artikel

Ruimtelijk beleid vraagt ‘scorende spits’

bouwbreed Premium

Ruimtelijk beleid vraagt ‘scorende spits’

De rijksoverheid neemt in het Jaar van de Ruimte in 2015 het initiatief voor een inspirerend debat over de opgaven van ons land in 2040, weet Robbert Coops. Aan controle is daarbij geen behoefte. Voor succes is een afmaker vereist.

Het Jaar van de Ruimte kreeg het motto ‘Wie maakt Nederland’, eigenlijk een open vraag waarop het antwoord makkelijk te geven is. ‘Wij’ maken immers ons land, niet meer en niet minder. Deltawerken, natuurbouw, maar ook ruilverkavelingen en dijkverhogingen zijn de tastbare exponenten van de maakbaarheid van ons land. Bij dat alles worden de rol, de macht en overtuigingskracht van de overheid het laatste decennium steeds minder dominant. Dat komt zeker niet alleen door de financiële crisis, maar ook door het politieke besef dat de samenleving niet alles dat achter de tekentafel is bedacht, met veel enthousiasme en daadkracht ontvangt. Bovendien is die samenleving mondiger en veeleisender.

Inmiddels zijn allerlei hoofdpijndossiers ontstaan, waardoor de kritiek op het ruimtelijk beleid is toegenomen. “Voor het eerst worden vraagtekens gezet bij het groeiparadigma, de verdienmodellen en de rol van de overheid in de ruimtelijke ordening”, aldus Martijn Duineveld en Raoul Beunen in een recent artikel met als veelzeggende titel ‘Succes verblindt’. Zij wijzen erop dat het perverse grondbeleid dat de overheid in een dubbelrol jarenlang heeft kunnen uitvoeren, aangeeft dat ruimtelijke ordening in ons land zeker “geen perfect planningssysteem is dat rationele oplossingen biedt voor collectief gedragen oplossingen”. Ook het Actieplan Krachtwijken is volgens hen een voorbeeld van een mislukte beleidsaanpak, die voorbijgaat aan de alledaagse werkelijkheid van het sociale leven in een buurt.

De langzamerhand aanzwengelende kritiek op de effectiviteit en kwaliteit van de ruimtelijke ordening en zijn beoefenaars heeft ongetwijfeld ook met de actuele ambities over en de beperkte resultaten van de maakbaarheid en stuurbaarheid van ons land en samenleving te maken. “In geouwehoer kan je niet wonen” zijn de legendarische woorden van staatssecretaris Jan Schaefer, in het kabinet-Den Uyl verantwoordelijk voor de volkshuisvesting.

Dick Hamhuis, een van de initiatiefnemers van De Gelderse Poort, een project uit de Vinex-nota, verwoordt het in de onlangs verschenen publicatie ‘Wie maakt Nederland?’ wat minder plastisch: “Kwaliteit is niet alleen te realiseren door het vast te leggen in een nota alleen”. Hij beoordeelt de resultaten van het ruimtelijk beleid uit die tijd weliswaar positief, maar constateert ook dat het mobiliteitsbeleid niet goed heeft ingespeeld op de verstedelijking. Er zijn “corridorlandschappen ontstaan: snelwegen, dichtgesmeerd met verschrikkelijke bedrijventerreinen, gemengd met kantoren, alleen bereikbaar met auto of vrachtwagen”.

Daar tegenover staat de positievere opvatting van ir. Hans Leeflang die jarenlang bij de Rijksplanologische Dienst werkte en nu actief is bij het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Hij vindt bijvoorbeeld dat de Vierde nota ruimtelijke ordening (Extra) wel degelijk geleid heeft tot de uitvoering van het toen voorgestane beleid. “Moet je kijken wat er allemaal is gerealiseerd! Je kunt ervan vinden wat je wilt, maar ik vind het indrukwekkend. Het zijn niet alleen de Vinex-wijken, denk ook aan de Ruimte voor de Rivier, de haven van Rotterdam, de hsl-stations en Schiphol.”.

Volgens de rijksoverheid zou er nu behoefte bestaan aan een inspirerend debat over de opgaven van ons land in 2040. De overheid zal dat entameren en organiseren. Via kennisuitwisseling en andere vormen van communicatie staat dat in 2015 te gebeuren onder aanvoering van Platform31. Op www.wiemaaktnederland.nl staan nu al de contouren voor een discussie die zal kunnen leiden tot een herijking of revisie van het ruimtelijk instrumentarium en beleid alvast aangegeven. En – om in voetbaltermen af te sluiten – er is geen behoefte aan een controlerende middenvelder, maar aan een scorende spits. Een afmaker dus.

Drs. Robbert Coops, sociaal-geograaf en werkzaam bij Schinkelshoek Verhoog r.coops@schinkelshoekverhoog.com

Bron: Willy van de Riet (2014): Wie maakt Nederland?, ministerie van Infrastructuur en Milieu/Platform31. www.wiemaaktnederland.nl

Reageer op dit artikel