nieuws

Project ‘bouwwerklozen’

bouwbreed Premium

Bouwbedrijven die hun medewerking hebben hebben verleend aan het po van Bouw-vak-werk om langdurig werklozen een baan in de bouw te geven zijn overwegend positief over de deelnemers. De inzet en motivatie wordt echter meer gewaardeerd dan het opleidingsniveau. Dit laatste vormde zelfs voor ongeveer een kwart van de werkgevers reden om de deelnemer na afloop niet in vaste dienst te nemen. Een strengere selectie had dit ke voorkomen.

vergt strengere selectie

Dit valt op te maken uit een tussentijdse evaluatie van de cao-afspraak uit 1989 om 2000 moeilijk plaatsbare werlozen een opleidings- en werkgarantie van in totaal twee jaar in de bouw te geven. De evaluatie is uitgevoerd door onderzoeksbureau Regioplan in opdracht van de stichting Bouw-vak-werk.

Sinds het begin van het po in 1989 hebben inmiddels 1750 werklozen aan het po deelgenomen. Verwacht wordt dat de 2000 Scholings- en Werkervaringsplaatsen (SWEV) pas in 1994 allemaal vervuld zullen zijn.

Uit het rapport valt op te maken dat het aantal potentiele kandidaten voor het werklozenpo aanzienlijk lager bleek dan was verwacht. De ‘bouwbestanden’ op de arbeidsbureau bleken nogal vervuild. Zo had een groot aantal ingeschreven al een baan gevonden, al of niet in de bouwnijverheid.

Het SWEV-po is voortvarend van start gegaan, zo oordelen de onderzoekers. Zeker gezien het feit dat de bouw de eerste branche was die een dergelijk po op zon grote schaal toepaste. Arbeidsbureaus, paritaire selectiecommissies en de regionale besturen van Bouw-vak-werk werkten aanvankelijk slechts met globale richtlijnen voor de selectie van kandidaten. Veel werd overgelaten aan het eigen inzicht.

Op het moment dat de bouwbestanden uitgeput raakten werd in veel gevallen kandidaten zonder bouwverleden in het po opgenomen. Een gevolg hiervan is dat de scholing soms onvoldoende aansloot bij de kennis die de deelnemers moeten hebben om het werker varingstraject met succes te ke volbrengen.

Vroeg stadium

Volgens directeur C. van Vliet van Bouw-vak-werk is hier reeds lering uitgetrokken en zal een en ander bij het gedeelte van de SWEV-deelnemers dat zich nog ergens in het SWEV-traject bevindt (ongeveer de helft) alsnog worden verbeterd. Het belangrijkste is volgens Van Vliet dat er een strengere selectie plaatsvindt.

“Te vaak zijn er door betrokkenen, vanuit een idealistisch standpunt, deelnemers in het traject gehandhaafd die beter in een vroeg stadium te horen hadden ke krijgen dat ze niet voor geschikt zijn.”

Voor de toekomst beveelt Bouw-vak-werk dan ook aan de voorselectie van mogelijke kandidaten bij de arbeidsbureaus te verscherpen. Ook moet Arbeidsvoorziening er alles aan doen om toegelaten kandidaten snel in het scholingstraject op te nemen. Daarnaast moet zij aan het einde van de geplande scholingsperiode een toets instellen om te ke peilen of het verantwoord is om de deelnemer in het vervolgtraject op te nemen.

Om het oude uitgangspunt te handhaven moeten verder worden toegezien dat de deelnemers tenminste een jaar werkloos zijn of iets korter indien langdurige werkloosheid dreigt. Ook moet de informatievoorziening aan kandidaten over het SWEV-po worden verbeterd om vroegtijdige uitval te voorkomen. Het gaat dan met name om betere voorlichting over de scholing, het werkervaringstraject en de mogelijkheden en faciliteiten voor aansluiting met het leerlingwezen. Daarnaast verdienen ook de beloning en de vorm van het dienstverband een betere toelichting.

Betere begeleiding

De vakopleidingsinstituten ke tenslotte door een betere begeleiding van de -‘SWEV’ers’ de voortijdige uitstroom beperken. Tevens moeten de te geven lesmodules in meer gevallen leiden tot het behalen van certificaten waardoor het de aansluiting op het leerlingwezen verbetert.

Van Vliet voegt er echter aan toe ‘zeker niet ontevreden’ te zijn over de resultaten. “We hebben hier tenslotte te maken met de harde kern van werklozen. Het belangrijkste is toch dat 75% een baan heeft gevonden,al of niet met diploma.”

Reageer op dit artikel