artikel

‘Luchtkastelen bouwen met drones’

bouwbreed

‘Luchtkastelen bouwen met drones’

De bouwwereld moet het voortouw nemen voor de toepassing van drones, vindt Walter Parlevliet. De bouwjurist ziet de regels snel versoepelen en dan ligt de derde dimensie definitief open.

Beveiliging van bouwplaatsen, monitoring van af zinkoperaties of het hijsen van zware lasten. Het kan volgens Walter Parlevliet allemaal vanuit de lucht gebeuren met drones. Kleine met een camera of sensor eronder, maar ook grote exemplaren die een paar ton kunnen heffen. En hij ziet ze ook nog wel energie winnen, door zonnepanelen in de lucht te houden, of windturbines omdat op grote hoogte geen wolken zijn en het harder waait. “De technieken staan aan de deur te bonken. Je houdt het niet tegen.”

Doodsteek

De jurist legde zijn ideeën recent neer in twee publicaties: Terecht Bouwrecht en het Handboek Luchtrecht. Regelgeving is volgens Parlevliet nu nog de beperkende factor en loopt hopeloos achter bij de technische mogelijkheden. In de zomer van 2013 zette het Rijk zo’n beetje het complete luchtruim op slot voor drones. Particulieren mochten vanaf dat moment nog wel wat spelen met lichte toestelletjes, maar voor bedrijfsmatige toepassingen waren vanaf dat moment ontheffingen nodig. En om die te krijgen moest er een opgeleid piloot zijn, en een doortimmerd kwaliteitshandboek. “Dat betekende de doodsteek voor veel startupbedrijfjes die iets probeerden met drones, want de maatregel joeg hen op hoge kosten.”

Parlevliet heeft sterke aanwijzingen dat het regime snel gaat veranderen. “De regels zullen voor particulieren veel strenger worden en voor bedrijven juist soepeler. De gecertificeerde bedrijven zullen in de nabije toekomst niet meer een ontheffing per operatie hoeven aan te vragen, maar kunnen beschikken over een ontheffing voor langere tijd, zolang ze zich netjes aan de spelregels houden.”

Geschillen voorkomen

Met zijn eigen bedrijf PAC Audiovisual Recordings legt hij al bouwkundige opleveringen vast om geschillen te voorkomen. “Dan wordt het gemakkelijker om het dak of de schoorsteen ook nog even te inspecteren zonder dat je moet terugvallen op een clausule in de trant van: geldig zover de inspectie reikt.”

Maar vooral openen zich dan die vergezichten. De sciencefictionboekjes uit Parlevliets jeugd worden plots werkelijkheid. Dan ziet hij vliegende auto’s door het luchtruim scheren en zelfs kranen die complete brugdelen op pijlers leggen. Ook dat vraagt natuurlijk weer om regulering en daar ziet hij een rol voor zichzelf weggelegd. Vanuit zijn technische interesse en juridische kennis heeft hij al een octrooi aangevraagd op een idee om onderling voldoende afstand te bewaren tussen drones, zodat er geen botsingen ontstaan. “Geen dichtgetimmerd technisch concept, maar een denkrichting vastgelegd in een registrerend octrooi. Als er een be drijf is dat het samen met mij verder wil brengen tot een product: be my guest”.

Fantasie

In zijn fantasie gaat Parlevliet nog een stap verder en filosofeert hij over zwevende gebouwen. Luchtgebonden bouwen, dat een paar jaar geleden in de mode was, gaat hem nog niet ver genoeg. “We gaan luchtkastelen bouwen. Meer nog dan in het verleden zoeken bouwplaatsen en gebouwen de derde dimensie op. Vandaar ook dat ik het idee toejuich van prins Pieter Christiaan om de marineluchtbasis Valkenburg om te toveren tot een drone-valley. Een internationaal expertisecentrum vlak bij zee zodat je zonder gevaar kunt oefenen met allerlei manoeuvres en technieken. Het biedt Nederland een uitgelezen kans om internationaal het voortouw te nemen. En als de bouwwereld slim is, zorgt die dat ze vooraanstaat.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels