nieuws

Regering moet weg effenen voor ondergronds bouwen

bouwbreed

De regering dient spoedig de huidige juridische en planologische knelpunten op te lossen die zich aandienen bij de aanleg van ondergrondse infrastructuur. Dit om te verzekeren dat waar nodig op korte termijn al voor ondergronds bouwen kan worden gekozen. Als het gaat om de aanleg van de Betuwelijn kan daarop niet worden gewacht.

Bij de tracevaststelling ervan ke de huidige knelpunten zoveel mogelijk worden ontlopen.

Dat staat in een concept-advies van de Raad van Advies voor de Ruimtelijke Ordening (Raro) over de Betuweroute, de goederenspoorlijn van Rotterdam naar Zevenaar.

In het concept-advies staat dat ondergrondse aanleg van infrastructuur en andere voorzieningen in het algemeen in ons volle land “een ruimtelijk zeer interessant” beleidsthema vormt. In het belang van de ruimtelijke ordening vindt hij het een must dat Nederland zich de komende jaren hier intensief mee gaat bezighouden.

Er zijn echter knelpunten te over. Afgezien van de kosten en de leemten in de technische kennis is er, zoals gezegd, de onzekerheid in het juridische en planologische regime. Gedoeld wordt hiermee op zaken als in hoeverre voor de ondergrond het eigendomsrecht en bestemmingsplannen van invloed zijn. De regering moet dan ook, om de weg voor ondergronds bouwen te effenen, duidelijkheid over het in te zetten regime verschaffen. De vastgestelde planologische kernbeslissing Structuurschema Buisleidingen is daartoe volstrekt onvoldoende, aldus het advies.

Royaal

Ten aanzien van de Betuwelijn vindt een deel van de raad dat, in weerwil van de hogere kosten, grote delen van het trace

voor ondergrondse aanleg in aanmerking komen. Alleen op deze manier valt er voldoende kwaliteit van de omgeving te garanderen. De hogere kosten die dit met zich meebrengt ke overigens worden gecompenseerd, aldus de raad, omdat door ondergrondse aanleg het budget voor schadevergoedingen aan gedupeerden langs de lijn aanzienlijk naar beneden kan worden bijgesteld.

De regering, zo vindt de Raro, moet de schade aan gedupeerden namelijk wel royaal vergoeden, en daartoe garanties afgeven.

De meningen in de Raro over de aanleg van de Betuwelijn zijn overigens in meer opzichten verdeeld. Een meerderheid van de raad is weliswaar voor aanleg van de lijn; echter de meningen over de wijze waarop dit moet gebeuren verschillen.

Er is een stroming die een snelle realisering van de goederenlijn voorstaat, terwijl anderen meer inspanningen willen om de milieuschade te beperken.

Een derde stroming wil een zeer geleidelijke uitbouw van de spoorlijn die gelijk loopt met de groei van het vrachtvervoer.

De laatste groep wil geen nieuwe spoorlijn. Zij vindt dat de goederenstroom over de bestaande sporen kan worden opgevoerd.

Al met al vindt de raad, ondanks zijn overwegend positieve advies, de aanleg van de Betuweroute toch een enigszins hachelijke onderneming. De prognoses ten aanzien van het goederenvervoersvolume in het jaar 2010 is bijvoorbeeld gebaseerd op “een cumulatief samenspel van van hoge inschattingen” .

Analyse

Ook de financiele onderbouwing wordt als mager ervaren:het kabinet trekt f.2,4 miljard uit. Dat is de helft van de totale kosten. Tenzij voor (gedeeltelijk) ondergrondse aanleg wordt gekozen. In dat geval belopen de kosten ongeveer f.8 miljard. De Raro vraagt zich af of de overheid de financiele uitvoering dan nog kan verzekeren.

Om deze en andere redenen vindt de raad een nadere “gevoeligheidsanalyse’ gewenst om tot een verantwoord besluit over de aanleg van de Betuweroute te komen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels