nieuws

Dakisolatie onder vuur door het Bouwbesluit

bouwbreed

Aan de thermische en akoestische isolatie van (hellende) daken worden onder meer door invoering van het Bouwbesluit aanzienlijk zwaardere eisen gesteld dan tien jaar geleden.

‘De eisen voor thermische isolatie zijn in die periode verscherpt van R1,3 m2K/W naar 2,5 m2K/W. De dikte van de isolatie pur-schuim is toegenomen van 30 tot 70 mm en van mineraalwol van 45 tot 90 mm’, aldus J.W. Niggebrugge van Lichtveld Buis en Partners BV, raadgevende ingenieurs te Utrecht. ‘De consequentie van de dikkere isolatie is, dat de dakelementen hogere ribben hebben gekregen, waardoor ze stijver en zwaarder zijn geworden. Dat is akoestisch gezien minder gunstig. Verder wordt in het kader van de Arbowet naarstig naar verbetering van de arbeidsomstandigheden in de bouw gezocht. Losse dakelementen bijvoorbeeld van een meter breed en met lengten van nok tot goot zijn met de hand aan te brengen, mits ze van lichtgewicht matereaal zijn samengesteld. Voor sandwichelementen geldt ongeveer 6 kg/m2. Akoestisch geven deze problemen. Om akoestisch in orde te zijn zouden ze 10-12 kg/m2 moeten zijn.

‘Klapkappen’

Constructief gezien neemt het aandeel van de zogenaamde ‘klapkappen’, dit zijn (scharnierende) systeemkappen voorzien van isolatie, aanzienlijk toe. Dit vanwege de arbeidstijdbesparing op de bouw.

Verder past deze ontwikkeling in de bouw, die tendeert naar complete bouwdelen die op het werk worden gemonteerd.

‘De invoering van het Bouwbesluit heeft voorts als gevolg, dat de vereiste luchtgeluidisolatie tussen woningen met 3 tot 5 dB(A) is verzwaard. Dit geldt zowel voor de beganegrondruimten als de zolder’, zo zei Niggebrugge ons. Deze verzwaring houdt in, dat er sandwichelementen met een hoger gewicht moeten worden gebruikt. En dat heeft weer mogelijk ongunstige arbeidsomstandigheden tengevolge.

Het kan bijvoorbeeld de produktie van klapkappen met wolisolatie stimuleren. Het toepassen van sandwich- of losse dakelementen met schuim wordt kritischer, maar blijft onder bepaalde omstandigheden van produktie mogelijk.

Flankerend Kritisch is ook het isoleren van de geluidstransmissie via het pannendak.

Deze wordt flankerende transmissie genoemd, omdat deze bij rijtjeswoningen langs de scheidingconstructie van de woningen loopt. Vlak bij de bouwmuur komt meer geluid door het dak dan op afstand.

Eenvoudig kan worden gesteld dat de isolatie van een bepaalde strook van het dak langs de bouwmuur bepalend is voor de mate van isolatie van het dak.

De strookbreedte die dient te worden aangehouden, hangt sterk af van het fabrikaat. De breedte varieert per soort dakelement. De flankerende isolatie is afhankelijk van de zwaarte van de woningscheidende muur a in figuur 1, de kierdichtheid van de aansluiting van het dak op de wand e, de geluidstransmissie via de luchtspouw via de luchtspouw onder de dakpannen b en het trillingsniveau van de pannen c. Meestal is de mate van isolatie van de geluidsoverdracht via de woningscheidendewand b, bepalend voor de effectiviteit van de isolatie.

Dakspouw

In figuur 2 geeft Niggebrugge enkele manieren aan, waarop de luchtspouw onder de dakpannen wordt geisoleerd. Het zijn verschillende uitvoeringen van de ‘barriere in de dakspouw.

Het vastklemmen van de isolatie met behulp van panlatten op het dakbeschot zoals dat wel voorkomt, moet volgens hem als onvoldoende worden beschouwd. Dat geldt eveneens voor het isoleren met minerale wol met daarop folie.

‘De enige manier om deze akoestische isolatie goed uit te voeren is het aanbrengen van minerale wol tussen de panlatten’, aldus Niggebrugge.

Het pakket moet dikker zijn dan de panlatten en tot 50% worden gecomprimeerd. Dat houdt in dat er 50 of 60 mm dikke stroken minerale wol moeten worden gebruikt.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels