nieuws

Rechters willen personeel voor vele wao-zaken

bouwbreed

De rechters in Nederland voorzien dat zij vastlopen in beroepzaken van mensen die aan den lijve hebben ondervonden dat de sociale zekerheid minder royaal en minder toegankelijk is geworden. Naast een voorspelbare hausse van protesten tegen de uitslag van de wao-keuringen, liggen er ook talloze beroepszaken van ondernemers die het niet eens zijn met een opgelegde ziektewetpremie of wao-boete (malus).

Mr. A.D.M. Metzemaekers, vice-president van de rechtbank in Rotterdam en voorzitter van het landelijk overleg van bestuursrechters, heeft inmiddels aan de bel getrokken bij het ministerie van justitie. Er zijn extra personeelsleden nodig voor de administratieve voorbereiding van de zittingen. Of die uitbreiding er ook komt, is de vraag. De minister van justitie, Kosto, is demissionair. Vermoedelijk zal zijn opvolger de knoop moeten doorhakken.

Metzemaekers geeft aan wat er allemaal als extra last op het bord van de bestuursrechter is gekomen. In het eerste halfjaar kwamen alleen al in Rotterdam circa 1100 zaken over aaw/wao binnen en ongeveer 500 over de wao-boete (malus). Verder 320 ziektewetgevallen en 270 zaken die voorheen naar de Arob-rechter gingen. Ten slotte nog 94 procedures over de premiedifferentiatie in de Ziektewet.

Door personeelsgebrek liggen er nu naar schatting al een kleine duizend maluszaken te wachten op afhandeling door de Rotterdamse rechtbank. “Het betreft conflict-opwekkende regelgeving. Dat men er niet aan heeft gedacht dat de rechter ook nog tijd moet hebben om die zaken te behandelen, en dat er ook aspecten aan kleven van Europees recht, vind ik een grote tekortkoming bij de wetgeving. Wij hebben geen mens extra gekregen voor premiedifferentiatie, of voor maluszaken. Kunt u nagaan. Alleen voor Arob- en bijstandszaken is extra personeel toegewezen”, aldus Metzemaekers.

‘Potdicht’

In januari 1993 hebben de voorzitters van de bestuurssectoren van de rechtbanken de minister van justitie in een brief op het probleem gewezen. Het antwoord luidde dat de minister eerst zou kijken hoeveel zaken het zouden worden. Dit jaar is er weer een brief geschreven. “Maar alles zit nu potdicht.”

Niet alleen de verharding van het sociale-zekerheidsklimaat, maar ook de economische ontwikkeling laat bij de rechter sporen na. Nu de werkloosheid stijgt, waren bedrijfsverenigingen meer bereid sancties op te leggen in de ww, bijvoorbeeld wegens niet- of onvoldoende solliciteren. Dat leidde in het eerste halfjaar in Rotterdam tot 75 ww-zaken. Ook de beroepsrechter, de Centrale Raad van Beroep, krijgt veel meer werk. Metzemaekers: “Het is een vuistregel dat in 45 procent van de gevallen hoger beroep wordt ingesteld. Dat is vrij veel. Daarvan wordt uiteindelijk ongeveer de helft doorgezet. In belastingzaken toetst de Hoge Raad uitsluitend of de lagere rechter de wet verkeerd heeft toegepast of geschonden. Bij de Centrale Raad kan iedereen die over zijn uitkering klaagt, alsnog proberen zijn gelijk te halen. Je mag nieuwe dingen naar voren brengen, de feiten worden opnieuw beoordeeld.”

Dat er veel mensen tot in hoogste instantie de beslissing van de bedrijfsvereniging aanvechten vindt hij verklaarbaar. “Het gaat hier meestal om het inkomen van mensen, om geld. Als het om je inkomen gaat, leg je niet gauw het hoofd in de schoot. De financiele drempel voor een procedure is dit jaar verhoogd van f. 25 tot f. 50. Dat griffierecht krijgt de klager terug als hij in het gelijk wordt gesteld.”

Bovendien hoeft een klager geen advocaat in te schakelen. De rechter mag de zaak vereenvoudigd of zonder zitting afdoen, sinds kort zelfs als de procedure al loopt. “Dan moet het beroep kennelijk gegrond of ongegrond zijn, danwel de klager is kennelijk niet ontvankelijk. Toch maak ik daar terughoudend gebruik van, omdat tegen een dergelijke uitspraak geen hoger beroep mogelijk is.”

“Er liggen veel zaken op de plank, zaken die om de een of andere reden niet afgedaan ke worden. Met de maluszaken moeten wij afwachten wat de Centrale Raad van Beroep daarvan zegt. Nu deze onlangs uitspraak deed over de premiedifferentiatie in de Ziektewet, zullen wij na de zomervakantie overgaan tot versnelde afhandeling van die dossiers.”

Proefproces malus

Een interessante vraag, die binnen afzienbare termijn in een proefprocedure voor de Rotterdamse rechtbank speelt, is of de malus een premie is of niet. Als het geen premie is, kan de bezwaarschriftprocedure bij de bedrijfsverenigingen vervallen. Als er wel een bezwaarschriftprocedure nodig is, moeten alle maluszaken terug naar de bedrijfsvereniging, voorziet Metzemaekers. Een volledige bezwaarschriftprocedure zou de beroepsrechter ke ontlasten. Er komt dan immers een “second opinion” van een tweede arts, en de zaak wordt grondig bekeken. Daardoor komen er minder gevallen wegens verschil van opvatting voor de rechter. De Centrale Raad van Beroep noemde het ontbreken van een verplichte bezwaarschriftprocedure in zijn jaarverslag over 1993 “een gemiste kans”.

*) Hans Suring is verslaggever bij het ANP

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels