nieuws

1994 staat in het teken van de hond

bouwbreed Premium

Elk jaar op 1 januari beginnen we met frisse moed en in feeststemming aan een nieuwe cyclus van 365 dagen, of 366 als het om een schrikkeljaar gaat. Welke daarvan als werk-, feest-, snipper- of vakantiedagen zullen gelden is afhankelijk van de wettelijke bepalingen van het land waarin men woont, het werk dat men verricht, de persoonlijke instelling en de godsdienst die men aanhangt.

Waar de vijfdaagse werkweek is ingevoerd hebben de meeste mensen aan het einde daarvan op zaterdag en zondag vrij. In religieus opzicht is dat gunstig voor joden en christenen; voor de eerste groep is zaterdag de door hun religie geboden rustdag, voor de tweede groep is dat de zondag, terwijl het voor de moslims de vrijdag is.

Om die laatste reden kende en kent men in Egypte, een land met een overwegend moslim bevolking, een van de onze afwijkende regeling. Eerst waren de ministeries en andere overheidsinstanties op vrijdag en zaterdag gesloten. Sinds eind 1989 houdt men daar op donderdag en vrijdag de deuren dicht.

Van werknemerszijde werd bij ons niet of nauwelijks geageerd tegen de invoering van de 40- of 38-urige werkweek.

Dat lijkt ook voor de hand te liggen, minder dagen in touw en meer vrije tijd, dat lokt niet zo gauw protest uit. Maar in Japan denken veel arbeiders daar toch anders over.

De pogingen van de regering en grote bedrijven om het werken op zaterdag af te schaffen stuiten op bezwaren van de werknemers. Zij weten de vrije tijd waar zij plotseling over komen te beschikken niet zinvol te besteden en voelen zich daardoor niet op hun gemak; de lange weekenden zijn te vermoeiend en te kostbaar, want met winkelen en restaurantbezoek raakt het geld snel op. Toch zullen zij met hun weigerachtige houding de trend naar meer vrije uren voor de Japanse arbeider niet ke keren.

Op de eerste dag van januari ligt in de westelijke wereld het werk bijna overal stil, want de meeste mensen ke hun tijd dan op eigen wijze doorbrengen. In China, het land waar een vierde van de hele wereldbevolking woonachtig is, viert men eigenlijk twee keer het begin van een nieuw jaar. De eerste keer het begin van het burgerlijk jaar op 1 januari met een vrije dag voor allen. Een aantal weken later wordt op grandioze wijze het lentefeest, het begin van het nieuwe maanjaar gevierd met drie vrije dagen voor iedereen.

Het maanjaar begint, afhankelijk van de stand van de maan, op een wisselende datum tussen 21 januari en 19 februari.

Het staat telkens in het teken van een dier. Het achter ons liggende jaar stond in het teken van de haan, 1994 zal staan in het teken van de hond en 1995 in dat van het varken.

Men meent bepaalde karaktereigenschappen te ke afleiden uit het dierenteken van het jaar waarin iemand geboren is.

Behalve de gebruikelijke vakantie en de reeds vermelde nieuwjaarsdagen hebben de Chinezen in de loop van het jaar nog recht op enkele dagen verlof, waaronder een halve dag op 8 maart, de internationale vrouwendag. Dat mag merkwaardig heten in een land waar geboren meisjes niet zo welkom zijn.

In Vietnam, waar zoals in het heel Oost-Azie de Chinese maankalender of een variant daarvan wordt aangehouden, valt op hun nieuwjaarsdag ook hun gemeenschappelijke verjaardag: iedereen wordt op die dag een jaar ouder, ook degenen die pas enkele dagen geleden zijn geboren. In Duitsland en Oost-Europa zijn historische omwentelingen in het recente verleden van invloed geweest op de samenstelling van de officiele lijst van feesten en verlofdagen.

Na de hereniging van de beide Duitslanden verviel voor de Westduitsers 17 juni -indertijd ingesteld als herinnering aan de arbeidersopstand in 1953 in de DDR- als vrije ‘Dag van de Eenheid’. Daarvoor in de plaats kwam 3 oktober, de dag waarop de eenheid een feit was geworden. Een onverwacht gevolg van die datawisseling is dat op 17 juni de Duitsers niet meer massaal onze grens overkomen om in Limburg asperges te kopen.

Voorheen liep het op die dag storm bij de verkopers van de exquise groente.

In de voormalige Sovjet Unie heeft 7 november geen enkele betekenis meer, het was totnogtoe de nationale feestdag, herdenking van de oktoberrevolutie in 1917. In de Russische Federatie daarentegen vond een hele ommezwaai plaats, daar werd 7 januari, de dag waarop in de Russisch-orthodoxe kerk het kerstfeest wordt gevierd, tot feestdag verklaard in de tot voor kort atheistisch geregeerde staat.

De meeste landen herdenken op hun nationale feestdag een belangrijke gebeurtenis uit hun geschiedenis. Dat is in Frankrijk de bestorming van de Bastille op 14 juli 1789, in India, Indonesie en IJsland op respectievelijk 26 januari, 17 augustus en 17 juni de uitroeping van de republiek. Finland herdenkt op 6 december de dag dat het in 1917 onafhankelijk werd van Rusland, Polen viert op 22 juli de wedergeboorte van de staat in 1944, de Verenigde Staten op 4 juli de onafhankelijkheidsverklaring in 1776 en Zwitserland op 1 augustus de stichting van het Eedgenootschap in 1291.

Reageer op dit artikel