nieuws

Zelfdenkend ventilatierooster volgende maand op de markt

bouwbreed

TNO-Bouw heeft een zelfregelend ventilatierooster ontwikkeld, dat begin juli in de handel wordt gebracht door het bedrijf Compri-Aluminium BV in Zwijndrecht. Het nieuwe rooster sluit zich als het harder gaat waaien en opent naarmate de wind afneemt.

Eerder onderzoek van TNO naar luchtdichter bouwen had ook een keerzijde aan het licht gebracht van de pogingen zoveel mogelijk energie te besparen op de verwarming van gebouwen. In kierdichte huizen wordt het bedompt en soms treedt zelfs schimmelvorming op.

Dat kan worden voorkomen door ramen of roosters te openen, maar dan ontstaat er weer een tochtprobleem. Bovendien wordt het uiteindelijke doel, energiebesparing, door overmatig ventileren niet gehaald. Ook moeten ventilatieroosters regelmatig worden bediend, wat in de praktijk nauwelijks gebeurt. TNO heeft de oplossing voor dit probleem gevonden in de vorm van zelfregelende ventilatieroosters.

De resultaten van het onderzoek worden beschreven in het juninummer van het TNO-magazine Toegepaste Wetenschap.

Computermodellen De onderzoekers van TNO bootsten de praktijksituatie na in computermodellen. Daaruit bleek dat de invloed van weer en wind en de geringe mogelijkheden van bewoners om dit te corrigeren de kern van het probleem vormden. Daardoor varieert de verdeling van de ventilatie over de verschillende vertrekken in huis.

Een ventilator op de afzuigkanalen kan weliswaar de totale ventilatie van de woning stabiliseren, maar de verdeling over de vertrekken blijft onvoldoende. Dat is echter niet het geval bij zelfregelende toevoerroosters in ieder vertrek. Deze passen de doorlaat zodanig aan de plaatselijke wind aan, dat steeds dezelfde ingestelde ventilatiestroom wordt doorgelaten.

Daardoor krijgt ieder vertrek de juiste ventilatie. Al eerder zijn ontwerpen van soortgelijke ventilatieroosters gemaakt, maar deze werkten pas bij extreem hoge windsnelheden of gingen bij windvlagen klepperen.

TNO wijt deze onvolkomenheden aan een gebrek aan samenwerking tussen onderzoeker en produktontwerper.

Meestal wordt de produktontwerper pas ingeschakeld als het onderzoek al is afgerond.

Hij krijgt dan te weinig onderzoekkennis om de juiste ontwerpafwegingen te maken en dat leidt niet tot het gewenste produkt, aldus TNO.

Aanpak

Daarom is bij het recente onderzoek gekozen voor een an dere aanpak. Al in een vroeg stadium werd een fabrikant geselecteerd, die vervolgens een groot deel van de ontwikkeling op zich nam, daarbij ondersteund door het Produktcentrum van TNO en een door TNO opgesteld produktontwikkelingsplan.

TNO is overigens van plan het niet bij dit nieuwe produkt te laten. Er zijn al initiatieven genomen om nieuwe toepassingen te realiseren. Zo wordt bijvoorbeeld gewerkt aan de toevoeging van een automatische instelling van de ventilatiebehoefte op basis van een aanwezigheidssensor. Ook toepassingen voor kantoren, fabrieken, stallen en dergelijke staan op het programma.

De zogenaamde IQ-unit gaat rond de 200 gulden kosten.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels