blog

To be or not to emvi

bouwbreed Premium

To be or not to emvi

Door de Aanbestedingswet en maatschappelijke ontwikkelingen wint het gunningscriterium Economisch Meest Voordelige Inschrijving (emvi) steeds meer terrein. Opdrachtgevers laten hiermee zien dat zij oprecht zoeken naar manieren om tot de kern van een emvi door te dringen, namelijk een goede balans vinden tussen een juiste prijs en een prima kwalitatief aanbod.

In theorie zijn de intenties goed maar in de praktijk is de uitvoering vaak beneden peil. Het gezegde ‘een gek kan meer vragen dan tien wijzen kunnen beantwoorden’ is hierbij regelmatig van toepassing.

Zo is er een markt ontstaan voor selectieadviseurs die van gekkigheid niet meer weten wat en hoe ze de uitvragen moeten stellen. De oorspronkelijke deskundigen bij opdrachtgevers zijn namelijk weggesaneerd of worden onkundig geacht of zijn ook onkundig om de complexe vraagstukken van tegenwoordig goed te doorgronden. En dus moet een extern bureau de objectiviteit waarborgen. Met als gevolg, dat er geen rekening meer wordt gehouden met bijvoorbeeld de past performance of relaties die er vanuit het verleden al zijn. Slechts de korte termijnvisie telt.

En dan zijn er nog de extra tenderkosten die moeten worden gemaakt. Om uiteenlopende redenen durven aanbieders deze kosten in hun aanbiedingen helemaal niet of slechts onvolledig door te belasten. Het is een onwenselijke situatie die onlangs ook door MKB-Nederland en VNO-NCW in een brief aan de Tweede Kamer is aangekaart. Terecht, want er komt een moment dat we mede door de aantrekkende markt de emvi-aanvragen gaan teruggeven. Zeker als het circus te omvangrijk is, de inspanningen te groot en er geen of nauwelijks reëel zicht is op een fatsoenlijk resultaat en/of marges.

De vraag voor de komende tijd wordt dan ook: to be or not to emvi?

Reageer op dit artikel