen hebben voor de waterschadegevallen, die zich een jaar later in 1994 hebben voorgedaan. Met betrekkingen tot de, vanwege die overstromingen door het Kabinet getroffen schaderegelingen lopen ook zaken bij het CBB in Den Haag.

Reageer op dit artikel