nieuws

Groot deel omzet behaalt Tichelaar in bouw

bouwbreed

De Koninklijke Tichelaar Makkum is bij het grote publiek vooral bekend om zijn fraaie sier-aardewerk en -tegels. Toch haalt dit bedrijf nog altijd ongeveer dertig procent van zijn omzet in de bouw.

Nu is het niet zo dat woningbouwcorporaties staan te dringen om tegels of sanitair voor hun sociale huurwoningen bij Tichelaar te bestellen. De nieuwe woningen zouden voor de primaire doelgroep nog onbereikbaarder worden dan nu al het geval is.

Want goedkoop zijn de produkten uit Makkum niet, ke ze ook niet zijn, omdat bij Tichelaar nog geheel ambachtelijk wordt gewerkt. Nog steeds wordt elk stuk met de hand gevormd en geschilderd volgens oude technieken, wat veel tijd -en dus geld- kost. Maar ook interessant is, zoals wel blijkt uit het feit dat per jaar 40000 toeristen via de fraai ingerichte toonzaal langs de produktieafdelingen worden geleid.

Drie onderdelen

“Wat de bouw betreft kennen we drie onderdelen”, vertelt adjunct-directeur ir. Jan P. Tichelaar in die met honderden prachtige stukken oud en nieuw aardewerk ingerichte toonzaal. “Namelijk de betegelingen, grof keramiek en het restaureren van buitenbetegelingen. Een groot deel van ons werk voor de bouw is bestemd voor het buitenland. Wij hebben bijvoorbeeld een heel goede klant in Amerika met wel veertig vestigingen. En ook Duitsland is een goede afnemer, onder meer van onze geglazuurde dakpannen.”

“Ook die dakpannen worden ambachtelijk vervaardigd. Voor die geglazuurde dakpan is een markt die langzaam met rustig groeit: elk jaar is er wel sprake van een kleine omzetvergroting. Ze zijn vooral bestemd voor klanten die een uniek dak willen hebben, want we ke die pannen in alle gewenste kleuren en kleurschakeringen fabriceren. We zijn ook in staat een dak uit vroeger jaren te restaureren. Zo hebben we bijvoorbeeld het hoofdkantoor van de PTT in Utrecht met een dak van rond de eeuwwisseling met allerlei kleurschakeringen weer keurig gerestaureerd.” Volgens ir. Tichelaar worden geglazuurde dakpannen ook in weer meer op nieuwe gebouwen toegepast. “Maar dan niet altijd op het hele dak maar in een bepaalde baan om een extra accent te geven.”

Tegels

Een ander produkt van de grof keramische afdeling van Tichelaar zijn de rietvorsen, die dus voor rieten daken worden gebruikt.

De tegels van Tichelaar worden gebruikt in keukens en badkamers. “Maar dan vrijwel uitsluitend in de duurdere particuliere bouw. Sommige mensen willen ook graag exclusieve tegels in hun gang. En nu hebben we toevallig een eigenaar van een luxe jacht in aanbouw als klant, die graag onze tegels op zijn boot heeft. We leveren natuurlijk ook zowel witte als beschilderde tegels op bestelling aan de bouwmaterialenhandel.”

Een belangrijke sector is de restauratie. Tichelaar is begonnen met het restaureren van oude tegeltableaus in de bij het bedrijf bekende technieken, maar, aldus de adjunct-directeur, de afgelopen jaren ke we werken met elke denkbare techniek.

“We hebben al tal van belangrijke restauraties achter de rug, zoals het tegelwerk van het raadhuis van Dudok in Hilversum, het Rijksmuseum en het Centraal Station in Amsterdam. Dat restauratiewerk is natuurlijk niet eenvoudig, maar we hebben, gezien de grootte van ons bedrijf, omvangrijk laboratorium, waar onze bekwame medewerkers veel werk in onderzoek st steken.”

Die bekwame medewerkers en medewerksters zijn, aldus ir. Tichelaar, niet uitsluitend op het laboratorium te vinden. “Wij hebben goede, creatieve mensen in dienst, die een lange opleiding achter de rug hebben. Onze schilders ke zich bijvoorbeeld pas na vijf jaar ‘volwaardig’ noemen.”

De Koninklijke Tichelaar Makkum heeft op het ogenblik 86 mensen in dienst, van wie ter ongeveer 57 in de produktie werkzaam zijn.

Directie

Het bedrijf staat sinds enkele jaren onder leiding van directeur C. van Zeumeren, de opvolger van ir. P. J. Tichelaar, een nazaat in rechte lijn van Freek Jans, die als eigenaar van het bedrijf zich in 1676 Tichelaar, steenbakker dus, ging noemen. Zijn zoon Jan Tichelaar vertelt dat er in de afgelopen decennia goede en minder goede jaren zijn geweest. “De zeventiger jaren waren van goud. Het was een tijd van hoogconjunctuur en het publiek wilde graag ons aardewerk kopen. Maar de jaren tachtig waren moeizaam. Het ging minder goed met de economie en de smaak van het publiek veranderde ook. Het laatste moeilijke jaar was 1992 en vorig jaar hadden we gelukkig weer een goed resultaat.”

Continuiteit

“En de toekomst ziet er gunstig uit, in de keramische branche is dat op het ogenblik wel uniek. Een voordeel is natuurlijk dat wij niet alleen van de markt van sier-aardewerk voor het grote publiek afhankelijk zijn maar dat wij verschillende ijzers in het vuur hebben. De ene sector, bijvoorbeeld de bouw, is weer een heel andere markt dan bijvoorbeeld de markt voor zakelijke geschenken. Het nadeel is wel, dat je je aandacht moet versnipperen maar het voordeel van risicospreiding werkt heel goed. Voorop staat de continuiteit van ons bedrijf. Daarmee wordt een belangrijk deel van de werkgelegenheid in Makkum en omgeving in stand gehouden. Maar ook belangrijk vinden wij dat door die continuiteit cultureel erfgoed wordt behouden.”

Een der pronkstukken die in de toonzaal van Tichelaar in Makkum zijn te vinden.

“…nog steeds wordt elk stuk met de hand gemaakt…”

Het vervaardigen van de tegels vergt veel vakmanschap.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels