nieuws

Vertaling cao-afspraken naar regio verdient meer aandacht

bouwbreed

Sociale partners in de bouw zijn onvoldoende doordrongen van het feit dat de caoafspraken die zij op het terrein van de arbeidsmarkt maken bij de arbeidsvoorziening op micro-niveau moeten worden uitgevoerd. Gevolg is dat landelijke afspraken nogal eens op onbegrip stuiten in de regio.

Arbeidsmarkt Frans Oremus Dit hield directeur mevrouw Derksen van het Regionaal Bestuur Arbeidsvoorziening (RBA), Regio IJssel-Vecht, een delegatie van de Hout- en Bouwbond CNV voor in Zwolle. De CNV-delegatie, onder leiding van voorzitter F. van der Meulen, bracht hier een werkbezoek aan het RBA om te praten over de arbeidsmarktsituatie in deze regio.

Voorzitter Scholten van het RBA zei over het algemeen erg tevreden te zijn over de inspanningen die sociale partners in de bouw via de Stichting Bouw-vak-werk verrichten om een sectoraal arbeidsmarktbeleid te voeren.

“De bouw is de eerste bedrijfstak geweest die dit op een zon voortvarende wijze heeft aangepakt.” Volgens Derksen zitten er echter in het uitvoeringstraject, dat voor een deel neerkomt op de schouders van de bemiddelaars op de arbeidsbureaus, nogal wat knelpunten. Als voorbeeld noemt zij de cao-afspraak om 3000 allochtonen in de bouwnijverheid op te nemen. “In de praktijk zijn dit soort afspraken niet altijd haalbaar. In sommige regios zijn bijvoorbeeld heel weinig allochtonen of staan de werkgevers er erg onwelwillend tegenover. Als de doelstelling dan niet wordt gehaald wordt al snel de vinger gewezen naar de arbeidsvoorziening als zouden wij ons niet aan de afspraak houden” .

Volgens Derksen is er dan ook een belangrijke taak voor Bouw-vak-werk weggelegd om de cao-afspraken te verta len naar de werkgevers in de regio. “Zij moeten op de hoogte worden gesteld van welke verplichtingen hun branche is aangegaan. U gaat er wellicht van uit dat dit bij de werkgevers bekend is. Ik kan u echter vertellen dat sommige werkgevers niet eens van het bestaan van Bouw-vak-werk afweten” , aldus Derksen aan het adres van de Hout- en Bouwbond.

Zij pleitte er verder voor om in plaats van cao-afspraken voortaan ‘raamovereenkomsten’ te maken voor de te stellen doelen op het gebied van de arbeidsmarkt. “Dit voorkomt een hoop onbegrip in de regio.

Raamovereenkomst laat meer ruimte voor het eigen initiatief.

Men moet er op vertrouwen dat mensen in het plaatselijke uitvoeringstraject er dan al uitkomen.”

Flexibele arbeid

In antwoord op een vraag van bondsvoorzitter van der Meulen hoe het RBA staat tegenover het uitzenden van bouwplaatspersoneel (nu vanwege een veto van de bouwbonden nog verboden in de bouw, red.) zei de RBA-voorzitter hier “zeer liberaal” tegenover te staan. “Ik ben van mening dat werkgevers in perioden van hevige drukte moeten ke beschikken over uitzendkrachten.” De voorzitter wees als alternatief voor de werkgevers op de mogelijkheid om via het Arbeidsbureau mensen met een tijdelijk arbeidscontract in dienst te nemen.

Van der Meulen greep hierop zijn kans te baat om het standpunt van de CNV ten aanzien van uitzenden in de bouw over het voetlicht te werpen. “Uitzenden biedt geen enkele zekerheid voor de werknemers.”

Ook wanneer uitzenden wordt gezien als ‘snuffelstage voor jongeren, een veelgehoord argument voor uitzenden van werkgeverszijde, is van der Meulen daartegen. Het enige waar de Bond vraag naar flexibele arbeid van werkgevers wil honoreren is in het creeren van een professioneel systeem voor collegiale in- en uitleen, zo liet de bondsvoorzitter weten.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels