artikel

Nieuwe Woningwet verplicht corporaties tot aanbesteden

bouwbreed Premium

Met de voorgenomen herziening van de Woningwet wordt de controle op woningcorporaties dusdanig, dat zij hun opdrachten Europees zullen moeten gaan aanbesteden. De wetgever heeft nog getracht maatregelen te nemen om die Europese aanbestedingsplicht te voorkomen door een toevoeging in de wet op te nemen dat een aanwijzing van de minister richting een woningcorporatie geen betrekking zal hebben op het plaatsen van opdrachten door de woningcorporatie.

Deze toevoeging aan de Herzieningswet is echter symbolisch en zal niet kunnen voorkomen dat een Europese of nationale rechter in de toekomst zal oordelen dat woningcorporaties Europees aanbestedingsplichtig zijn.

De vraag of een woningcorporatie zijn opdrachten Europees moet aanbesteden, moet naar Europees recht worden beantwoord. Daarbij is in het geval van woningcorporaties met name van belang in hoeverre deze onder controle van de overheid staan. Het moet gaan om actieve controle op het beheer door een overheidsorgaan dat zelf aanbestedingsplichtig is en niet alleen om controle achteraf.

Actief bemoeien

Met de ‘Herzieningswet toegelaten instellingen volkshuisvesting’ wordt de controle op woningcorporaties aanzienlijk uitgebreid. Met name gemeenten krijgen een belangrijke rol toebedeeld. Zij zullen zich actief moeten bemoeien met de taken van de woningcorporaties binnen hun gemeenten. Ze kunnen meer informatie opvragen bij woningcorporaties en moeten tot bindende en controleerbare prestatieafspraken komen over onder andere (de kwaliteit en betaalbaarheid van) de woningvoorraad en de mate waarin woningcorporaties zich bezig mogen houden met activiteiten op de niet-gereguleerde woningmarkt. De woningcorporaties moeten bijdragen aan de uitvoering van het gemeentelijk volkshuisvestingsbeleid en moeten ieder jaar inzicht verschaffen in de door de woningcorporatie voorgenomen projecten en werkzaamheden.

Door deze wijzigingen zal sprake zijn van eerder genoemde actieve controle op het beheer van de woningcorporaties, waardoor zij aanbestedingsplichtig zullen zijn. Deze visie is al uitgebreid toegelicht in omvangrijke bijdragen in tijdschriften, nog tijdens het wetgevingsproces.

Schijnzekerheid

Met het aangenomen amendement van de Eerste Kamerleden Schouten en Bisschop, waarmee in de Herzieningswet wordt toegevoegd dat aanwijzingen van de minister aan een woningcorporatie (een soort controle) geen betrekking hebben op het plaatsen van opdrachten, wordt zoals gezegd een poging gedaan de aanbestedingsplicht voor woningcorporaties buiten de deur te houden. Dit amendement leidt tot schijnzekerheid voor woningcorporaties over de vraag of zij na inwerkingtreding van de herzieningswet aanbestedingsplichtig zullen zijn. Het zijn immers in de eerste plaats de Europese aanbestedingsregels die bepalen of een woningcorporatie eventueel aanbestedingsplichtig is. Het bovengenoemde amendement is dan ook een loze toevoeging aan een wet die het mogelijk zal maken dat de rijksoverheid en gemeenten een wezenlijke en actieve invloed kunnen uitoefenen op het beheer van een woningcorporatie; feitelijk zal die invloed zich waarschijnlijk ook uitstrekken op het plaatsen van opdrachten.

Daarnaast lijkt de drang van de wetgever om woningcorporaties koste wat kost niet te onderwerpen aan een aanbestedingsplicht niet goed te rijmen met de politieke wens om de topbeloningen bij woningcorporaties te matigen. Juist deze drang naar objectiviteit in beloning zou goed samenvallen met één van de doelen van verplicht aanbesteden: objectieve selectie van contractpartners.

De Eerste Kamer zal het wetsvoorstel dit voorjaar verder behandelen. Naar verwachting treedt de herziening van de Woningwet op 1 juli 2015 in werking.

Marc Kuijper, addvocaat bij Boekel de Nerée

Reageren op dit artikel? Dat kan via redactie@cobouw.nl of op Twitter via @CobouwNL

Reageer op dit artikel