nieuws

Stijgende vraag naar water dwingt tot beter beheer

bouwbreed

De sterk stijgende vraag naar water voor de groeiende wereldbevolking en de daarbij komende beschermende maatregelen die nodig zijn om het zoete water en de grond te vrijwaren van stedelijk vervuiling, dwingen tot snelle preventieve actie. Het waterbeheer dient integraal en supra-nationaal te worden aangepakt volgens de lijnen van de conferentie van de Verenigde Naties over Milieu en Ontwikkeling in Rio de Janeiro vorig jaar.

Dit bleek uit de voordracht van John Hennessy, voorzitter van de International Commission on Irrigation and Drainage (ICID), van dinsdag 7 sept op het internationale ICID-congres ‘Water management in the next Century’ in het Nederlands Congresgebouw in Den Haag.

In zijn ‘keynote speech’ pleitte hij voor een aanpak volgens de lijnen die daarover in de United Nations Conference on Environment and Development in juni vorig jaar werden vastgelegd: duurzaam verhogen van de produktie van gewassen, belangrijk verminderen van het gebruik van irrigatiewater en nieuwe vervuiling en verdere grond- en waterdegradatie voorkomen of stoppen.

Reeds lang voor de conferenties in Dublin (International Conference on Water and Environment, januari 1992) en Rio (United Nations Conference on Environment and Development, juni 1992) heerste wereldwijd de overtuiging dat een groot gedeelte van de waterbekkens, en daarmee de mensen die daarvan afhankelijk zijn, gevaar lopen. Er is zelfs sprake van een dubbel bedreigend effect, te weten de toenemende behoefte aan zoet water en de ongeremde vervuiling van rivieren en waterlopen.

De toename van de wereldbe volking maakt overduidelijk dat water als primaire grondstof van eindige omvang is. Algemene voorspellingen voorzien dat over ongeveer tien jaar vanaf nu meer dan de helft van de wereldbevolking in verstedelijkte gebieden zal wonen, maar dat dit toe zal nemen tot 60% (vijf miljard mensen) tegen het jaar 2025.

Stijgende vraag

De toename van de wereldbevolking leidt tot een sterk stijgende vraag naar water. Met de daarbij komende beschermende maatregelen die nodig zijn om het zoet water en de grond te vrijwaren van stedelijk vervuiling dwingt dit tot snelle preventieve actie. Voor industrieel en particulier gebruik zal de vraag naar water wel stijgen, maar de sterkste toename is te verwachten uit de sector van de geindustrialiseerde landbouw. Die zal in de komende tien tot twintig jaar die in de particuliere en industriele sectoren overtreffen.

Het huidige waterbeheer moet drastisch om, zo voerde Hennesy aan. Veel rivierbekkens hebben bij de huidige onttrekking de grens van hun duurzame waterafdracht al bereikt.

Daarom moeten alle betrokken sectoren zich ten doel stellen hun waterbeheer aanmerkelijk te verbeteren. En dat moet nu gebeuren, vindt Hennessy.

Het meeste resultaat van doelmatigheid bij gebruik van water moet bijvoorbeeld komen van de grootste gebruiker – de geirrigeerde landbouw. De noodzaak hiertoe wordt al jaren onderkend, maar tot nu toe is er in de praktische sfeer nog weinig succes geboekt. Hij is van mening dat overeenkomstig de richtlijnen van de United Nations Conference on Environment and Development in Rio de Janeiro in juni 1992, de hoogste prioriteit voor de jaren 90 moet liggen bij het bereiken van een duurzame en grote verbetering van het waterbeheer.

Duurzaam Het waterbeheer in de toekomst zou een duurzame ontwikkeling mogelijk moeten maken. De aanpak van zaken moet allesomvattend zijn, vindt Hennessy. Die is weer te geven in het formuleren van doelstellingen hieromtrent, zoals bijvoorbeeld het quantificeren van het waterbesparingsprogramma.

Ook pleitte Hennessy voor het oprichten, met geeigende steun van wet- en regelgeving, van zekere ‘milieu-instanties’.

Daarmee kan volgens hem een redelijk evenwicht worden gevonden tussen milieubehoud en ontwikkelingsprogrammas, dit evenzeer voor de industrie- als voor de ontwikkelingslanden. In het algemeen staat het concept dat ‘de vervuiler betaald’ in het huidige beleid van de ICID centraal.

Duurzaam beheer van waterbekkens in de volgende eeuw zal een aantal bepalende kenmerken hebben. Als voorbeeld een van de vele die door Hennessy werd genoemd: besluiten over de toewijzing van waterbronnen zullen genomen moeten worden met volledige kennis van de economische waarde ervan. Daarbij moet voor zover mogelijk het principe ‘de gebruiker betaalt’ worden gehanteerd. Volgen van dit principe houdt volgens Hennessy in dat overheden accepteren dat het gedaan is met fiscale knoeierij in de agrarische sector.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels