nieuws

Mechanisch straten in stroomversnelling

bouwbreed Premium

De collectieve aandacht van overheid, betonwarenindustrie, producenten en leveranciers van machines en werktuigen, en opdrachtgevers voor de gezondheid van de straatmaker, heeft de laatste jaren de ontwikkeling in het mechanisch straten in een stroomversnelling gebracht. Voor werkmethoden die gedurende enkele honderden jaren onveranderd bleven worden thans alternatieven aangereikt, gestoeld op een machinale aanpak. Zolang verplichtstelling van een intensiever machinegebruik evenwel achterwege blijft, zal van een werkelijk mechaniseringsproces nog geen sprake zijn.

Het mechanisch straten mag dan voor velen nog in de kinderschoenen staan, de machinetechnische ontwikkelingen vanuit de industrie zowel als de bouwpraktijk zelf, maken het thans mogelijk al een belangrijk deel van het zware fysieke straatmakerswerk met de machine te vervangen. Op velerlei terrein worden door fabrikanten inmiddels oplossingen aangedragen die het hanteren van de vaak zeer zware betonprodukten en verhardingsmaterialen tot bijna kinderspel maken. Maar moderne technieken en machines kosten geld.

De bereidheid tot mechanisering is bepalend voor de mate waarin dit proces zich voltrekt. Deze hangt evenwel voor een belangrijk deel af van de investering waarvoor de straatmaker zich geplaatst ziet en de prijs die de opdrachtgever hiervoor wil betalen.

Vormden overwegingen als kwaliteit en snelheid van uitvoering, doelmatigheid en economisch voordeel aanvankelijk het uitgangspunt voor de ontwikkeling van machinale uitvoeringsmethoden van straatwerk, heden ten dage staat de zorg voor de gezondheid van de straatmaker voorop.

Doel van mechanisering binnen de straatmakerij is, het werk van de straatmaker te verlichten en met mechanische hulpmiddelen meer meters te leggen tegen lagere kostprijs. Het succes ervan is echter niet alleen afhankelijk van de wil tot investering in werktuigen. Mentaliteit en de bereidheid de organisatie van het werk hierop af te stemmen is van even groot belang. De straatmakerij bevindt zich momenteel in een tweestromenland waarin de wens naar een grote mate van mechanisering en de hang naar het traditioneel handmatig straatwerk met elkaar wedijveren.

Enerzijds trachten bedrijven in samenwerking met constructeurs van machines en leveranciers van betonwaren met veel inspanning methoden te ontwikkelen waarmee het zware handstraatwerk uit de wereld wordt geholpen, terwijl anderzijds een zeer groot aantal, voor het merendeel kleine, straatmakersbedrijven het gebruik van machines bewust achterwege laat. Hier heerst nog steeds een macho-cultuur waar het tillen en slepen met 70 tot 100 kg zware betonbanden nog dagelijks tot de uitdagingen hoort.

Machinegebruik

Van de ruim 900 kleine ondernemingen binnen de Nederlandse straatmakersbranche is slechts 15 % georganiseerd in de Ondernemersbond Bestratingsbedrijven Nederland (OBN), een landelijke vereniging die zich onder meer beijvert voor gezonde arbeidsomstandigheden, respectievelijk de veiligheid op de werken en de gezondheid van de straatmaker. Echter het gros van de Nederlandse straatmakers die gezamenlijk een markt vertegenwoordigen met een omzet van f.1,5 miljard, geeft nog weinig voeding aan de wens van een gezonder werkklimaat en een mensvriendelijker bedrijfstak door een intensiever machinegebruik.

Met het vele geld dat inmiddels in technische ontwikkelingen is gestopt heeft het bedrijfsleven getoond bereid te zijn tot investering in materieel. De overheid dient er dan wel voor te zorgen dat voldoende mogelijkheden worden aangedragen, die ontwikkelingen in de praktijk toe te passen. Met het A-blad in de hand zouden gemeenten voor de uitvoering van bestratingswerk, inzet van materieel meer dwingend ke voorschrijven. Bij de oprichting van de Vereniging van Machinaal Straatwerk , medio dit jaar pleitte voorzitter J. Pender er reeds voor dat gemeenten, om een intensiever en groter gebruik van machines en werktuigen te bewerkstelligen, machinaal straatwerk geheel of gedeeltelijk in de bestekken zouden voorschrijven. Zolang stimulering van die kant achterwege blijft zal van verandering op grote schaal binnen de bestratingsbranche niet echt spraken zijn.

Opleiding

Teneinde de straatmaker vertrouwd te maken met de bediening van de moderne machines en werktuigen is bovendien een adequate opleiding noodzakelijk. Reeds drie jaren wordt echter al gewacht op aangepaste leerstof.

Volgens de Arbo-wetgeving mogen betonbanden boven de 35 kg niet meer handmatig worden getild.

Niettemin worden voor de opleiding tot straatmaker examens afgenomen waarbij het stellen van deze zware betonprodukten nog volledig met handkracht wordt verricht.

Reageer op dit artikel