nieuws

Mysterie van geelverkleuring in woningen blijft onopgelost

bouwbreed

Normaal in een woning voorkomende kook- en rookprodukten zijn vermoedelijk de oorzaak van de snelle geelbruinverkleuring in veel Nederlandse woningen. Maar de vraag waarom deze produkten in de ene woning wel en in de andere niet tot verkleuring leiden, blijft onbeantwoord. GG&GD Amsterdam en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiene (RIVM) hebben het probleem in kaart gebracht, maar het mysterie niet ke oplossen. Vervolgonderzoek moet uitkomst bieden.

In samenwerking met de Nationale Woningraad en het NCIV hebben GG&GD Amsterdam en het RIVM een enquete gehouden onder alle woningbouwcorporaties. Daaruit blijkt dat 29 procent wordt geconfronteerd met verkleuring in woningen. In totaal werd de verkleuring gemeld in 3600 woningen, maar waarschijnlijk is dat het topje van de ijsberg, omdat de corporaties geen weet hebben van niet-gemelde gevallen.

De verkleuring blijkt vooral een probleem van de laatste tijd. Ruim 80 procent van de verkleuringen ontstond na 1985, een derde zelfs na 1990.

Meer dan de helft van de verkleuringen deed zich voor in het eerste halfjaar na de oplevering van de nieuwbouw of renovatie. Veertien procent ontstond al tijdens de bouw of in de opleveringsfase.

Uit de enquete blijkt het probleem verspreid over het hele land voor te komen in elk type woning, bij elk type ventilatie- en verwarmingssysteem, bij elk type geiser en keuken. De oorzaak van het probleem ligt dus niet in een bepaald woningkenmerk; het is hoogstens een combinatie van factoren.

Uit de enquete blijkt wel dat de verkleuring relatief minder voorkomt in hoogbouw, HAT woningen, bij een gesloten cv, natuurlijke ventilatie, stadsverwarming, een gesloten keuken, collectieve verwarming met warmwatervoorziening en een geiser zonder afvoer.

Daarentegen komt het probleem vaker voor in bejaardenwoningen, bij collectieve continue mechanische afzuiging, individueel gebalanceerde ventilatie met warmteterugwinning zonder uitstand, een combiketel, een geiser met afvoer en een open keuken.

Maatregelen

In de helft van de gevallen zijn maatregelen getroffen om het probleem te verhelpen. De oplossing werd vooral gezocht in het verven van wanden en plafonds en in het verbeteren van het ventilatiesysteem. Maar slechts een kwart van de gevallen bleek daarmee opgelost.

Geen enkele maatregel blijkt een oplossing voor alle gevallen. Verven lijkt nog het meest succesvol, maar vaak komt de verkleuring daarna terug.

Ook uit literatuuronderzoek hebben GG&GD en RIVM geen eenduidige oorzaken van het probleem ke afleiden. Wel zijn er een aantal factoren ge vonden waaraan het probleem niet hoeft te worden toegeschreven: de gehaltes aan verbrandingsgassen, de concentraties van vluchtige organisache verbindingen of luchtstof.

Ook schimmels en bacterien lijken geen rol te spelen, evenals bouwmaterialen zoals de vaak verdachte spuitpleister en bekistingsolie.

Uit de enquete blijkt wel een samenhang met roken, terwijl de aanwezigheid van huisdieren ook een rol speelt. Maar ook in woningen waar niet wordt gerookt of waar geen huisdieren zijn komt de verkleuring voor.

Conclusie is dat de bron van de verkleuring waarschijnlijk moet worden gezocht in normaal in een woning voorkomende stoffen. Maar waarom deze in de ene woning wel en in de andere niet tot verkleuring leiden, blijft een vraag. Daarom stellen GG&GD en RIVM voor een vervolgonderzoek in te stellen. Daarvoor is inmiddels een aanvraag ingediend bij het ministerie van Vrom, dat ook het recente onderzoek financierde.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels