nieuws

Schilderen op niveau door bijscholing in clubverband

bouwbreed

De Studieclub Schilders. Nooit van gehoord, zal menigeen zeggen die niet in de bedrijfstak werkzaam is. Maar het gaat wel om een netwerk van 22 regionale clubs met niet minder dan 4000 leden.

Het doel: kennisvermeerdering en kwaliteitsverbetering.

Op zaterdag 18 september hebben ze hun jaarlijkse reunie in Haren. Hoogtepunt van de dag is de bekendmaking van de winnaars van de vakwedstrijd die ieder jaar wordt georganiseerd. In totaal waren er ruim honderd inzendingen in diverse categorieen: van de toepassing van oude schildertechnieken tot het geven van verftechnische adviezen.

De studieclubs bestaan al sinds 1947. Geboren uit de behoefte om iets te doen aan de onderwijs-achterstand na de Tweede Wereldoorlog, zijn ze uitgegroeid tot een veel breder instrument om de kwaliteit en de kennis binnen de bedrijfskolom op hoger niveau te brengen.

Landelijk voorzitter Iz. van Haaften is trots op ‘zijn’ clubs, niet in het minst omdat de schilderswereld daarmee een uniek instrument bezit. ‘Iedereen is erin vertegenwoordigd: van ondernemer tot leerlingschilder, van opzichter tot werknemer bij de verfindustrie. Het is een bijzondere club, een beetje te vergelijken met een volksuniversiteit. Op de clubavonden staat steeds een onderwerp centraal. Daarover wordt gediscussieerd en soms slaat het zo aan dat een aantal leden besluit een cursus te gaan volgen.’

De onderwerpkeuze voor de clubavonden is zeer breed. Van oude schildertechnieken tot moderne managementtechnieken. En alles wat daartussen ligt, zoals de milieuproblematiek, de Arbowet, nieuwe ontwikkelingen in (watergedragen) verven, verfmethoden, gereedschap en kleurtoepassingen.

Iedere club is volledig autonoom, maar er is een centrale clubleiding, waarin alle clubvoorzitters zitting hebben. Van Haaften is sinds 28 jaar voorzitter van deze centrale leiding, die fungeert als een soort dagelijks bestuur.

Verfpotje

Van Haaften (72) begon zijn loopbaan op dertienjarige leeftijd als schilder in het bedrijf van zijn vader. ‘Ik ben met het verfpotje geboren. En als je er eenmaal mee bent besmet, kom je er niet meer vanaf.’

Toch verruilde hij na zeventien jaar zijn bestaan als schilder voor een baan als arbeidsanalist bij Werkspoor. De laatste dertig jaar voor zijn pensionering in 1986 was hij arbeidsanalist bij het Bedrijfschap Schildersbedrijf. Maar het schildersvak laat hem nog steeds niet los. Hij is niet alleen voorzitter van de studieclubs, hij volgt alle ontwikkelingen op de voet. ‘Ook nu nog doe ik allerlei klusjes in huis en het liefst gebruik ik daarvoor de nieuwste materialen.’

Reunie

Centrale activiteit van de clubs is de jaarlijkse reunie, die steeds door een andere regio wordt verzorgd. Tijdens deze reunie wordt de uitslag bekend van de jaarlijkse vakwedstrijd.

Deze wedstrijd is zowel bestemd voor huisschilders als industrieschilders, zowel voor leerlingen als gevorderden en topschilders. De drie MTS-en gebruiken de wedstrijd ook als opdracht voor het afstudeerwerk voor de vierdejaars studenten. Dit jaar waren er niet minder dan 51 inzendingen uit de scholen.

Bovendien ke er inzendingen worden opgestuurd in de categorie advisering. De inzenders in deze categorie moeten voor een bepaald gebouw een verftechnisch advies, een kostenadvies en een kleuradvies maken. Dat deze categorie is opgenomen in de wedstrijd danken de schilders aan de persoonlijke bemoeienis van Van Haaften. ‘Ik vind dat een schilder meer is dan iemand die alleen maar een kwast hanteert om een kozijn te verven.

Een schildersbedrijf moet volledig in staat zijn om advies te geven.”

Imitatie

Gevraagd naar een voorbeeld van een werkstuk dat zou ke worden ingezonden, haalt Van Haaften een paneeltje van de muur van zijn woonkamer.

Het houten paneel is hem aangeboden bij zijn 25-jarig jubileum als landelijk voorzitter.

Fout: het is geen hout, maar een volledig geschilderde houtimitatie.

‘Dat is een techniek die dreigde verloren te gaan, evenals marmerimitaties. Het werd lange tijd door architecten bestempeld als kitsch. Gelukkig zie je het tegenwoordig in mooie gebouwen weer, dat hoogwaardige schilderwerk.

En ook onder schilders zelf is er ongelooflijk veel belangstelling voor dit soort speciale, versierende technieken. Niet alleen uit liefhebberij, het is ook te verkopen. Waarom doen we het niet net zo als de modehuizen: die nodigen ook hun klanten uit als de nieuwe collectie binnen is.”

Volgend jaar is de regio Zeeland aan de beurt voor de organisatie van de reunie. Een van de opdrachten voor de vakwedstrijd is het maken van een verfadvies voor een bouwkeet.

De winnaars gaan ook dan weer naar huis met een oorkonde. Want het gaat niet om de prijs maar om de eer, om het leerproces dat de deelnemers doormaken, om de kwaliteitsverbetering van het schildersvak.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels