blog

Marktvisie in strijd met Europese regelgeving

bouwbreed 311

Marktvisie in strijd met Europese regelgeving
Suzanne van de Kerk

Rijkswaterstaat brengt de nieuwe marktvisie in Nijkerk in praktijk met de renovatie van een brug. In de selectieprocedure wordt met marktpartijen overlegd over de aanpak. Dat komt in de plaats van selectie op grond van alleen de prijs. Pas als de keuze is bepaald, wordt de prijs vastgesteld. Dit is strijdig met de Europese aanbestedingsregels.

Natuurlijk is het belachelijk om te selecteren op alleen de prijs. Dat komt eigenlijk uitsluitend in de bouwsector voor en heeft zijn historie. De bouw kan of wil maar niet normaal worden. Dat blijkt wel weer uit wat er nu gebeurt. Een normaal mens bedenkt dat, als je niet meer alleen op de prijs wil selecteren, je ook nog op iets anders de aanbieders moet kunnen schiften. Daarom selecteert en contracteert de normale wereld op de verhouding tussen de leverantie (wat je krijgt) en de prijs (wat je betaalt).

Decadent gedrag

Daar in Nijkerk hebben ze nu bedacht dat niet meer ”niet alleen de prijs als selectiecriterium” eigenlijk betekent dat voortaan geselecteerd moet worden ”zonder prijs”. Het is niet te geloven dat deze foute toepassing van elementaire logica in een professionele omgeving mogelijk is. Want iedereen weet dat een prijs altijd in een competitie tot stand moet komen. Dat geldt ook voor de leverantie (output). In de output-prijsverhouding zit alles, dus ook de aanpak. De haringboer, die bij mijn moeder aan de deur kwam, verkocht fantastische haringen. Niet alleen omdat ze vers en koel waren, maar ook omdat hij ze perfect schoonmaakte. En reken maar dat de prijs ook een rol speelde! Alleen bij de rijken onder ons, de sjeiks en Rem Koolhaas, speelt de prijs geen rol. Het is verbijsterend dat onze Rijkswaterstaat dat decadente gedrag nu ook vertoont.

Dom gehouden

Minstens net zo erg – zo niet erger – is dat alleen de aanpak als selectiecriterium wordt gebruikt. Het ”hoe” is dus belangrijker dan het ”wat”. Daarmee worden de bouwers als processenboeren niet alleen dom gehouden, maar worden ze beoordeeld op vage beloften in plaats van op harde aanbiedingen. Dat is al enige tijd gaande. Eerst met de ”RWS-EMVI”, waarin de processen op een niet-transparante en subjectieve manier in geld worden uitgedrukt en van de prijs worden afgetrokken. Vervolgens, omdat de prijs nu opeens taboe is, wordt nog meer energie in Best Value Procurement (BVP) gestoken.

Totaal ongeschikt

BVP, waarbij de prijs inderdaad geen rol speelt, is echter totaal ongeschikt voor een publiek aanbestedingsproces. Het is lang geleden door Kashiwagi ontwikkeld om niet-competente dakdekkers van hutjes in Arizona te selecteren op hun vaardigheden. Het wordt nu (overigens alleen in Nederland) beleden en verspreid als een geloof. Dat kan ook niet anders omdat het in strijd is met algemeen aanvaarde beginselen ten aanzien van transparantie en objectiviteit. Dat komt omdat BVP is gebaseerd op risicodossiers, kansendossiers en interviews met sleutelfiguren.

Risico’s

Allereerst de risico’s. Een risico is een gebeurtenis met een kans van optreden en de financiële gevolgen daarvan. Dat zijn drie onzekerheden die niet alleen subjectief zijn, maar ook niet transparant kunnen worden behandeld en dus in geen enkel opzicht met elkaar kunnen worden vergeleken. Risico’s, en zeker de verdeling ervan tussen contractpartijen, horen niet thuis in de selectie en ook niet in een contract.

Kansen

Dan de kansen. Dat is nog een graadje erger dan risico’s. Daar waar risico’s nog iets te maken hebben met geld, gaat het bij kansen om frutsels en fratsen waar ijdele opdrachtgevers mee worden gestreeld en bediend. Het is levensgevaarlijk om kansen in een publieke aanbesteding te zetten. Een standbeeld van een wethouder op de sluisdeur is gewoon een gewaagde onderneming. Het is gokken en dus pervers. Het door Rijkswaterstaat met BVP geïnfecteerde Waterschap Vallei en Veluwe gunde onlangs een waterkering in Spakenburg onder meer op een leuke inscriptie op de kering.

Interviews

Ten slotte de interviews. Het is wellicht zinnig om in Arizona aan de eigenaar van een knutselbedrijfje te vragen of hij weet wat een hamer is, maar het is ronduit gênant om een sleutelfiguur van de BAM te vragen of hij het project wel begrijpt. Niet alleen omdat hij het veel beter begrijpt dan de door Rijkswaterstaat ingehuurde BVP-adviseur, maar vooral omdat de BAM als bedrijf geselecteerd en gecontracteerd wil worden, waarbij het er vooral om gaat dat hun aanbiedingen juist niet afhankelijk zijn van individuen.

Schaf verdeelcontract af

Hoe moet het dan wel? Niet zo moeilijk. Schaf het verdeelcontract af! Maak de opdrachtgever verantwoordelijk voor de context, inclusief stakeholders, en de aanbieder verantwoordelijk voor het bouwwerk inclusief proces. Contracteren en afrekenen op de output-prijs ratio en geen onzekerheden in het contract. Voor wie het niet begrijpt, moet maar iets gaan kopen in een winkel!

Schokkend

Het bericht uit Nijkerk is schokkend. De vraag is hoe het zo ver heeft kunnen komen. Eigenlijk is Rijkswaterstaat gewoon maar een uitvoeringsorganisatie van het ministerie van Infrastructuur & Milieu die onder meer assetmanagement en de daarbij horende inkoop als primair proces heeft. Voor de inkoop hoeft ze alleen maar de drie Europese regels in acht te nemen. Niet zo moeilijk dus.

Uitgekleed

In de afgelopen decennia is de organisatie uitgekleed en werden steeds meer inhuurkrachten op het primaire proces gezet. Die hebben zich als parasieten genesteld op aanbestedingen en contractering en maken daar steeds meer een enorme puinhoop van met als doel zoveel mogelijk risicoloze uurtjes en factuurtjes. Rijkswaterstaat wordt door die parasieten steeds zwakker. Waar Rijkswaterstaat  claimt een toonaangevende opdrachtgever te zijn, blijkt ze een uitgemergelde organisatie te zijn, die in café-bijeenkomsten inspiratie zoekt voor haar eigen marktvisie.

Wakker worden

Juist Rijkswaterstaat, die door alle lagere publieke opdrachtgevers blindelings wordt gevolgd, moet weten hoe ze de markt moet benaderen. Uitgezonderd de consultants in de café-bijeenkomsten  waren alle betrokken partijen aan het slapen. Het is de hoogste tijd om wakker te worden. En het wordt ook tijd dat Economische Zaken en de Mededingingsautoriteit  zich ermee gaan bemoeien want het is allemaal zeer oneerlijk, echt fout en het kost heel veel geld.

Prof dr ir H.A.J. de Ridder is emeritus hoogleraar Integraal Ontwerpen aan de faculteit der Civiele Techniek en Aardwetenschappen van de Technische Universiteit Delft.

Reageer op dit artikel