artikel

Circulair bestemmen: hoe kun je hergebruik stimuleren?

bouwbreed 505

Circulair bouwen krijgt inmiddels steeds meer voet aan de grond. Gesterkt vanuit overheidsambities zoals geformuleerd in het programma Nederland Circulair in 2050, gevoed vanuit allerlei innovaties in de markt en gestimuleerd door succesvolle flagship-projecten ontwikkelt de circulaire bouw zich steeds verder en wordt het optimaal inzetten en hergebruiken van grondstoffen een steeds belangrijker onderdeel van bouw- en gebiedsontwikkeling.

Circulair bestemmen: hoe kun je hergebruik stimuleren?

In de bouw zijn grote circulaire voordelen te behalen, maar tegelijkertijd liggen er juridisch gezien nogal wat (vermeende) obstakels en zijn er te weinig elementen die circulaire bouw- en gebiedsontwikkeling een verdere stimulans geven. Echt grootschalige investeringen in circulaire bouw zullen echter pas volgen nadat de er een solide kader is waarbinnen met name ook eenduidigheid bestaat over de status van juridische vragen omtrent eigendom, contracteren en aansprakelijkheden en publiekrechtelijke eisen. Op veel van deze vragen is in het lezenswaardige preadvies van de Vereniging voor Bouwrecht (Circulair bouwen, Den Haag: VBR 2018) ingegaan, en daarom ga ik daar hier niet uitgebreid op in. Een specifieke vraag wil ik hier wel verder aan de orde stellen; hoe kun je hergebruik van gebouwen stimuleren via de ruimtelijke ordening?

Afdwingbaar maken

De gedachte van een circulaire economie beperkt zich niet alleen tot het hergebruik van primaire grondstoffen. Ook als gebouwen zelf op een eenvoudiger wijze hergebruikt kunnen worden levert dat winst op voor het doelmatig en duurzaam gebruik van grondstoffen in bredere zin. Herbestemmen en transformeren van bestaande bouwwerken moet passen binnen een goede ruimtelijke ordening. Om die reden kan leegstand of versnippering een reden zijn om via herziening van het bestemmingsplan over te gaan tot herbestemming, maar voor het duurzaam gebruik van bestaande bouwwerken en materiaalgebruik is dat minder voor de hand liggend omdat dat geen ruimtelijk relevant aspect is. Het afdwingbaar maken van hergebruik in een bestemmingsplan is daarom op dit moment niet goed realiseerbaar.

Ingewikkelde zaak

Circulaire bouw- en gebiedsontwikkeling zou echter wel gestimuleerd kunnen worden met het vergemakkelijken van herbestemmingsmogelijkheden. Op dit moment is het wijzigen van bestemmingen zowel procedureel als materieel vaak een ingewikkelde zaak. Dat komt mede omdat voor verschillende soorten gebruik ook verschillende omgevingsrechtelijke voorschriften gelden; denk bijvoorbeeld aan de transformatie van voormalige industriegebieden naar gemengde woon/werkgebieden en met name de gevolgen daarvan voor geluidhinder en externe veiligheid.
Het flexibel bestemmen door middel van een ruime bestemmingsomschrijving in het bestemmingsplan, waardoor verschillende functie gecombineerd worden. Backes en Boeve wijden hier in het genoemde preadvies ook de nodige overwegingen aan. Belangrijke vraag is bijvoorbeeld of een bestemming niet te ruim geformuleerd wordt zodat men met het gebouw alle kanten op kan en op voorhand niet duidelijk gemaakt kan worden of het plan ruimtelijk aanvaardbaar is.

Kameleonbestemming

In het kader van experimenten met de Crisis- en herstelwet wordt soms een kameleonbestemming toegepast. Dat is een tijdelijke bestemming die na verloop van tijd van kleur verschiet. Hoewel de context van deze experimenten vooral ligt in de ontwikkeling van gemengde transformatiegebieden, zou een dergelijke tijdelijke bestemming wellicht mogelijkheden bieden voor gebouwen die binnen een afzienbare periode hergebruikt kunnen worden. Een voorwaarde is dan wel dat op het moment van vaststelling van het plan de toekomstige transformatieplannen al duidelijk moeten zijn, ten einde geen rechtsonzekere planregeling vast te stellen.
Met de komende Omgevingswet worden de mogelijkheden om zowel ten aanzien van primair grondstoffengebruik als ten aanzien van hergebruiksmogelijkheden van het gebouw zelf regels te stellen groter. Dat komt onder meer door de inzet op meer flexibiliteit in de wet. De vragen rondom flexibiliteit en het borgen van een ruimtelijk aanvaardbaar plan blijven echter onverminderd actueel bij circulair herbestemmen onder de Omgevingswet.


Jacco Karens, Juridisch stafmedewerker/redacteur TBR

Meer weten?
Op 5 juni 2019 organiseert het IBR in Utrecht een Studiedag Publiek- en privaatrechtelijke aspecten van circulair bouwen waarin alle juridische vragen rondom circulair bouwen aan bod komen. Zie www.ibr.nl/activiteiten/agenda/studiedag-publiek-en-privaatrechtelijke-aspecten-van-circulair-bouwen-i-en-ii/
Reageer op dit artikel