nieuws

Boekje geeft overzicht van mogelijkheden elektronica

bouwbreed Premium

De Nationale Woning Raad (NWR) te Almere heeft in samenwerking met de Stichting Invenit een boekje uitgegeven over de mogelijkheden op het gebied van telecommunicatie en elektronica in de woning. Het doel van de publikatie is het ”waas van mystiek en hobbyisme, waarmee de intelligente woning’ nog steeds is omgeven, te doorbreken.”

In het voorwoord schrijven N. van Velzen, directeur van de NWR, en drs. B. Uythof, voorzitter van de Stichting Invenit, te hopen dat er een snelle en omvattende doorbraak komt van intelligente voorzieningen in de nieuwbouw en de bestaande woningvoorraad. Ze voegen hier aan toe, dat het wel degelijk mogelijk is om woningen zonder intelligentie op de toekomst gericht te exploiteren. Niet de technologie, maar de behoefte van de doelgroep moet centraal staan.

Wie verwacht dat het boekje is samengesteld in samenwerking met de doelgroep, komt echter bedrogen uit. De Stichting Invenit is geen vertegenwoordiging van huurders, maar van producenten, leveranciers en verhuurders. Ook het Nationaal Computer Centrum Woningcorporaties (NCCW) maakt deel uit van de Stichting.

Volgens het voorwoord zijn de verhuurders meer en meer betrokken bij de wensen en verwachtingen van de huurders. Dat komt vooral omdat de woningcorporaties nieuwe stijl’ als ondernemingen gezien worden, die een klantgericht beleid moeten ontwikkelen. Van Velzen en Uythof schrijven dat de toekomstwaarde en de flexibiliteit van het woningbezit verhoogd worden door de toepassing van intelligentie. Het is een goed voorbeeld van kwaliteitsbeheer van woning en woonomgeving, stellen zij.

Het boekje is verdeeld in vijf hoofdstukken. Het eerste is een inleiding, het tweede gaat in op de doelgroepen en randvoorwaarden, het derde geeft een aantal toepassingen, het vierde hoofdstuk behandelt de situatie van de woningcorporaties en het vijfde beschrijft een aantal baanbrekende poen. Het geheel wordt afgesloten met een presentatie van de Stichting Invenit en een literatuurlijst.

Niet bekend

Door het Ministerie van Economische Zaken is echter in 1991 onderzoek gedaan. Uit dit onderzoek bleek dat de woonconsumenten weinig problemen ziet. Wel ziet hij het nut van een grotere beheersbaarheid van de verlichting en een goede maar eenvoudige beveiliging.

Weerstand

Uit het onderzoek bleek ook, dat er bij de consument weerstand bestaat tegen intelligentie in en om de woning. De weerstand neemt echter af naarmate hij of zij meer met de techniek wordt geconfronteerd. Volgens het boekje is hier een parallel aanwezig met de introductie van bijvoorbeeld de telefoon. De conclusie is, dat producenten, leveranciers en verhuurders hiermee rekening moeten houden als zij de behoefte aan intelligentie bij de bewoners willen stimuleren. Blijkbaar is het aanbieden van intelligentie niet zozeer een reactie op uitgesproken wensen van bewoners, maar een actie van producenten, leveranciers en verhuurders.

De onbekendheid van intelligent wonen bij de consumenten vormt volgens het boekje een belemmering bij de invoering ervan. De NWR en de Stichting Invenit pleiten meer voor het opvoeden’ van de woonconsument, dan voor het beantwoorden van een werkelijk bestaande vraag. Wellicht is er een parallel te trekken met eerdere maatschappelijke bewegingen, die tot doel hadden de consument te leren correct’ te wonen.

Er zijn al verscheidene poen voor invoering van intelligentie in de woning mislukt. Volgens de samenstellers van het boekje is dit steeds te wijten aan het feit, dat de opdrachtgevers niet serieus hebben onderzocht wat de behoefte van de consument is. De oplossing zou zijn, woningen tijdens de bouw te voorzien van een basisstructuur, die verschillende vormen van intelligentie mogelijk maakt. De doelgroepen moeten dan later zelf maar zien, welke mogelijkheden ze willen gebruiken. Op die manier is investeren in intelligente woningen vanuit het standpunt van de verhuurder een verantwoorde zaak. De woningcorporatie wordt in het boekje overigens wel gewaarschuwd voor te groot optimisme. ”De mogelijkheden van domotica bij de woonconsument zijn relatief onbekend. Meer dan anders moeten de vragen (gesteld aan de bewoners) op dit gebied worden ondersteund met toegesneden en begrijpelijke informatie en documentatie.”

Hoge kosten

Ook zijn de kosten om een intelligent systeem te installeren nog steeds (te) hoog. Daarnaast is er geen Europese standaard voor de systemen. Dat laatste hoeft echter geen groot probleem te zijn, als er maar gekozen wordt voor een toekomstgerichte installatie. De kosten van aanpassing aan een komende Europese norm ke dan beperkt blijven. Fabrikanten zoals Batibus, Honeywell, Siemens en Echelon hebben installaties op de markt gebracht die behoorlijke mogelijkheden bieden. Door het ontbreken van een Europese standaard zijn ze niet onderling uitwisselbaar.

Aantrekkelijk aan het boekje over intelligent wonen, is dat de begrippen nu eens duidelijk worden uitgelegd. Termen als domotica’, smart house’, home bus’ enzovoort passeren de revue. Voor wie wil weten wat op dit moment mogelijk is op het gebied van intelligent wonen, is de publikatie van NWR en de Stichting Invenit nuttige literatuur.

Reageer op dit artikel