blog

Gasloos? NOM? 0-energie? Nee, hybride…!

bouwbreed 1997

Gasloos? NOM? 0-energie? Nee, hybride…!

Stel we zetten alles in op energie-nul-renovaties, op Nom, nul-op-de-meter, thuisbaas, en aanverwante concepten, en zeg we doen honderdduizend woningen per jaar; dan zijn we 72 jaar bezig om alles gasloos te krijgen en de CO2-emissies te reduceren. Laten we elkaar niet voor de gek houden. Honderdduizend woningen per jaar energie-nul maken gaan we never […]

Stel we zetten alles in op energie-nul-renovaties, op Nom, nul-op-de-meter, thuisbaas, en aanverwante concepten, en zeg we doen honderdduizend woningen per jaar; dan zijn we 72 jaar bezig om alles gasloos te krijgen en de CO2-emissies te reduceren.

Laten we elkaar niet voor de gek houden. Honderdduizend woningen per jaar energie-nul maken gaan we never nooit halen. Als dat al zou lukken dan zou dat ten koste gaan van een groot reboundeffect in al de energie die vrijkomt bij het produceren van de benodigde materialen.

Natuurlijk zet je per woning een grote stap als je helemaal van het gas los gaat. De aangepakte woning zal immers geheel draaien op hernieuwbare energie, en zelfs de embodied energie is in 10, of wellicht al in 7 jaar, terugverdiend.

Maar de niet gerenoveerde woningen blijven in dat verhaal fossiele energie verbruiken. Cumulatief loopt dat enorm hard op, met als gevolg dat de klimaatdoelstellingen van Parijs alleen maar verder uit het zicht raken.

Hybride

Nee, als we snel gas willen terugdringen in de bestaande voorraad en CO2-emissies willen reduceren, is een andere benadering nodig. De enige die ik kansrijk acht, is de hybride aanpak.

Hoe werkt het? We laten het gas-systeem intact, voorlopig, en hangen aan iedere ketel een kleine warmtepomp die volgens verschillende studies tussen de 40 en 75 procent van de warmtevraag voor zijn rekening moet kunnen nemen. Laten we niet te optimistisch zijn, en rekenen met 50 procent.

Het uitrollen van deze grootschalige installatie-ingreep is relatief eenvoudig en kan in drie jaar tijd geregeld zijn. Als het moet, kan het, lieten we in de jaren zestig zien toen woningen massaal op aardgas werden aangesloten.

De besparing is enorm: in drie jaar tijd vijftig procent op gas voor verwarming. Zet je volledig in op gasloos dan doe je daar tien keer langer over.

PV en Warmtepompen

Om woningen hybride te maken, leggen we alle daken ook vol met PV-cellen, zodat de warmtepomp direct met zonne-energie kan worden gevoed. Binnen drie jaar tijd levert ook dat een enorme besparing op: vijftig procent reductie op CO2 op verwarming.

Het hybride maken van de woningvoorraad heeft verschillende voordelen. Zo zijn de investeringen relatief beperkt en staat het hybride maken van de bestaande woningvoorraad nieuwe stappen ook niet onnodig in de weg.

Zonnecellen zijn sowieso nodig. De resterende warmtevraag kan verder beperkt worden door het limiteren van het verwarmde oppervlak in de koudste ‘ketelperiode’. Waarom zouden we een heel huis altijd moeten verwarmen? Waarom zouden we in veel materiaal investeren als je weet dat de periodes dat we de ketel nodig hebben steeds korter worden? Het is volstrekt onzinnig. Het was een luxe, slechts mogelijk door een grote gasbel in Groningen, die inmiddels is verbrast.

Zomer winter variant

We zullen de tering weer naar de nering moeten zetten. Denk aan een ‘zomer-winter-woning-variant’, waarbij slechts de hoofdleefruimte wordt verwarmd als het echt nodig is. Met infrarood, een techniek in opkomst, kunnen we de ketel op termijn bijverwarmen.

Als dat al nodig is, want hoe cynisch het ook klinkt, door de klimaatverandering neemt het aantal koude dagen af, en maakt de ketel zichzelf overbodig, al kan dat nog even duren.

Maak woningen hybride. Er zijn vervolgopties genoeg om tot een energieneutrale woningvoorraad te komen, ook op wijkniveau. Vijftig procent reductie van gasverbruik en CO2-emmissies is goud waard. Als we snel grote stappen willen maken, dan is de hybride aanpak de oplossing.

Ronald Rovers
Ronald Rovers is speaker, onderzoeker en organiseert climate-workshops en masterclasses. Rovers werkte jarenlang als lector bij Hogeschool Zuyd, studeerde architectuur en bouwfysica aan de TU Eindhoven en ontwikkelde een theorie en benadering dat architectuur geleid zou moeten worden door de fysica van de natuur.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels