nieuws

SZW wil meer opdrachtgevers erbij betrekken Verlenging arbo-convenant baggerbedrijfstak bepleit

bouwbreed Premium

Verlenging van het Convenant Arbeidsomstandigheden Baggerbedrijf in afgeslankte vorm. Dat bepleit het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) in een tussentijdse evaluatie van de in april 1992 door overheid en sociale partners afgesloten overeenkomst, gericht op verbeteren van veiligheid en gezondheid in de baggersector.

Winst van het nu bijna twee jaar lopende convenant is in elk geval dat het stukken beter gaat met de arbeidsomstandigheden in de bedrijfstak. “Er is duidelijk sprake van een opgaande lijn”, signaleert directeur P. Huijzenveld van de Dienst Inspectie-SZW (waarin de voormalige Arbeidsinspectie is opgegaan). Vooral is er sprake van verbetering bij het werken met verontreinigd slib.

Maar er is volgens hem nog geen reden tevreden achterover de stoel te blijven zitten: “Als de aandacht verslapt bestaat het risico dat de aandacht voor de arbeidsomstandigheden weer wegzakt. Dat moeten we proberen te voorkomen.”

Vinger aan pols

Om de vinger aan de pols te houden wil hij verlenging van het convenant, als dat over drie jaar afloopt. Maar dan wel in een afgeslankte vorm. Anders gezegd: de vergaderfrequentie verminderen en het aantal aan te pakken thema’s beperken.

De Bouw- en Houtbond FNV steunt deze opvatting. Bestuurder mevr. L. Hendriks: “Het feit dat iedereen betrokken is bij dit arbo-proces, is van grote waarde. Voortzetting – met de genoemde aanpassingen – is gewenst, omdat dit soort veranderingsprocessen tijd vragen om echt goed geworteld te raken in de sector”. Met name is dat volgens haar ook van belang voor de kleinere baggerbedrijven.

Voorzitter W.A. Lubberhuizen van werkgeversorganisatie Vereniging Centrale Baggerbedrijf (CB) meent dat de inspanningen in de eerste twee jaar van de convenantsduur stuctureel van karakter zijn.

“We merken dat in de praktijk meer rekening gehouden wordt met arbo-aspecten, bijvoorbeeld bij de aanschaf van nieuw materieel”, constateert hij. “Arbeidsomstandigheden staan overal op de agenda”, zegt hij verder.

Volgens Lubberhuizen ke in het convenant alle passages komen te vervallen die door de wijziging van de Arbowet een wettelijke status hebben gekregen. Dat zelfde geldt voor de al gerealiseerde voornemens uit het convenant. En voor de toezichthoudende rol van Rijkswaterstaat (RWS), een van de belangrijkste opdrachtgevers voor de baggerbedrijven.

Certificering

Dat toezicht wordt volgens hem voldoende geregeld door middel van certificering. De bedrijfstak werkt daar hard aan, omdat RWS per 1 januari 1996 alleen nog baggeropdrachten aan gecertificeerde bedrijven zullen verlenen. In het kader van de evaluatie van het convenant zijn alle partijen aanvullend overeengekomen “activiteiten te ontplooien om de zorg voor arbeidsomstandigheden vast te leggen in een systeem van certificatie, dat aansluit bij de bestaande systematiek voor kwaliteitscertificatie”.

Daarmee is het baggerbedrijf de eerste bedrijfstak in ons land die zover gaat.

Knelpunt

Het ministerie van Verkeer en Waterstaat signaleert bij dit certificatieproces wel een knelpunt: “Certificering mag concurrentie niet in de weg staan. Het mag bijvoorbeeld geen systeem zijn waaraan buitenlandse bedrijven niet ke voldoen. Het zou zonde zijn als de certificering bij de eerste de beste gelegenheid onderuit zou worden gehaald omdat ze discriminatoir zou zijn.”

CB-voorzitter Lubberhuizen ziet dat gevaar niet. Hij wijst er op dat door certificatie juist een situatie ontstaat van gelijke monniken gelijke kappen.

“Het is absoluut niet onze bedoeling om de markt dicht te timmeren. We zijn voor het marktprincipe, maar tegen oneerlijke concurrentie. Certificering op arbogebied is een effectief middel om, oneerlijke concurrentie uit te bannen”, constateert hij .

Opdrachtgevers

Teleurstelling is er bij partijen dat uitsluitend het ministerie van Verkeer en Waterstaat als opdrachtgever het convenant heeft ondertekend. Andere grote opdrachtgevers hebben het laten afweten.

Overeengekomen is nu dat het ministerie van SZW zich zal inspannen alsnog enkele grote opdrachtgevers of koepelorganisaties (zoals de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, Unie van Waterschappen en gemeente Rotterdam) zich te laten aansluiten bij (delen van) het convenant.

Gelijk behandelen

CB zou graag nog toegevoegd zien aan het convenant dat er een meer gelijke behandeling van baggerbedrijven komt in de verschillende districten van de Inspectiedienst SZW.

“We hebben behoefte aan een consistent beleid, waardoor kan worden voorkomen dat bepaalde zaken in het ene district wel en in het andere niet worden getolereerd”, aldus Lubberhuizen.

Tenslotte wil het ministerie van SZW de komende tijd werken een het verkrijgen van een duidelijk inzicht in ongevallen en beroepsziekten in de bedrijfstak.

Reageer op dit artikel