nieuws

Zakenlieden kruisen degens over casino-gebouw

bouwbreed

Het gerechtshof in Amsterdam wordt binnenkort weer geconfronteerd met de nasleep van het conflict tussen M. Caransa BV uit Amsterdam en H. Luske uit Huizen over het gebouw, waar in Zandvoort het casino in is gevestigd.

Het hof deed de zaak eind 1990 al af, maar de Hoge Raad in Den Haag heeft nu bepaald dat het hof opnieuw moet bekijken of drie door Luske aangebrachte getuigen moeten worden gehoord. Het hof weigerde in eerste instantie de getuigen te horen omdat Luske niet hard had gemaakt dat ze iets relevants ke verklaren. Volgens de Hoge Raad hoeft een gerechtspartij, in dit geval Luske, dat ook helemaal niet aan te tonen.

De kwestie begon in 1986. In het Zandvoortse gebouw waren het casino en het Bouwes Hotel gevestigd. Het gebouw was eigendom van Caransa. Het hotel werd geexploiteerd door de Bouwes Hotel BV, die Luske dat jaar opkocht. Luske zou hebben getracht de hotel-bv te redden, maar dat is niet gelukt. De bv ging failliet.

Op papier

Luske heeft in die tijd ook met Caransa onderhandeld over de aankoop van het hele gebouw. Er is uiteindelijk een koopovereenkomst gesloten. Maar Luske stelt dat er meer is afgesproken, dan er op papier staat. Feit is dat Caransa niet geheel vrij was het pand zomaar te verkopen. Met de exploitant van het casino, de Stichting Casinospelen uit Den Haag, was bij aanvang van de verhuur overeengekomen dat bij verkoop van het gebouw de stichting als eerste gegadigde in aanmerking zou komen.

De Stichting zou dan het recht hebben het pand voor dezelfde prijs te kopen als een eventuele andere koper op tafel zou willen leggen. Luske bood op papier f. 7750000 gulden voor het pand en dat is de prijs waarvoor de Stichting Casinospelen het uiteindelijk van Caransa kocht. Zakenman Luske hoorde vervolgens niets meer van Caransa.

Fiscale redenen

Volgens Luske is dat niet terecht. Hij en Caransa zouden namelijk een afspraak hebben, die om fiscale redenen niet geheel op papier is terug te vinden.

Caransa zou de Stichting een verkoopprijs van f. 8950000 in rekening brengen. Van dat bedrag zou Luske f. 1,2 miljoen krijgen. Die f. 1,2 miljoen heeft Luske echter nooit gekregen en de Stichting Casinospelen heeft het pand volgens Caransa voor f. 7750000 gulden gekocht.

Eerst bij de rechtbank in Amsterdam en later voor het Hof eiste Luske dat het pand alsnog voor f. 7750000 aan hem verkocht zou worden, of dat hij alsnog de f. 1,2 miljoen, inclusief achterstallige rente zou krijgen. Rechtbank en Hof zagen geen aanleiding op de eisen van Luske in te gaan.

Bij het hoogste Nederlandse rechtscollege, de Hoge Raad, heeft de zakenman nu een succesje geboekt. Spoedig blijkt of het Hof de drie getuigen toch gaat horen en of die enig licht ke werpen op de vraag of die mondelinge overeenkomst een echte overeenkomst is. Mondelinge overeenkomsten zijn alleen wat moeilijker hard te maken.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels