artikel

Een ontwikkelagenda van en voor steden

bouwbreed

Een ontwikkelagenda van en voor steden

Het kabinet-Rutte wil in 2015 komen met een Agenda Stad. Deze gaat over de ontwikkeling en bestuurskracht van steden in relatie met hun ommeland. Private en publieke partijen mogen meedenken en meedoen.

Steden staan onder invloed van economische schokgolven, klimaatverandering, energietransitie, vergrijzing, armoede en internationale migratie. Nederlandse steden doen het in economisch opzicht relatief goed, maar blijven qua productiviteit wat achter bij vergelijkbare steden in Europa. Bovendien is er ontegenzeggelijk sprake van toenemende concurrentie. Er is dan ook behoefte aan een realistisch perspectief voor een duurzaam vestigingsklimaat voor wonen en werken in de stad. 

Agenda Stad

De onlangs gepresenteerde ontwerpbegroting van het ministerie van Binnenlandse Zaken constateert dat de kracht van steden en stedelijke regio’s kan – nee, moet – worden verbeterd. Tenminste, als ons land de internationale concurrentie wil aangaan. Het kabinet-Rutte wil daarom in 2015 komen met een Agenda Stad. Deze agenda gaat over de ontwikkeling en bestuurskracht van grote en kleine steden in relatie met hun ommeland, maar ook over concurrentie en complementariteit tussen stedelijke regio’s en het belang van de samenwerking in regionale, nationale en internationale stedelijke netwerken.

De ambitie van de Agenda Stad is om Nederlandse steden in de wereldtop te laten meedoen, de vitaliteit en veerkracht ervan te vergroten en ervoor te zorgen dat steden ook in de toekomst een aantrekkelijk en concurrerend vestigingsklimaat hebben om in te wonen, werken en leven. Dat kan door de verschillende, samenhangende thema’s te agenderen, innoveren en vooral door samen te werken en kennis en ervaring uit te wisselen.

Invulling

Verantwoordelijk minister Plasterk wil op een interactieve wijze partijen laten participeren in de totstandkoming van de agenda. De start is inmiddels gemaakt, maar het aardige van dit proces is dat er weliswaar een kader en een doelstelling zijn geschetst, maar dat de invulling daarvan de komende periode gaat plaatsvinden. De rijksoverheid faciliteert dit proces en stimuleert private en publieke partijen om mee te denken en vooral mee te doen, maar staat niet zelf aan het roer. Deze manier van beleidsvorming heeft alles te maken met de gedachten achter de participatiemaatschappij. De Agenda Stad is te beschouwen als een ontwikkelagenda van en voor steden. Burgemeesters, wethouders en actieve burgers vormen daarin boegbeelden van maatschappelijke en bestuurlijke innovatie.

Het is vanzelfsprekend dat ook captains of industry, durfinvesteerders, de creatieve klasse en kenniswerkers een rol zullen krijgen bij de discussies over en het opstellen van zo’n agenda. Zonder hen is dat immers onmogelijk. Maatschappelijke initiatieven krijgen toegang tot een breed netwerk en een aansprekend platform. Al deze opgaven en uitdagingen worden niet aan de voorkant van het proces benoemd, maar krijgen vorm in de dialoog tussen alle partijen.

Intensieve samenwerking

Zo’n agenda kan alleen maar goed werken zijn wanneer deze in een open, interactief proces tot stand komt met alle relevante betrokkenen. Steden, omliggende gemeenten, provincies, waterschappen, rijksoverheid, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties, burgers en bedrijven zullen dat dan ook samen gaan doen. Voor een noodzakelijke verbetering van de internationale concurrentiepositie is dat nodig.

De borging van een duurzame, ruimtelijke kwaliteit, diversiteit en leefbaarheid leidt automatisch tot intensieve samenwerking tussen bestaande en toekomstige initiatieven en ambities van de rijksoverheid en steden. Dat geldt net zo goed voor de samenwerking tussen de domeinen van het openbaar bestuur als rijksvastgoed, wonen en bouwen, ruimte, water, milieu, bereikbaarheid, regionale economie en innovatie.

Ook in omringende landen wordt gewerkt aan stedelijke agenda’s. Daarom hebben de lidstaten van de Europese Unie, op initiatief van Nederland en samen met de Europese Commissie, besloten een gezamenlijke European Urban Agenda op te stellen.

Prof.dr. Oedzge Atzema, hoogleraar economische geografie in Utrecht en drs. Robbert Coops, geassocieerd partner bij Winkelman Van Hessen. Reageer via redactie@cobouw.nl of via Twitter naar @CobouwNL

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels